Voorspelling 911 uit 1994

 http://www.jtfarchive.org/audio/09111994a.mp3

 http://www.jtfarchive.org/audio/09262001a.mp3

 http://www.jtfarchive.org/audio/11282001a.mp3

http://mp3.sharpens.org/20071203ISI.mp3

 

 

 

http://www.jtf.org

16 October 2010
By on 03:48
Hamasaanhangers annexeren Kristallnacht

Vandaag is het precies zeventig jaar geleden dat nazi’s in Duitsland honderden synagogen in brand staken en duizenden winkels en bedrijven verwoestten. De geweldsuitbarsting tegen Joden geldt als de aanloop naar de Holocaust en wordt jaarlijks herdacht. In Amsterdam wordt de herdenking georganiseerd door niemand minder dan Hamas-aanhanger Rene Danen. U weet: Een feest is geen feest als de boys van Nederland Bekent Kleur niet langs zijn geweest. Maar laten we – zucht, voor de zoveelste keer – eens stilstaan bij Rene Danen, zijn clubje boeroepers en diens symphatisanten. Zoals bekend staat het trotskistische clubje Nederland Bekent Kleur (NBK) al sinds 1992 vooraan bij elke anti-racisme betoging. Op 27 maart 2004, tijdens de herdenking van sjeik Ahmed Yassin bijvoorbeeld. Toen onder aanvoering van Miryam Aouragh van de Internationale Socialisten (IS) en Dyab Abou Jahjah van de Arabisch-Europese Liga (AEL) het ‘Hamas Hamas. Joden aan het gas!’ door de Amsterdamse straten galmde. Rene Danen liep er tussen en zag dat het goed was. Maar ook tijdens de Palestina-betoging in april 2002, omschreven als de "Grootste manifestatie van antisemitisme sinds 1945", waarbij Joodse omstanders werden gemolesteerd, antisemitische leuzen werden gescandeerd en Osama bin Laden werd toegezongen. Nederland Bekent Kleur, De Internationale Socialisten en Job Cohen waren er bij. Mirjam Aouragh en Mohamed Rabbae, twee destijds aanwezige betogers, deden zelfs boehoe over het optreden van de politie, maar hielden hun mond over de jodenhaat. En driemaal raden wie er vandaag mag spreken op de herdenking van de Kristallnacht? Juist. Diezelfde Mohamed Rabbae. Samen met Ed van Thijn, wiens familieleden – net als die van Job Cohen – 67 jaar geleden drie straten verderop door de nazi’s werden afgevoerd. Als het niet om te huilen was, zouden we er om lachen. Fijne herdenking iedereen.

Bron

Ongemakkelijke Kristallnacht herdenking

Door Keesjemaduraatje
Zeventig jaar geleden vond in nazi-Duitsland de Progromnacht plaats, een door de SA georganiseerde aanval op Joden en Joodse winkels en bedrijven. Deze aanval wordt door de nazis als Kristallnacht aangeduid, vanwege het vele glas dat sneuvelde. De herdenking van deze nacht in Amsterdam wordt georganiseerd door extreem-linkse personen en groeperingen. Een ongemakkelijke samenwerking.

De nagedachtenis aan de slachtoffers van het nazi regiem wordt niet alleen bezoedeld door de ontkenners van de Holocaust. Ook de groepering en personen die de eenmaligheid van deze periode in twijfel trekken, brengen schade aan. Door te ontkennen dat de vervolging en vernietiging van Joden, Roma en Sinti op een zo grote schaal en met geindustrialiseerde methodes zijn weerga in de geschiedenis tot nog toe niet kent, wordt geprobeerd de Holocaust tot een geschiedkundige gebeurtenis van normale proporties terug te brengen. Het verdwijnen van deze grote ramp uit het collectieve geheugen is dan de volgende stap.  De derde aanval op de nagedachtenis aan de slachtoffers wordt gevormd door de zogenaamde vervangingstheorie. Het lijden van het Joodse volk wordt geleidelijk, maar consequent vervangen door het lijden van andere volkeren. 

De vervangingstheorie

Tijdens mijn tienjarige verblijf in Duitsland gebeurde dat vervangen van het ene lijden door het andere regelmatig. Niet door nazis maar vrijwel altijd door mensen van linkse signatuur. Ik kan er niets aan doen en het is voor mij nog steeds pijnlijk om dat te moeten erkennen. "Wat hebben jullie dan met de Mollukkers uitgehaald", werd er dan bijvoorbeeld gezegd. Dat kostte mij dan weer een uur om uit te leggen dat er een groot gradueel verschil is tussen georganiseerde volkerenmoord en een kolonisatie. Zelfs de politionele acties, met de schandalige excessen,  hebben nooit tot doel gehad de gehele Indonesische bevolking uit te moorden.  Het zijn niet de domme mensen die deze vergelijkinge maken. Juist universitair geschoolde mensen, maar wel mensen met hersenluiheid, maken dit soort vergelijkingen.

De herdenking
Op Zondag 9 november 2008, 19.30 – 20.30 uur wordt aan de Amstel bij het Stadhuis Amsterdam (hoek Amstel, Zwanenburgwal) de Pogromnacht van 1938 herdacht. De organisatoren van Nederland Bekent Kleur zijn zonder uitzondering extreem-linkse activisten, vaak verbonden aan de Internationale Socialisten. Een organisatie die het recht op het bestaan van de staat Israël ontkent, banden onderhoudt met de antisemitische organisatie AEL en de terreurorganisatie Hamas steunt.  Dat is op zich al een schande. Daar komt nog bovenop, dat de drie geschetste methodes om de nagedachtenis aan de tijdens de Holocaust omgekomen joden te bezoedelen ten volle door deze organisatie wordt toegepast.

Een citaat:
"Centraal in de herdenking staat de link tussen verleden en heden. Met als belangrijke les om niet weg te kijken, maar stelling te nemen. Het belang hiervan is sinds 11 september 2001 en met de opkomst van nieuwe rechtspopulistische partijen in de Tweede Kamer nog groter geworden. Helaas juist in ons land: Nederland is gedegradeerd van ambassadeur van tolerantie, tot land van intolerantie. Volgens Amnesty International en de Monitor Racisme is er een duidelijke toename van verbaal en fysiek geweld tegen ‘migranten’. "

Het is duidelijk dat hier een volkomen ondoordachte en schadelijk vergelijking wordt gemaakt, door de georganiseerde aanval van een dictatoriaal regiem op een bevolkingsgroep, gelijk te stellen aan de verkiezing van een rechtse partij in een democratisch land. Niet alleen demoniseert de organisatie hiermee de in haar ogen rechtspopulistische partijen, maar er vind ook "Verunglimpfung der Tatopfer" plaats, zoals de Duitsers dat noemen. De nagedachtenis wordt gebanaliseerd.

Migrantenbeleid
Ook de vergelijking van de Kristallnacht met het huidige migrantenbeleid gaat natuurlijk volkomen mank. Zelfs het vluchtelingenbeleid van nu is helemaal niet te vergelijken met de vluchtelingenproblemen in de jaren dertig. Iedere vluchteling die Nederland binnenkomt heeft recht op een proces en wordt gevoed en gehuisvest. Pas als de rechter heeft besloten dat de vluchteling niet op politieke gronden zijn land verlaten heeft, worden er hardere maatregelen toegepast.

Deelnemers en sprekers
Tot zover is voor mij tenminste duidelijk dat de organisatoren van de herdenking van de Kristallnacht hun eigen politieke doelen willen nastreven en daarbij ongepaste vergelijkingen maken. Laten we nog even kijken naar de sprekers op de herdenking.

Mohammed Rabbae (ex-GroenLinks) heeft op vele momenten in zijn politieke carriere te kennen gegeven dat hij de PLO van Yasser Arafat steunt en dat de staat Israel wat hem betreft geen bestaansrecht heeft. Hij heeft meerdere malen Nederlandse politici vergeleken met Hitler. Daarmee geeft hij aan geen afgewogen historische vergelijking te kunnen maken. (Zie ook het weblog van Carel Brendel over deze Rabbae.)

Tijdens de herdenking wordt ook de aan de Internationale Socialisten gelieerde Rene Boer geinterviewd. De planoloog in opleiding en lid van de "Universitaire Activisten" heeft vorig jaar in een filmproject voor de Groene Amserdammer zijn anti-Israel houding duidelijk laten zien. Daarbij gaat het niet alleen om kritiek op de bezettingspolitiek, maar om een principiele afwijzing van het recht op een eigen staat voor Joden, zoals blijkt op zijn film over Palestijnse vluchtelingen in Syrie.

Opvallend is zeker, dat Rene Boer, ondanks zijn grote maatschappelijk engagement, geen woord van kritiek op de dictatoriale Syrische regering laat vallen en wel een Palestijnse vluchteling zulke haatdragende taal laat uitslaan.

De andere spreker is Ed van Thijn, ongetwijfeld een man met een indrukwekkende staat van dienst, als minister van Binnenlandse zaken. Bovendien door zijn familiegeschiedenis en onderduikverleden een slachtoffer van de Holocaust. Hoe kan zo iemand het toch nog bij het foute eind hebben, vraag je je af. Het valt mij ook niet licht om iemand met dat verleden te bekritiseren omdat hij bij een herdenking van de Pogromnacht spreekt. Toch maakt ook hij verkeerde vergelijkingen en is tegenover andere genocides om politieke redenen veel te mild. Bijvoorbeeld over de Armeense genocide zei hij (om zijn partijgenoot Albayrak te beschermen) : "Ik twijfel niet aan het genocideachtige karakter van wat er toen met de Armeniers gebeurde, maar, zegt hij, we kunnen niet generaties lang leven op basis van haat en wraakgevoelens. "

Ed van Thijn maakt regelmatig vergelijking tussen islamofobie en antisemitisme. Het is zijn goed recht daar een mening over te hebben, maar hij ziet over het hoofd dat in alle islamitische staten, zoals Iran, Irak, Somalie en Indonesie, de Joden worden verjaagd en uitgemoord, terwijl in Israel wel islamieten met burgerrechten mogen wonen. Dat wat in Nederland aan kritiek op het islamitische geloof wordt geuit, is op geen enkele manier te vergelijken met de vernietiging tijdens de Tweede Wereldoorlog. Ook hij maakt zich dan schuldig aan de vertroebeling van de noodzakelijke discussie.

De laatste zin van de uitnodiging voor de herdenking van de Kristallnacht luidt: Ongeacht afkomst; zwart, wit, Moslim, Jood, vluchteling: in Nederland is iedereen welkom.   

Dat kunnen de organisatoren zo stellen, maar de herdenking van de Kristallnacht zelf is nu niet voor iedereen meer toegankelijk.

Bron

UPDATE2: Brutaal als de beul: Hamas-sjaaltjes bij de Kristallnacht

Wat is de beste outfit om stil te staan bij de Kristallnacht? Voor enkele bezoekers van de door het comité Nederland Bekent Kleur (NBK) in Amsterdam georganiseerde herdenking was dat de rode keffiyeh, ook wel bekend als de Arafat-sjaal, maar dan in de kleuren van Hamas. Nederland Bekent Kleur is een organisatie, die zogenaamd het racisme bestrijdt, maar in werkelijkheid in handen is van de Internationale Socialisten, die geen gelegenheid voorbij laten gaan om solidair te zijn met antisemitische terreurbewegingen als Hamas en Hezbollah.

In het handvest van Hamas staat de strijd tegen de Joden centraal. Die strijd gaat door totdat de Joden zich verstoppen achter bomen en rotsen en zullen roepen: “O moslim! er verstopt zich een Jood achter mij, kom op en dood hem!” Met sjaaltjes van deze beweging tooiden zich dus enkele deelnemers aan de herdenking van de Kristallnacht van 1938, de grootschalige terreuractie van het Duitse nazi-regime tegen de Joodse bevolking. Brutaal als de beul heet dat.

Brutaal als de beul is ook de wijze waarop René Danen en zijn trotskistische vrienden de herdenking hebben gepresenteerd. NBK kondigde vooraf de komst van de Amsterdamse burgemeester Job Cohen aan, volslagen ten onrechte, zo bleek zondag. (* Zie correctie onderaan het hoofdverhaal) NBK wekte bovendien de onjuiste indruk dat de herdenking buiten aan de Zwanenburgwal iets te maken had met een bijeenkomst, die binnen in de Boekmanzaal van het stadhuis werd gehouden door het Centraal Joods Overleg en waar minister van Justitie Ernst Hirsch Ballin als spreker optrad.

In naam van het antiracisme lijkt in Nederland alles geoorloofd, zelfs het kapen van de Kristallnacht door antisemieten.

Lees ook:

Afshin Ellian: Rabbae en Van Thijn, blijf weg bij Kristallnacht

Internationale Socialisten: Racisme bestrijden door solidariteit te tonen

Anja Meulenbelt: Kristalnacht herdenking

UPDATE: Noem het volgende keer een anti-Wilders-manifestatie van de Internationale Socialisten

Ed van Thijn en Mohamed Rabbae hebben gesproken tijdens de herdenking van de Kristallnacht, georganiseerd door Nederland Bekent Kleur. Geert Wilders deugt niet. De film Fitna was ‘haatzaaiend en stigmatiserend’. "Uitingen van moslimhaat zijn ook in het parlement aan de orde van de dag", meent Van Thijn. Geert Wilders moet worden vervolgd, want ‘racistisch extreem-rechts is de betonrot van onze samenleving’, aldus Rabbae.

Bijna precies hetzelfde verkondigden Rabbae en Van Thijn op 21 maart 2007 op een door Samen tegen Racisme georganiseerde bijeenkomst. Rabbae maakte bij deze gelegenheid Wilders uit voor ‘islamracist’, Van Thijn vergeleek het gedrag van Wilders met ‘de hoogtijdagen van het antisemitisme’. Gisteravond was er dus weinig nieuws onder de zon. Van Thijn liet destijds (wegens griep) zijn verklaring voorlezen door Miryam Aouragh van Samen tegen Racisme, een kopstuk van de Internationale Socialisten. Aouragh liep eerder voorop bij de grootste antisemitische betoging uit de naoorlogse geschiedenis van Nederland, en sprak bij de herdenking van Ahmed Yassin, de oprichter van de antisemitische terreurbeweging Hamas. (Lees verderop)

Van mij mogen Van Thijn en Rabbae verkondigen wat ze willen en het is hun goed recht om zich te laten gebruiken bij manifestaties van de Internationale Socialisten, de trotskistische splintergroep die aan de touwtjes trekt bij Samen tegen Racisme en Nederland Bekent Kleur. Laat deze antisemitische clubjes echter met hun handen afblijven van de herdenking van de door het naziregime georganiseerde grootschalige terreur tegen de Joodse bevolking van Duitsland. Aouraghs vrienden van Hamas zullen immers nog veel meer synagoges in brand steken en Joden vermoorden, als ze daarvoor de kans krijgen.

Mijn vriendelijke verzoek aan alle betrokkenen. Houd het publiek niet meer voor de gek. Noem het beestje gewoon bij de naam. Geef jullie volgende bijeenkomst een andere naam, die meer overeenkomt met de werkelijkheid: Anti-Wilders-manifestatie van de Internationale Socialisten.

Herdenking Kristallnacht in antisemitische handen

Door Carel Brendel

Lang niks gehoord van René Danen. Maar nu probeert de opper-antiracist het opnieuw. Zijn trotskistische clubje Nederland Bekent Kleur (NBK) organiseert maar weer eens de herdenking van de Kristallnacht, zoals is opgemerkt door de alerte weblogger Keesjemaduraatje.

De aankondiging van Nederland Bekent Kleur begint al met een leugen, namelijk met de zin: “Sinds 1992 organiseert de Stichting Nederland Bekent Kleur de Kristallnacht-herdenking in Amsterdam.”

Inderdaad, NBK heeft enkele jaren een herdenking van de Kristallnacht georganiseerd. Maar de afgelopen jaren was het muisstil rond deze manifestatie, waarin het in 1938 door het Hitler-regime georganiseerde straatgeweld tegen de Joodse bevolking werd herdacht. Winkels werden geplunderd, synagogen in brand gestoken, door geüniformeerde groepen met goedkeuring van de Duitse regering – een belangrijk verschil met het hedendaagse racisme.

De herdenkingen van de Kristallnacht werden stopgezet nadat NBK in 2002 in diskrediet was geraakt als aanjager van de hetze tegen Pim Fortuyn, en als gevolg daarvan een sluimerend bestaan ging leiden. Overigens waren er eerder al incidenten rond deze herdenking. Tijdens de herdenking in 2000 begon Abdou Menebhi, een van de oprichters van NBK en op dat moment voorzitter van de Stedelijke Marokkaanse Raad, tegen alle afspraken in over het schenden van de rechten van Palestijnen door Israël.

Omstanders ergerden zich rot aan Menebhi. Ze riepen hem op geen politiek te bedrijven. Bij de Dokwerker klonken kreten als: “Je bent onbetrouwbaar.” En: “De strijd in Israël hoeft niet over te waaien naar Nederland.” Een medewerker van Nederland Bekent Kleur onderbrak Menebhi’s toespraak en haalde de ex-voorzitter van zijn eigen club van het podium. (NRC Handelsblad, 10 november 2000). De ‘onbetrouwbare’ Menebhi is tegenwoordig adviseur van de Marokkaanse koning (samen met PvdA-Kamerlid Khadija Arib).

Abdou Menebhi was ook van de partij namens het clubje Emcemo bij de infame herdenking van sjeik Ahmed Yassin op 27 maart 2004. De oprichter van de islamitische terreurbeweging Hamas werd op de Dam in Amsterdam geëerd door Miryam Aouragh, voorvrouw van de Internationale Socialisten (IS), en door de Arabisch-Europese Liga (AEL) van de verklaarde antisemiet Dyab Abou Jahjah, die naar ontmanteling van de ‘zionistische entiteit’ Israël streeft. Emcemo, AEL en IS vormden jaren lang een soort drie-eenheid, altijd klaar om solidariteit te betuigen met Hamas, Hezbollah of wat er verder nog aan antisemitische terreur opborrelt uit het Midden-Oosten.

Aouragh en de Internationale Socialisten waren ook betrokken bij de Palestina-betoging in april 2002, ook wel omschreven als ‘de grootste manifestatie van antisemitisme sinds 1945’. Bij deze betoging werden Joodse omstanders gemolesteerd, werden antisemitische leuzen gescandeerd en werd Osama bin Laden bejubeld. “Massaal werd een tekst meegezongen die een herhaling beloofde van een massamoord op de Joden door de profeet Mohammed.”

Burgemeester Job Cohen was na afloop tevreden over het verloop van de optocht. Aouragh en Mohamed Rabbae, twee prominente betogers, beklaagden zich over het optreden van de politie, maar zwegen over het antisemitisme.

Aouragh en haar club Samen tegen Racisme werken nauw samen met Nederland Bekent Kleur. Je zou zeggen dat de dubieuze politieke achtergrond van beide clubs genoegzaam bekend is. Desondanks maken Mohamed Rabbae en oud-burgemeester Ed van Thijn hun opwachting als spreker, de eerste als beroepsextremist, de tweede als nuttige idioot.

Job Cohen, burgemeester van een stad waarin ook vandaag de dag weer Joden worden mishandeld door antisemitisch tuig, zal de herdenking bijwonen. (*Zie correctie) Dat alles vindt plaats op de hoek van Amstel en Zwanenburgwal, op de plek waar de nazi’s 67 jaar geleden hun razzia’s hielden, in de buurt waar de familieleden van Cohen en Van Thijn door de nazi’s werden opgepakt om te worden vermoord in Auschwitz en Sobibor. Op diezelfde plaats laten Cohen en Van Thijn zich komende zondag gebruiken als dekmantel voor de trotskistische vrienden van Hamas en Hezbollah. Het is om misselijk van te worden.

CORRECTIE (10/11): In de aankondiging van de herdenking kondigde Nederland Bekent Kleur aan dat burgemeester Cohen de herdenking zou bijwonen. Dit blijkt achteraf een onjuiste mededeling van NBK.

Carel Brendel is auteur van Het verraad van links (Uitg. Aspekt)

Geplaatst op 7 november 2008

Update op 10 november 2008

Homepage: www.hetverraadvanlinks.nl

Bron

De Fabel van de illegaal 52/53, zomer 2002

Auteur: Eric Krebbers en Jan Tas

Grootste manifestatie van antisemitisme sinds 1945

Op 13 april 2002 deden naar schatting 15.000 mensen mee aan de anti-Israël betoging in Amsterdam. De demonstratie had een uiterst antisemitisch karakter. In heel West-Europa neemt het antisemitisme overigens sterk toe.

Toen de demonstratie aankwam op de Dam, schreeuwden betogers plotseling: "Een jood, daar is een jood". Massaal rende men naar een man met een keppeltje, die toevallig voorbij kwam. Hij werd op de grond gesmeten. "Ik verborg mijn hoofd in mijn armen en kon niets meer", vertelde hij later. "Ze bleven maar slaan tegen mijn zij, mijn rug, mijn buik, en schopten van alle kanten tegen mijn benen. En maar schreeuwen. Hysterisch. Ze slaan me dood, dacht ik. Horden omstanders moeten het hebben gezien. Niemand deed wat. Ook de ME niet." Hij werd ontzet door twee joodse jongens die hem in een regen van stenen, flessen en zelfs fietsen hotel Krasnapolsky in sleurden. Daarna probeerden demonstranten massaal het hotel te bestormen en vlogen er stenen door de ruiten.

Dat was het slot van de grootste demonstratie in Nederland sinds de Eurotop van 1997. Links wist nadien bij demonstraties meestal hooguit enkele honderden mensen op de been te brengen. Nu het echter om een demonstratie tegen Israël ging, kwamen er plotseling duizenden demonstranten opdagen, en niet meer alleen van linkse huize. Activisten van organisaties die normaal elkaars bloed wel kunnen drinken, demonstreerden nu schouder aan schouder, zoals bijvoorbeeld de Grijze Wolven, de PKK en de DHKP-C uit Turkije. De haat tegen joden wist zoals altijd de uitersten van het politieke spectrum weer bijeen te brengen en te verbroederen.

Antisemitische helden

Er waren enkele honderden antisemitische uitingen, door de hele demonstratie heen. Antisemitische leuzen werden door duizenden kelen enthousiast mee geschreeuwd. "Sieg Heil" werd er bijvoorbeeld gescandeerd, en "Hitler, Hitler". Ook andere antisemitische helden werden bejubeld, zoals Bin Laden en Saddam Hoessein. Sommige demonstranten liepen in Bin Laden t-shirts. Antisemitische organisaties waren ook populair. "Hamas, Hezbollah, Jihad", werd er veelvuldig geroepen, en "Hamas, Hamas, alle joden aan het gas". Er was ook een bord met "Hitler is er een vergeten: Sharon". En geheel volgens de antisemitische traditie maakte men Sharon veelvuldig uit voor kinder- en babymoordenaar.

Ontelbaar waren de vergelijkingen van Israël met nazi-Duitsland. Enkele voorbeelden waren Hitler die Sharon een schouderklopje geeft, Sharon met Hitlersnor, "Hitler heeft een zoon: SSharon", "Stop Adolf Sharon", "Boycot ISSraël, boycot SSharon", en "Israël nazi-staat". Alle mogelijke combinaties van hakenkruizen en davidsterren waren aanwezig, met "=" of zelfs ">" ertussen. In totaal werden er meer dan 75 hakenkruizen geteld. "Joden zijn nazi’s", werd er ook geroepen. Voortdurend werd Israël een nieuwe shoah in de schoenen geschoven: "Stop de Palestijnse holocaust", "Jenin 2002 = Warschau 1943", "Auschwitz, Srebrenica, Gaza" en "Anne Frank woont nu in Gaza".

Juden raus

Niet alleen Israël, maar alle joden moesten het ontgelden. "Joden de zee in", "Joden zijn honden", "Juden raus", "Sharon terrorist, weg met de joden" en "Ik word antisemiet, u ook?". Massaal werd een Arabische tekst meegezongen die een herhaling beloofde van de massamoord op joden door de profeet Mohammed. Een eigen staat werd de joden ook ontzegd, getuige borden met kaarten van het Midden-Oosten waarvan Israël was weggevaagd. "Joden eruit", werd er geroepen, en "Palestina voor de Palestijnen, Sharon terug naar Polen".

Veelvuldig werd ook Allah aangeroepen en werden de VS en Israël in verband gebracht met de duivel. "Israël = rijk van het kwaad", zo stond er op een bord. Bewondering was er voor de daders van de bloedige zelfmoordaanslagen op willekeurige mensen, getuige de veelvuldig herhaalde leus: "Met bloed en ziel offeren wij ons op voor ons land". Er waren demonstranten met speelgoedgeweren en eentje droeg zelfs een band met nepbommen om zijn middel. Niet antisemitisch, maar wel gebruikelijk bij aanhangers van fundamentalistische groeperingen was de brandbom die gegooid werd naar de discotheek iT, onder luid geroep van "homo’s, homo’s". Ook een aantal homokroegen moest het ontgelden.

Brandaanslagen

Sinds begin april krijgen joden op straat weer vaker met antisemitisme te maken. Uit verhalen blijkt dat ze worden geslagen, of in het voorbijgaan worden uitgescholden. Een man kreeg bijvoorbeeld zomaar te horen: "Joden, die moet je doden". Een ander werd de Hitlergroet gebracht onder het uitroepen van "Sharon Hamas". Een man in een park werd gevraagd: "Bent u joods? Ik ben een vriend van Hitler". Iemand die langs een hek liep werd toegevoegd "Alle joden moeten achter prikkeldraad", en een joods jongetje dat naar zijn broertje vroeg kreeg van voorbijgangers te horen: "Je broertje zit in de gaskamer". Scheldpartijen als "kankerjoden" en "Hamas, Hamas, alle joden aan het gas" zijn inmiddels bijna gemeengoed geworden. Een Amsterdams voetbalelftal werd onlangs geschorst wegens scheldpartijen en het brengen van Hitlergroeten.

Sinds 11 september 2001 was het aantal antisemitische misdrijven in heel Europa al sterk toegenomen. Vanaf begin april 2002 werd het allemaal nog erger. In Frankrijk werden alleen al in de eerste helft van april 360 antisemitische acties opgetekend. Maar ook Engeland, Duitsland, Italië, België en Nederland blijken brandhaarden. Een klein rondje langs de Nederlandse dagbladen levert het volgende resultaat. In West-Europa zijn sinds begin april brandaanslagen en andere aanvallen gepleegd op minstens 15 synagogen, een tiental joodse begraafplaatsen en monumenten, twee joodse scholen, een joodse slagerij, een sportclub, een boekhandel, een gemeenschapscentrum, en een schoolbus met kinderen. Enkele gebouwen brandden volledig af. Auto’s van joden worden aangestoken, joodse mensen op straat in elkaar geslagen en op veel plaatsen verschenen antisemitische leuzen.

Bron

Rel rond Ahmed Aboutaleb
Door JOB VAN DE SANDE

DEN HAAG – In de Tweede Kamer is geschokt gereageerd op een oproep van staatssecretaris Ahmed Aboutaleb (Sociale Zaken) aan lokale PvdA’ers om extra geld voor minima uit te venten als een PvdA-cadeautje.

Ahmed Aboutaleb. FOTO PETER HILZ
Met de 50 miljoen euro, die het kabinet in juni uittrok voor de laagste inkomens, moet volgens Aboutaleb de ‘slagkracht van de PvdA’ worden getoond: „Wij zijn in staat iets te bedenken dat binnen een half jaar leidt tot 50 euro op de bankrekening,” schrijft de bewindsman samen met PvdA-Kamerleden in een e-mail aan lokale PvdA’ers. Aboutaleb noemt het ‘een spectaculaire PvdA-actie’.

Vóór Kerstmis moet het geld worden verdeeld. „U kunt lokaal deze actie promoten als PvdA-actie. Zo zal het succes op uw lokale afdeling uitstralen.’’

De VVD is woedend. De partij noemt de oproep van Aboutaleb ‘ronduit schandalig’ en eist vandaag een spoeddebat. Volgens Kamerlid Atzo Nicolaï misbruikt Aboutaleb zijn positie als staatssecretaris om campagne te voeren voor zijn partij. „Het is al belachelijk dat wij met z’n allen 50 miljoen moeten ophoesten om de PvdA voor Sinterklaas te laten spelen. Nog schandaliger is dat deze staatssecretaris een campagnebrief ondertekent waarin kabinetsbeleid wordt verkocht als een PvdA-presentje. Als bewindsman moet Aboutaleb de bevolking dienen, niet de PvdA,” verklaart Nicolaï.

Ook SP-leider Agnes Kant is verbijsterd: „Kennelijk vinden ze bij de PvdA reclame voor zichzelf belangrijker dan het helpen van mensen met een laag inkomen.” Het CDA noemt de e-mail ‘niet erg chique’. Volgens die partij moet een staatssecretaris het kabinetsbeleid uitdragen en ‘niet het PvdA-programma’.

In een reactie zegt Aboutaleb dat de e-mail ervoor moet zorgen dat de 50 miljoen euro ook echt bij de minima terecht komt. Aboutaleb stort het geld in het gemeentefonds. De gemeenten kunnen het vervolgens verdelen. „De staatssecretaris vond het belangrijk de lokale bestuurders daarop te wijzen,” zegt een woordvoerster.

Bron

Jonge vrouw beroofd en verkracht in hartje Amsterdam

De politie Amsterdam-Amstelland heeft beelden vrij gegeven van de man die wordt verdacht van het verkrachten en beroven van een vrouw in het centrum van Amsterdam. Vorige week werd in Ter Plaatse al aandacht besteed aan deze zaak maar toen waren de foto’s nog niet beschikbaar. De man staat op de foto’s hiernaast. Herkent u hem neem dan contact op met de zedenpoltie in Amsterdam: 020-559 4700.

Het verhaal van de verkrachting en de beroving: Dinsdag 28 oktober is een 26-jarige vrouw het slachtoffer geworden van een aantal ernstige misdrijven. Ze werd midden in de nacht op de Amsterdamse Herengracht beroofd van haar tas. Eigenlijk was dat het minst erge, want wat daarna gebeurde is met geen pen te beschrijven. De dader verkrachtte de vrouw en dwong haar vervolgens mee te lopen door de Leidsebuurt. Op het Leidseplein werd met haar bankpas geld uit de muur gehaald en vervolgens zag ze pas kans de crimineel van zich af te schudden.

De vrouw liep in de nacht van dinsdag 28 op woensdag 29 oktober rond twee uur vanaf het Koningsplein in de richting van de Nieuwe Spiegelstraat. Ze werd aangesproken door een man die gebrekkig sprak in een soort combinatie van Nederlands, Engels en woorden uit een taal die zij niet herkende. De vrouw dacht eerst dat hij sigaretten wilde, maar dat was absoluut niet het geval. Hij wilde haar zwarte tas en beroofde haar daarvan. En die beroving was slechts het begin van de ellende. Kort daarop probeerde hij de vrouw te verkrachten op de Herengracht, maar dat lukt niet. Toen nam hij haar mee in de richting van de Leidsestraat. Nog steeds op de Herengracht. Daar lukt het hem wel om haar te verkrachten. Je zou denken dat de man er vandoor zou gaan, maar dit is niet het geval. Hij hield haar stevig vast, bedreigde haar en nam haar lopend mee richting Leidsegracht, door de Leidsestraat en naar het Leidseplein waar bij de geldautomaten geld van de rekening van de vrouw werd gehaald en zij vervolgens kans ziet te ontsnappen De vrouw is dus beroofd en verkracht op de Herengracht. De dader dwingt haar vervolgens mee te lopen. Eerst naar de Leidsegracht waar de man een taxi wil nemen. Hij roept daar een taxichauffeur aan of maakt hem met wenken duidelijk dat hij mee wil rijden. De taxirit komt niet tot stand, maar het spreekt voor zich dat de politie de chauffeur graag wil spreken. De verkrachter en zijn slachtoffer lopen vervolgen terug naar de Leidsestraat om die door te lopen naar het Leidseplein. Daar werd met de pas van de vrouw geld uit de muur gehaald, een bedrag van een paar 100 euro. Vervolgens weet de vrouw de dader van zich af te schudden. Ze klampt zich op niet mis te verstane wijze vast aan een groepje Engelse toeristen. Ze klemt zich letterlijk om een van hen heen en weet duidelijk te maken dat ze in ernstige nood zit. De dader gaat er dan vandoor en de toeristen brengen het slachtoffer naar een politiebureau. Uiteraard vraag je je af of de vrouw niet eerder kans zag iemand te alarmeren Ze wilde dat wel, maar het lukte niet. De man was te sterk en te dreigend.

De politie heeft ook nog informatie over de geroofde tas. Het gaat om een zwarte handtas ter grootte van en A-4 formaat met een gouden gesp in de vorm van een halve maan. Heeft u informatie over de misdrijven waarvan de vrouw het slachtoffer werd, zag u de dader en zijn slachtoffer die bewuste nacht in de Leidsebuurt of bent u de taxichauffeur die de twee moet hebben gezien op de Leidsegracht, bel dan met de zedenpolitie in Amsterdam op nummer 020 – 559 4700

Signalement

Van de dader is het volgende signalement Het gaat om een mediterraan type Met een lengte van rond de 1 meter 70 Hij heeft een normaal postuur En is behoorlijk sterk Hij had kort donker haar En droeg een kort donker jack met opvallend rechte steekzakken Hij sprak gebrekkig Engels, Nederlands en een andere taal.

Bijna een derde van de kinderen van Antillianen of Marokkanen groeit op in een bijstandsgezin.

<!– if (!document.phpAds_used) document.phpAds_used = ','; phpAds_random = new String (Math.random()); phpAds_random = phpAds_random.substring(2,11); document.write ("”);//–><ahref=’http://schoorsteen.geenstijl.nl/adclick.php?n=a730365e’target=’_blank’><imgsrc=’http://schoorsteen.geenstijl.nl/adview.php?what=zone:10&amp;n=a730365e’border=’0′ alt=”></a>

Voor Nederlandse kinderen is dat zeven procent, zo blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Ongeveer een kwart miljoen kinderen leeft in de bijstand. 36 duizendvan hen zijn Marokkaans, 25 duizend Turks, zestienduizend Surinaams entwaalfduizend Antilliaans of Arubaans.

12 November 2008
By on 16:41
De Lafheid van Marokkaans Straattuig

Peuters zijn zelfs niet meer veilig voor tuig
WANNEER HOUDT HET OP?

Lieke Jongbloed

DEN HAAG – Een groep Marokkaanse jongeren heeft de toch al zwaarbewaakte lampionnenoptocht van woensdagavond door de Haagse Transvaalbuurt volledig verziekt.

Zo werden eieren gegooid naar de kinderen die met hun felgekleurde lampjes achter de muziekband aanliepen. Een vrouw die met haar hond stond te kijken, werd getreiterd terwijl de jongeren haar hond wilden schoppen. Agenten die hierop in actie wilden komen, werden bekogeld. Alleen een van de jongens (15) kon na een flinke achtervolging in de kraag worden gevat.

Aai over de bol

De organiserende stichting Haagse Hopjes is het aanhoudende gepest van de groep meer dan zat en hoopt dat er eindelijk eens iets aan wordt gedaan. "Ze krijgen hier van de gemeente steeds een aai over hun bol. Maar ze moeten allemaal worden opgepakt en mét hun ouders naar een opvoedingskamp worden gestuurd", zegt Joke van den Boomen van de organisatie fel.

Volgens ooggetuigen begon de groep van zeker twintig Marokkaanse pubers al meteen bij het verzamelen van de tochtlopers de boel te versjteren. Zo wilden ze het buurthuis binnenstormen waar de kleintjes een kopje chocolademelk kregen. Van de Boomen: "Het is al te erg dat we door ervaring weten dat we tientallen agenten, bewakers en toezichthouders bij een lampionnentocht moeten hebben. Die konden de meeste jongens nog net tegenhouden. Maar buiten gingen ze alsnog los."

Volgens de weldoenster van de buurt was het afgelopen weekeinde tijdens een evenement voor de groep oudere jongeren in de Haagse achterstandswijk ook al flink raak. "We hadden straatvoetbal en dat ging wel leuk. Na afloop zou iedereen een T-shirtje krijgen. Maar voordat dat zover was, waren ze allemaal al uit de kraam gejat." De stichting Haagse Hopjes heeft al eens gedreigd met het stoppen van alle evenementen, zoals ook de intocht van Sinterklaas voor de jeugd. "Maar we willen de kleintjes dit niet afpakken. We laten ons ook niet wegjagen. Ik vrees alleen dat we straks geen vrijwilligers meer overhouden."

bron

==============

Brute straatroof door Marokkanen

Twee mannen hebben gisteren in Den Haag gedreigd een tweejarig kind te ontvoeren als de moeder van de peuter haar pincode niet zou afgeven. Dat gebeurde tijdens een straatroof op klaarlichte dag. Nadat zij de pincode hadden gekregen gooiden ze de kinderwagen omver, waardoor het kindje op straat viel.

Mes op keel

De moeder (21) liep ‘s middags het winkelgebied De Haagse Bluf in. Op dat moment werd zij belaagd door twee mannen die haar portemonnee wilden hebben. Ze weigerde aanvankelijk, waarop een van de twee overvallers een mes op haar keel zette. Daarna eiste het duo haar pincode.

Signalement

De politie spreekt van een ”weerzinwekkende straatroof”. Ze beschikt wel over een duidelijk signalement. De mannen zijn vermoedelijk van Turkse of Marokkaanse komaf en zijn beide ongeveer 1.80 meter lang. Een van hen had bijna doorlopende wenkbrauwen en een opvallend brede neus.

============

‘Discriminatie subsidie Marokkanen’

Stichting Marokkanen Breda claimt te worden gediscrimineerd door de gemeente Breda. Het clubje diende tevergeefs een verzoek in voor steun uit het Fonds Maatschappelijke Ontwikkeling (FMO). Dat meldt BN DeStem.

Voorzitter Embarak Lamou wil drie keer per week sportactiviteiten organiseren en daar heeft hij maar liefst 49.000 euro voor nodig. Daar worden Marokaanse jongeren namelijk kalm van en dat voorkomt dat ze bejaarden en kinderen afranselen en kinderwagens omgooien. “Ik kan met het geld 150 jongeren van de straat afhouden. Daarom vind ik het echt jammer dat het fonds me voor de tweede keer afwimpelt.”

===============

Prem Radhakishun moet weer rennen voor leven

Arme Prem Radhakishun. Onze favoriete NPS-schreeuwer heeft weer een minder prettige ervaring met Marokkaanse capuchonklootzakjes achter de rug. Onlangs was de programmamaker in Den Haag om opnames te maken voor een nieuw TV-dingetje. Toen die er om vijf uur op zaten, werd hij samen met zijn crew buiten opgewacht door tientallen kansenjongeren. U moet weten, sinds een paar maanden is het in Vogelaarwijken volkssport nummer een om tegels/stenen/flesjes naar het hoofd van Radhakishun te gooien. Naar eigen zeggen werd de sympathieke TV-Surinamer in de Stuwstraat gedwongen tot een sprint om niet volledig in elkaar gebeukt te worden. Daarom was Prem vanochtend in het radioprogramma Lunch! te horen om lekker oprecht en incorrect de frustratie van zich af te praten. Prem is namelijk doodziek. Van alle Marokkaanse huftertjes die hem opjagen terwijl hij het jarenlang voor hen heeft opgenomen. Maar ook van alle Yes-We-Can apologisten die het gedrag van dat oliedomme niet-Westers klotevolk goedpraten. Dat hij het teringtuig niet terug kan meppen zonder als racist in een showproces te eindigen. Dat hij zich tegenwoordig tussen witte Lonsdale-racisten een stuk veiliger voelt. Dat de politie hem verzoekt kalm te blijven en burgers adviseert geen tasjes op de bijrijdersstoel te leggen. Prem is bijkans radeloos: Hoe lang moet hij zich nog inhouden? Waarom doet de regering geen moer? Prem is toch geen Wilders? Hij wordt verdomme gewoon rechts van. En politici zich maar afvragen waar dat gevoel van onbehagen vandaan komt. [Ernstige blik. Camera drie inzoomen] En DAT… vindt Prem veel belangrijker dan de verkiezing van president Obama. De hartverscheurende noodkreet HIERRR .

bron

7 November 2008
By on 17:38
Gemeente Rotterdam geeft half miljoen aan moslimterrorist
Rekening al opgelopen tot 420.000

Islam filosoof a 290€ per uur

Degemeente Rotterdam heeft dit jaar al 420.000 euro uitgegeven aanislam-filosoof Ramadan. Voor 290 euro per uur trekt hij de stad in voorhet organiseren van wijkbezoeken en debatten.

<!– if (!document.phpAds_used) document.phpAds_used = ','; phpAds_random = new String (Math.random()); phpAds_random = phpAds_random.substring(2,11); document.write ("”);//–>&amp;lt;ahref=’http://schoorsteen.geenstijl.nl/adclick.php?n=a730365e’target=’_blank’&amp;gt;&amp;lt;imgsrc=’http://schoorsteen.geenstijl.nl/adview.php?what=zone:10&amp;amp;amp;n=a730365e’border=’0′ alt=”&amp;gt;&amp;lt;/a&amp;gt;

Debat
De PvdA, Leefbaar Rotterdam en de VVD vinden het uurloon bizar hoog. Departijen willen weten wat zijn inzet de stad oplevert. Ramadan werdtwee jaar geleden door de ook al vertrokken wethouder Kaya aangesteldom het integratiedebat te leiden, aldus het AD.

‘Zijn eerste boekje met aanbevelingen stond vol met open deuren,’ stelt echter VVD-raadslid Bas van Tijn in de krant.

Tariq Ramadan wil omgekeerde integratie

Simon Admiraal,

De uitspraken van Tariq Ramadan overintegratie zijn, hoewel hij daar zelf anders over denkt, niet mis teverstaan: openbare scholen moeten islamiseren.

Een van de bekendste moslimtheologen, de Rotterdamse gasthoogleraar Tariq Ramadan, heeft de inleiding van Frits Bolkestein aan het begin van hun debat op 11 september opgevat als een persoonlijke aanval. Hij verdedigde zichdoor de herkomst van de citaten ter discussie te stellen. Bolkesteinzou die van het internet en uit een boek hebben gehaald ‘waarin ik wordbekritiseerd en dat meer dan tweehonderd feitelijke fouten bevat’.

Caroline Fourest

Dit boek moet wel Frère Tariq (in het Engels: Brother Tariq) zijn van Caroline Fourest uit 2004. In Ramadans nieuwste boek Een jihad van vertrouwennoemt hij alleen Fourest bij naam. In een lange noot zegt hij: ‘achterdeze zogenaamde journalist (…) houdt zich een activiste schuil diezich inzet voor een heel dogmatische en antireligieuze secularisering;ze zet zich in voor een eenzijdig en paternalistisch westers feminisme;als lesbienne verdedigt ze de rechten van homoseksuelen en levert zekritiek op de religies die deze rechten volgens haar in gevaar brengenen in haar steun aan de Israëlische politiek geeft ze blijk van hetmeest verblinde zionisme’.

De gedegen studie van Fourest isgebaseerd op zijn boeken en de vele cassettes met stichtelijketoespraken die verspreid zijn door boekhandel Tawhid in Lyon.

Sommige zijn te beluisteren op tariqramadan.com.

Ramadan wil het openbaar onderwijs islamitisch transformeren

YouTube

‘Bolkesteinheeft op het net gesurft’, schrijft Ramadan. Alsof daar iets mis meeis. Daar staat bruikbaar bronnenmateriaal. Op YouTube staanbijvoorbeeld gefilmde lezingen van  Ramadan. Ik bekeek er een die hij op 4 januari hieldin het Marokkaanse Oujda, verzameld door iemand die zich ‘franceislam’noemt. Hij spreekt daar zijn eigen mensen toe, in het Frans, doorspektmet Arabische theologische termen. Vrijuit.

Daarin zegt hij dater voor hem maar één islam is en dat de principes ervan geldig blijvenvoor alle tijdperken en alle samenlevingen.

Dat ook zij die degrondteksten letterlijk toepassen er volledig bijhoren – hij maakt geenuitzondering voor de radicale broeders (‘Er is maar één sharia, één weg voor alle moslims, maar we lopen allemaal in ons eigen tempo’).

Dat hij nog steeds Egypte in mag en daar besprekingen met schriftgeleerden gevoerd heeft.

Datvoor hem het principe van de hoofddoek de belangrijkste les is terug tekeren naar ‘de absolute waarheid van de koran en overgeleverdeuitspraken van Mohammed om uit te vinden wat wij van de diversehedendaagse culturen kunnen integreren in de islam’.

Omgekeerde integratie

Deze omgekeerde manier van integratie verwoordt hij in zijn boek Westerse moslims en de toekomst van de islam nogkernachtiger met de mededeling dat ‘wij alles als islamitischbeschouwen wat zich niet verzet tegen de islam’. Hij maakte dezeopmerking in zijn paragraaf over de opkomst van een islamitischfeminisme. Op dat terrein ziet hij een rol weggelegd voor de islam die,naar hij hoopt ‘uiteindelijk leidt tot een ander beeld van de westersevrouw, modern, autonoom en toch door en door islamitisch. Het zal niethet klassieke beeld zijn van de bevrijde westerse vrouw’.

Ramadannoemt zichzelf graag een activistische hoogleraar, die voortdurendcontact zoekt met ‘het veld’ waar zijn eigen mensen, de regelmatigpraktiserende moslims, samenleven met andere burgers van dit land. Inzijn nieuwste boek Een jihad van vertrouwenlaat hij in de paragraaf over ‘culturele’ moslims (een groep dieduidelijk niet zijn zegen krijgt), hervormingsgezinden enletterknechten zijn licht schijnen op deze tweede groep. Dehervormingsgezinden zijn degenen die trouw blijven aan de absolutewaarheid van de islam en die in staat zijn er nieuwe kleur aan kunnente geven.

Transformatie

Wil je de missie vanRamadan begrijpen, dan is het verstandig die paragraaf goed tebestuderen. De hervormingsgezinden krijgen hier van hem opdrachten mee,ze zijn niet vrij maar ‘moeten’ van alles. Bovenal moeten ze een‘transformatiekracht’ worden die zich niet langer aanpast aan deseculiere samenleving maar die deze transformeert, vervormt dus. Debelangrijkste plek waar dit moet gebeuren, zegt hij keer op keer, ishet onderwijs. In Westerse moslimsnoemt hij de noodzakelijke stappen om het openbaar onderwijs te‘transformeren’ als alternatief voor de islamscholen die veel te weinigmoslimkinderen kunnen plaatsen en die niet goed functioneren, zoals hijin Oujda uitlegde.

De ideeën van de Amsterdamsestadsdeelvoorzitter Ahmed Marcouch om meer islam toe te laten in hetopenbare onderwijs passen perfect binnen deze strategie. Er wordt in‘het veld’ goed naar de hoogleraar geluisterd.

Simon Admiraal is arabist.

=================

Het Vrije Volk

Tariq Ramadan, moslimfundamentalist met zwarte band in taqiyya, gastdocent Burgerschap en Identiteit aan Erasmusuniversiteit

Sinds 1 januari is Tariq Ramadan, gastdocent Burgerschap en Identiteit aan de Erasmusuniversiteit. Hij is een omstreden figuur. Bij de PvdA is hij populair, maar volgens Daniel Pipes is Ramadan noch oprecht, noch gematigd en onderhoudt hij banden met terroristen. Maar dat is nog lang niet alles…

Wil de ware Tariq Ramadan opstaan? Bernadette de Wit schreef er een vernietigend artikel over op Frontaal Naakt. Lees en huiver…

Tariq Ramadan ontkende dat er bewijs was dat Bin Laden verantwoordelijk was voor de aanslagen van 11 september en noemde de aanslagen "interventies".

Frontaal Naakt

Hopeloos verliefd op een moslimgoeroe, deel 1

Bernadette de Wit

Tariq Ramadan wordt gasthoogleraar in Rotterdam. De lieveling vanweldenkend Nederland gaat meewerken aan een studieprogramma over‘burgerschap en identiteit’ en onderzoek doen naar ‘integratie enmulticulturaliteit’. Wie is deze knappe mohammedaanse multimiljonair?

Nougoed. Omdat er zo veel vragen zijn over die Tariq Ramadan en omdat degemeente Rotterdam 2 ton uittrekt van het belastinggeld van zijnburgers om de ‘meester van de doublespeak’ een jaar lang de dawate laten beoefenen aan, godbetere ‘t, de Erasmusuniversiteit, zal ikhieronder iets vertellen over ’s mans connecties met terroristen.

TariqRamadan (1962) werd geboren in Zwitserland uit een vooraanstaandfundamentalistisch moslimgeslacht. Hij studeerde Franse literatuur,filosofie, Arabisch en islamstudies in Genève, geeft les op eenZwitserse universiteit en is als veelgevraagd spreker en adviseurvoortdurend op reis.
Samen met zijn broer Hani, die er anders danzijn fotomodelachtige broer uitziet als een bebaarde hakbar, zit hij inde directie van het in 1961 door hun vader Saïd opgerichte Centre Islamique de Genève.Ramadan senior wilde daarmee ‘de strijd tegen het atheïstischmaterialisme’ aangaan. Het centrum ontving een ruime startsubsidie vanhet Saoedische koningshuis en nog steeds jaarlijks 19 miljoen Saoedische riyal (bijna 39.000 euro).

TariqRamadan is een pragmaticus. Zodra hij beseft dat hij in Zwitserlandniet zo heel ver zou komen met zijn boodschap dat de islam dé oplossingis voor het probleem van de westerse decadentie, besluit hij zijn gelukin Frankrijk te beproeven. Hij krijgt de steun van de grootste Fransemoslimorganisatie UOIF(union des organisations islamiques de France), gelieerd aan de MoslimBroederschap, en de moslimjongerenorganisatie UJM (union des jeunesmusulmans).

In 1993 geeft Ramadan voor het eerst publiekelijkblijk van zijn verwantschap met de Broederschap. Hij lobbyt actief omhet Franse toneelstuk Mahomet verboden te krijgen omdat datniet strookt met de islamistische opvattingen over de profeet. Een jaarlater wordt in Genève, heel toevallig, een Egyptische geheim agentvermoord die was belast met het volgen van de familie Ramadan. De daderis nooit gevonden.

In 1995 mag Ramadan Frankrijk niet meer invanwege zijn banden met de Algerijnse terreurbeweging, die op datmoment net een serie aanslagen pleegt in Parijs. Maar zijn warmeverhouding met de Franse beweging SOS Racisme blijkt een slimme tactieken bezorgt hem een martelarenstatus in moslimse en politiekcorrectekringen. De verkoop van cassettebandjes met preken, onder meer aan de 6tot 8 miljoen Franse moslims, heeft hem multimiljonair gemaakt. Allah sells in Eurabia.

Samenmet de UOIF verzet Ramadan zich tegen het verbod op het dragen van dehijaab en de niqaab op Franse scholen en in openbare functies. Ramadanheeft een enorm netwerk, dat hij gebruikt voor een mondiaalgeregisseerde campagne tegen het ‘islamofobe’ Frankrijk. Sjeikal-Qaradawi, Hizballah en Hamas kapittelen het land om zijn‘anti-moslimbeleid’.
Maar als in 2004 enkele Franse journalisten inIrak worden gegijzeld, is het tijd voor een charmeoffensief. HetUOIF-standpunt dat ‘de koran onze Grondwet’ is, wordt tijdelijkverruild voor een lofzang op de vrijheid van godsdienst.

Le Monde bericht op 10 en 14 oktober 2003over de connecties van Tariq en imam Hani Ramadan met Al Qaida. Zezouden in 1991 een vergadering bijeen hebben geroepen tussen AymanAl-Zawahiri, de rechterhand van Osama Bin Laden, en Omar Abdel Rahman,veroordeeld voor de eerste bomaanslag op het World Trade Center in1993. Naar verluidt is Rahman een neef, maar dat ontkent Ramadan.

Op 30 mei 2006 publiceert de Duitstalige Zwitserse krant Blickeen dossier over de bevindingen van een ‘moskeespion’ van de Zwitsersegeheime dienst. De geheim agent deed onderzoek in Egypte en Zwitserlanden heeft bewijzen dat Hani en Tariq Ramadan vanaf maart 1991 tenminstedrie ontmoetingen hadden met Al-Zawahiri. Aldus wordt afgelopenseptember bevestigd door Jean-Charles Brisard van Terror Finance Blog.Dit weblog over de financiering van terrorisme is een belangrijke bronvan informatie voor het Europese parlement, de Amerikaanse Senaat enhet Huis van Afgevaardigden.
Op dezelfde dag bericht ook Le Figaro hierover en een maand later volgt France Echos (‘Ideologen van de haat’).

TariqRamadan onderhoudt volgens Brisard contacten met ten minste zesveroordeelde terroristen, onder wie Ahmed Brahim (in 2006 in Spanje tottien jaar cel veroordeeld wegens het aanzetten tot terreurdaden),Djamel Behgal (in 2005 in Frankrijk tot tien jaar veroordeeld voor zijndeelname aan een verijdelde terreuraanslag tegen de Amerikaanseambassade in Parijs) en Menad Bensjelalli (kreeg in 2006 in Frankrijktien jaar cel wegens zijn bemoeienissen met een verijdelde chemischeterreuraanslag in Parijs).
Volgens de Spaanse onderzoeksrechter isde Algerijn Brahim financieel leider van Al Qaida in dat land en zouhij de bomaanslagen op de Amerikaanse ambassade in Tanzania en Keniavan 1998 hebben gefinancierd. Behgal recruteerde jihadstrijders voor AlQaida en bekende in 2001 tijdens zijn strafproces dat hij bij TariqRamadan had gestudeerd.

Daarnaast komen de gebroeders Ramadan voor in het in 1997 ontdekte, door terroristen gebruikte adressenboek van de Al Taqwa Bank.De tegoeden van deze in Zwitserland gevestigde bank, opgericht doorvader Saïd Ramadan, zijn op last van de VS en de VN bevroren omdat debank behoort tot een netwerk van financiële instellingen dieterreuraanslagen van Al Qaida en Hamas financieren. De bankdirecteurenzijn prominente leden van de Moslimbroederschap, in 1928 opgericht doorHassan al-Banna, de grootvader (van moederskant) van Tariq en Hani.Zoals bekend zijn Al Qaida en Hamas afsplitsingen van dit geheimegenootschap. De huidige algemeen directeur is niemand minder danJoessef Nada, thesauriër van de Moslimbroederschap.
Tot zover de vriendenkring van de nieuwe gasthoogleraar.

Inmei 2006 rolt de Zwitserse geheime dienst een terreurbende op die vanplan is een El Al-vliegtuig op te blazen. Een undercoveragentinfiltreerde in het Geneefse islamcentrum van de familie Ramadan enraakte aldaar bevriend met enkele immigranten uit Arabische landen, diehem deelgenoot maakten van hun bedoelingen. Na de aanslag zouden zenaar Irak vluchten.

Het kost je een uurtje googelen om erachterte komen waarom Tariq Ramadan in 2004 op grond van de Patriot Act geenvisum kreeg voor de Verenigde Staten (al zal niet één Nederlandse krantbovenstaande redenen en détail melden, uit angst vooris-la-mo-fo-bie). Maar er is meer. Tariq Ramadan heeft meermalenterrorisme verdedigd in uitspraken of publicaties, of dit gebeurdeonder zijn verantwoordelijkheid.

Zo staat in augustus 2005 op de website van het Centre Islamique de Genèveeen vrijdagpreek die oproept tot ‘steun aan onze broeders in Falluja enZuid-Irak tegen deze onrechtvaardige bezetting; de werkelijketerroristen zijn de Amerikaanse regering, de regering-Sjaron en deregering-Poetin.’
In deze preek wordt duidelijk verwezen naar deenige oproerkraaiers van dat moment in Falluja, Tanzim Qa’idat al-Jihadfi Bilad al-Rafidayn, ofwel het filiaal van Al Qaida in Irak volgenshet Amerikaanse jaarverslag 2006over terroristische landen. Het Geneefse islamcentrum van de familieRamadan is van mening dat de ‘broeders’ in Irak gerechtvaardigd verzetplegen tegen de ‘echte’ terroristen.
Na 9/11 beweert Ramadan dat BinLaden niets met de aanslagen te maken had. Hij kenschetst 9/11, debomaanslag op station Atocha uit 2004 en die op een discotheek op Bali(2002) als alleen maar ‘interventies’, het waren géén terreurdaden.

We maken een uitstapje naar vader Saïd Ramadanom zijn zoons opmerkelijke politieke gedraai beter te kunnen begrijpen.In 1940 (hij was toen 14 jaar) hoorde Saïd de grote Hassan al-Bannaspreken en hij sloot zich meteen aan bij de Moslimbroederschap.Later werd hij de persoonlijk secretaris van Al-Banna en trouwde hijdiens dochter. Volgens terrorisme-experts was Ramadan senior in 1945betrokken bij het stenigen van Koptische en joodse winkels in Caïro.

In1948 ging de islamitisch jurist Saïd Ramadan op pad om ‘Palestina’ teverdedigen tegen de zionisten. Koning Abdoellah vroeg hem hoofd van hetmilitaire gerechtshof te worden, maar daar voelde hij niets voor. Hijvertrok naar het nieuwe moslimland Pakistan (‘het land der reinen’, devan India afgescheiden moslims) en hield op uitnodiging van de regeringstichtelijke radiopraatjes voor de jeugd. Terug in Egypte werd hij kortgevangen gezet, waarna hij samen met het prominente lid van deMoslimbroederschap Sayed Qoetbafreisde naar Jeruzalem om de Broederschap te vertegenwoordigen op eenmondiaal islamcongres. Daarna volgde een periode van heen en weerreizen tussen Syrië, Jordanië, Libanon, Saoedi-Arabië en Egypte. In1958 vestigden hij en zijn vrouw Wafa al-Banna zich in Genève. Een jaarlater behaalde hij zijn doctoraal rechten aan de universiteit vanKeulen.

De Moslimbroederschap (motto: ‘Allah is ons doel, dekoran onze grondwet, de profeet is onze leider, jihaad is onze manieren sterven omwille van Allah onze hoogste ambitie’) werd in 1946verboden door de Egyptische regering, al liet deze het genootschap tot1954, toen het werd verdacht van een (mislukte) moordaanslag oppresident Nasser, oogluikend toe. Aanleiding voor het verbod was demoord op de premier in datzelfde jaar, door een lid van deMoslimbroederschap. In 1949 werd Al-Banna vermoord door de Egyptischeregering. Sindsdien is vooral de dawa – islamisering via prediking enpropaganda – de tactiek in alle westerse landen waar de Broeders actiefzijn.

Volgens de Franse journalist Richard Labevière, dieonderzoek deed naar de terroristische connecties van de Broederschap,koos Saïd Ramadan Genève uit als lanceerinstallatie voor deinternationale expansie van de organisatie. Behalve de genoemde AlTaqwa-bank, met kantoren in Zwitserland en op de Bahama’s, tilde hijmet geld van het Saoedische koningshuis een aantal filialen van hetCentre Islamique van de grond in steden als München en Londen. Doordatde Saoedi’s teveel invloed eisten, kwam het tot een breuk. Ramadansenior leefde van de royalty’s van zijn in 1961 verschenenstandaardwerk over de sharia.

Twee oprichters van het CentreIslamique de Genève, Saïd Ramadan en Aboe al-Hassan al-Nadawi,stichtten in 1962 ook de Muslim World Liga, een Saoedische NGO diesinds 1988 in verband wordt gebracht met acties van Al Qaida en wordtgezien als ondersteunende kracht achter het terrorisme. De Amerikaanseregering heeft, aldus het Terror Finance Blog,vorig jaar besloten actie te ondernemen tegen de International IslamicRelief Organization (IIRO), een dochteronderneming van de Muslim WorldLiga, die onder liefdadigheid het financieren van terreur verstaat.
Saïd Ramadan overleed in 1995.

Ookal weet Tariq Ramadan zijn groupies er telkenmale van te overtuigen dathij niets te maken heeft met de Moslimbroederschap of terrorisme, erzijn meer dan genoeg serieuze bedenkingen tegen hem. De meeste geheimediensten en ook Antoine Sfeir, hoofdredacteur van het Fransetijdschrift Les Cahiers de L’Orient zijn ervan overtuigd datRamadan eind jaren ’80 is benoemd tot Europees vertegenwoordiger van deBroederschap. Weliswaar is hij volgens de Franse expert Roland Jaquartniet direct betrokken bij terroristische acties, maar zijn volgelingenzijn dat vaak wel. Tel daarbij zijn uitgebreide contacten met dubieuzefiguren en dito netwerken op en je vraagt je af hoe lang deErasmusuniversiteit en de gemeente Rotterdam hun afzijdigheid kunnenblijven cultiveren.

Journalist Olivier Guittaschreef niet voor niets ten tijde van Ramadans vergeefse pogingen eenvisum voor de VS te krijgen: ‘Het is gevaarlijk Ramadan toe te latentot onze moslimgemeenschappen, omdat hij die met zijn gladde dubbeletaal en via een charmeoffensief gericht op onze naïeve linksen zoukunnen radicaliseren, zoals hij met succes deed in Frankrijk.’
Je houdt je hart vast voor de Rotterdamse studenten.

Mede-oprichtervan het Geneefse islamcentrum Moehammad Hamidoellah stelt op de websitedat de jihaad, of die nu defensief is, bestraffend of preventief, istoegestaan in de islam. De moslimse jihaad wordt toegepast ‘in de geestvan opoffering, teneinde de stem van Allah op te leggen’.
Ramadan zelf schrijft in zijn in 2002 verschenen boek L’islam en questions (vertaald als The Islam in questions)over zelfmoordaanslagen dat ze een ‘offer’ zijn die ‘hunrechtvaardiging vinden in decennia van opeengestapeld lijden enwesterse passieve verantwoordelijkheid’.
In hetzelfde boek verwijsthij naar de Palestijnse strijders als mensen die ‘militaire doelen’aanvallen, ‘met inbegrip van burgers’. Met dat laatste praat hijterrorisme tegen Israëli’s goed. In een artikel dat in 1996 verschijntin El País keurt Ramadan de daden van de Taliban af. Niettemin noemt hij dit regiem ‘voorbeeldig’.

In het tweede deel (slot): wat verklaart de aantrekkingskracht van Tariq Ramadan?

Bernadette de Wit is journalist te Amsterdam.

Tariq Ramadan wordt gasthoogleraar in Rotterdam. De lieveling vanweldenkend Nederland gaat een bijvak ‘burgerschap en identiteit’opzetten en onderzoek doen naar ‘integratie en multiculturaliteit’.Waarom valt Nederland voor de knappe mohammedaanse multimiljonair?

Hetgeheim van de aantrekkingskracht van Tariq Ramadan is dat hij inspeeltop het Europese cultuurpessimisme en de linkse zelfhaat. Hij ziet hetWesten als een beschaving in moreel verval. De spirituele leegte diehet joods-christelijke tijdperk volgens hem heeft nagelaten, moetworden opgevuld door de ‘universele waarden’ van de islam. Ramadanvindt dat de moderniteit moet worden geïslamiseerd. De islam is deoplossing: ‘De moslimidentiteit is de enige bron van echteuniversaliteit’.
Het woord ‘universeel’ klinkt prachtig, maar demohammedaanse ethiek is dat geenszins. In de heilige islamitischeboeken is de mensheid verdeeld in moslims en niet-moslims, met delaatsten als tweederangs burgers. Journalisten die Ramadan interviewen,vergeten stelselmatig te vragen hoe de zelfverklaarde vrome‘salafistische hervormer’ dat ziet. Ook de Erasmusuniversiteit lietzich liever betoveren door de superster.

Het westerse publiek houdt van hem, zo stelt de Italiaanse journalist Sandro Magister,omdat zijn visie elementen van democratie, gelijkwaardig burgerschap envrijheid van meningsuiting bevat. Ramadan spreekt daarnaast zowelmoderne moslims aan als de gelovigen die in gesloten gemeenschappenleven. Hij vindt dat ‘zelfbewuste’ moslims op eigen kracht hun geloofmoeten hervormen. Concreet: Ramadan is tegen de doodstraf, wil hetverouderde islamitische erfrecht aanpassen en nog een paar kleinepunten. Verder is hij voor de pure islam.
Met zijn aankondiging vande komst van een Europese islam verandert hij voor links in eenmulticulturele messias. Dat hij zich op zijn lange mars door deEuropese instituties wapent met de taqiyya, ach, in het openbaar zegthij toch mooie dingen?

Ramadan is overigens persona non grata inhet wahabitische Saoedi-Arabië en in Tunesië vanwege die in onze ogenzeer bescheiden hervormingen, wat misschien voor een ander deel desympathie verklaart van de weldenkende Rotterdamse intellectuelen. Eenkinderhand is gauw gevuld.

Zou de Rotterdamse immigratiehoogleraar Han Entzinger, die zich in NRC Handelsbladvan 22 januari beklaagt dat de criticasters zich niet verdiepen inTariq Ramadan – ‘In de VS lijkt tegenwoordig elke moslim wel verdacht’– iets van wat hier staat gelezen hebben? We komen er niet achter, wantde luie NRC-journalist weet er zelf de ballen van en heeft er dus ookniet naar gevraagd (Entzinger is degene die voor Ramadan heeft gepleit).
Dein dat artikel opgevoerde Rotterdamse islamoloog Dick Douwes dan? Diebegrijpt in elk geval heel goed waar de weerstand tegen Ramadan vandaankomt. ‘Mensen googelen, hè en komen wilde verhalen tegen’.
Wat u zegt, heer Douwes.

Douweslegde de vier ‘hardnekkigste aantijgingen’ tegen Ramadan voor aan eenaantal niet met name genoemde ‘buitenlandse experts’: dat dezeantisemiet is, voor steniging pleit, bij de Moslimbroederschap zit enaan ‘doublespeak’ doet. Welnu, de buitenlandse experts ‘zagen geenproblemen’. Klaar is Kees en welterusten, u hoeft niet meer te googelen.
Dekrant vindt het kennelijk prima dat de decaan van de Rotterdamsefaculteit der Historische en Kunstwetenschappen met deautoriteitsdrogreden zwaait. Maar de aantijgingen zijn, op één na dan,wel degelijk reëel. In genoemd boek The islam in Questionsverklaart Ramadan zich onomwonden vóór de dood van de ‘Zionistischeentiteit’ (bedoeld wordt Israël, maar dat woord vermijden islamistenliever). Daar staat tegenover dat hij in interviews het bestaansrechtvan Israël erkent en het herdenken van de holocaust belangrijk noemt. So much for het weerleggen van de doublespeak en zijn antisemitisme.
En inderdaad, niet Tariq, maar zijn broer Haniheeft zich in 2002 uitgesproken voor stenigen van overspelplegers,waarna hij werd ontslagen als leraar op een Zwitserse openbare school.
Inzake de resterende aantijging: quod erat demonstrandum.

Volgensanonieme opponenten uit Parijs met wie de NRC-journalist sprak, isRamadan een leugenaar, wil hij Europa islamiseren via de da’wa en ishij bevriend met terroristen. Bewijs wilden ze niet geven: ‘Ik vertrouwu niet.’
Zelf op onderzoek uitgaan, vond de journalist van de sluipsteen niet echt nodig, met deze losse flodder zat het werk erop.
In2003 noemde de Franse onderzoeksjournaliste Caroline Fourest TariqRamadan ‘een oorlogsleider’, gevaarlijker dan Bin Laden, die via zijnadviezen en lezingen zijn politieke doel probeert te bereiken: de laïcitéafschaffen en Frankrijk islamiseren. Omdat Ramadan alle feiten ontkentdie tegen hem zijn ingebracht en zich ondanks bewijzen van hettegendeel beklaagt dat Fourest niet vis-à-vis met hem in discussie wil,besloot ze een pagina te wijden aan zijn leugens.

Welvermeldt het NRC-stuk dat opa Hassan al-Banna Tariqs ‘grootsteinspiratiebron’ is (maar met de Moslimbroederschap heeft hij, heus,helemaal niets te maken). Ramadan is ‘zeer gelovig’ en ziet de koranals ‘een leidraad voor elke moslim’, al mogen sommige interpretaties,zoals de idee dat de sluier in alle gevallen verplicht zou zijn, wel opde helling. Weliswaar zijn vrouwen religieus verplicht die sluier tedragen (zijn eigen vrouw, bekeerd tot het ware geloof, looptgehoofddoekt door Genève), maar Allah wordt heus niet boos als je ‘mthuislaat voor een sollicitatiegesprek.
Zulke hervormingsgezinde taal horen ze graag in Rotterdam en daar hebben ze wel een tonnetje of twee voor over.

In het geruststellende stuk in NRC Handelsbladvan 22 januari naar aanleiding van de benoeming van Tariq Ramadan totgasthoogleraar staat niets over diens connecties met radicaleislamisten. Daar heet het heel po-si-tief dat de Moslim Broederschap‘een poging tot ‘inheems’ verzet was tegen de Britse overheersing’. Ookzegt de krant dat vader en moeder Ramadan in 1954 naar Europa vluchttenomdat ‘de socialistische Nasser alles in de ban deed wat religieus,westers en joods was’. Maar dat was niet de enige reden. Saïd Ramadanwas al eens gevangen genomen en werd later zelfs gekidnapt door deEgyptische regering wegens staatsgevaarlijke activiteiten. De grondwerd hem te heet onder de voeten.

Het NRC-stuk is van de eerstetot en met de laatste alinea een mooi voorbeeld van wat tegenwoordigislamapologie wordt genoemd. Machteld Allan beschrijft dat verschijnselals volgt: als iets goed is, kan het eigenlijk niet niet-moslims zijnen als het moreel slecht is, dan maken niet-moslims zich er óókschuldig aan, óf het is de schuld van Amerika. De media passen ditrecept elke keer toe als er weer een aanslag is gepleegd: als terreur,dan niet islamitisch en als islamitisch, dan geen terreur. In elk gevalleidt het ertoe dat journalisten hun werk niet doen – huiverig hetsprookje over de islamhervorming stuk te slaan?

De Fransman Olivier Roy beweert dat angst voor de islam Ramadans opponenten bindt. Angst voor verandering van de status quo, zegt hij tegen NRC Handelsblad,en het opkomen van een nieuwe politieke en religieuze identiteit. Maaris die angst terecht? had de journalist hier moeten vragen.
Je kunthet trouwens ook omdraaien. De voorstanders zijn diep in hun hart netzo pages voor de politieke islam. Met dit verschil dat ze dat niethardop zeggen en tegen beter weten in appeasement geloven: alswe nou maar aardig zijn voor de moslims en Ramadan als ‘bruggenbouwer’in huis halen, dan doen de radicale moslims vast wat aardiger tegen ons.
Ja, vast. Maar tot nog toe heeft Ramadan nog geen terreurdaad veroordeeld.

Watzou het motief zijn van de gemeente Rotterdam en haarErasmusuniversiteit om Tariq Ramadan binnen te halen? Behalve linksstruisvogelgedrag zou zijn ‘solide reputatie’ er wel eens veel mee temaken kunnen hebben. Ramadan stond in 2006 op de lijst van de honderdinvloedrijkste personen van Time Magazine en werd ‘de meestinnovatieve persoon van de 21ste eeuw’ genoemd. Hij is gasthoogleraarin Oxford, adviseert de Engelse regering over integratie en is de heldvan de Franse banlieuejongeren én de gestudeerde moslimmiddenklasse.Dat verschaft hem de onaantastbare goeroestatus waar de zoekendemulticulturele overheid en migratie-academici naar snakken.

Daarnaastsluit Ramadans standpunt – Europa verandert dankzij de immigratie vanmoslims, de ‘obsessie met integratieproblemen’ neemt af en Europeanenhebben geen zin meer om te luisteren naar lieden die daar ‘veel lawaai’over maken – naadloos aan bij de laatste ideologische struisvogelmode,participatie (zie hierover het uitstekende stuk van Nahed Selim, uit Trouw van 27 januari, te vinden onder de derde lezersreactie).
WieRamadan in huis haalt, profiteert van z’n roem en dat klinktpr-afdelingen die zich staande moeten houden temidden van keihardeconcurrentie tussen universiteit als muziek in de oren.

Geen wonder dat ook Rita Verdonk in haar nopjes is over de benoeming. De oud-minister heeft de rol van bad cop ingeruild voor die van good cop van de multiculturele samenleving. ‘Ik ken de verwijten tegen hem’, reageert ze eenvoudig op de vraag van NRC Handelsblad.‘Na de these en de antithese komen we bij de synthese’, aldus de nu ookal marxistisch klinkende VVD’ster. ‘De tolerantie van vroeger was pureonverschilligheid. Nu spreken we elkaar aan.’
Maar niet over de terreurconnecties van de nieuwe gasthoogleraar, dat zou de pret maar bederven. Over Caroline Fourest zegt de krant slechts dat ze ‘boze boeken’ schreef. En dan hoef je die boeken (Frère Tariq en La tentation du obscurantisme) ook niet meer te lezen.

Gelukkigzijn uittreksels van de breed verspreide cassettebandjes met Ramadanspreken nog steeds voor iedereen raadpleegbaar op de site van het Fransetijdschrift L’Express.Daar vind je zijn inmiddels bekende uitspraken over de doodstraf, heterfrecht, het gevaar van gemengd zwemmen voor de kuisheid, eenmoratorium op het slaan van vrouwen en ‘het recht’ op het dragen van dehijaab.

Intussen heeft de Rotterdamse gemeenteraad naar aanleiding van prangende vragen (maar niet heus) een diepgaand politiek debat(maak dat de kat wijs) gevoerd. De Erasmusuniversiteit volstaat tot opheden met lof voor de Arabische ‘bruggenbouwer’. Zo praat de wetenschapniet, zo praten linkse ideologen.

================

Why Revoke Tariq Ramadan’s U.S. Visa?

by Daniel Pipes

It’s not every day that the U.S. Department of Homeland Securityrevokes a visa issued to a Swiss-national scholar scheduled to teach atone of America’s premier universities. But this has just happened, andit’s a good thing too.

Tariq Ramadan, Islamist royalty.

The Swiss scholar is Tariq Ramadan. He is Islamist royalty – his maternal grandfather, Hasan al-Banna, founded the Muslim Brotherhood,probably the single most powerful Islamist institution of the twentiethcentury, in Egypt in 1928. Tariq is a Swiss citizen because his father,Sa‘id Ramadan, also a leading Islamist, fled from Egypt in 1954following a crackdown on the brotherhood. Sa‘id reached Geneva in 1958, where Tariq was born in 1962.

Thanks to his pedigree and his talents, Tariq has emerged as a significant force in his own right. Symbolic of this, Time magazine in April named him one of the world’s top hundred scientists and thinkers. And so, when Notre Dame University went looking for a Henry R. Luce professor of religion, conflict and peacebuilding, it unsurprisingly settled on Mr. Ramadan.

Its offer was made and accepted by the beginning of 2004; a work visa followedin February. Mr. Ramadan bought a house, found schools for his fourchildren, and dispatched his personal effects to South Bend, Indiana.He was supposed to start teaching a few days ago.

But on July 28, just nine days before the Ramadans were to leave for America, Mr. Ramadan was informed that the Department of Homeland Security had revoked his work visa. A DHS spokesman, Russ Knocke, later explainedthis had been done in accord with a law that denies entry to aliens whohave used a "position of prominence within any country to endorse orespouse terrorist activity." The revocation, Mr. Knocke added, wasbased on "public safety or national security interests."

Of course, Mr. Ramadan dismisses the revocation as "unjustified" and due to "political pressure." He even blames me for the DHS decision.

What’s up? The DHS knows much more than I do, but it is not talking.A review of the press, however, gives an idea of what the problem is.Here are some reasons why Mr. Ramadan might have been kept out:

  • He has praised the brutal Islamist policies of the Sudanesepolitician Hassan Al-Turabi. Mr. Turabi in turn called Mr. Ramadan the"future of Islam."
  • Mr. Ramadan was banned from enteringFrance in 1996 on suspicion of having links with an Algerian Islamistwho had recently initiated a terrorist campaign in Paris.
  • AhmedBrahim, an Algerian indicted for Al-Qaeda activities, had "routinecontacts" with Mr. Ramadan, according to a Spanish judge (BaltasarGarzón) in 1999.
  • Djamel Beghal, leader of a group accusedof planning to attack the American embassy in Paris, stated in his 2001trial that he had studied with Mr. Ramadan.
  • Along with nearly all Islamists, Mr. Ramadan has denied that there is "any certain proof" that Bin Laden was behind 9/11.
  • He publicly refers to the Islamist atrocities of 9/11, Bali, and Madrid as "interventions," minimizing them to the point of near-endorsement.

And here are other reasons, dug up by Jean-Charles Brisard, a formerFrench intelligence officer doing work for some of the 9/11 families,as reported in Le Parisien:

  • Intelligence agencies suspect that Mr. Ramadan (along withhis brother Hani) coordinated a meeting at the Hôtel Penta in Genevafor Ayman al-Zawahiri, deputy head of Al-Qaeda, and Omar Abdel Rahman,the blind sheikh, now in a Minnesota prison.
  • Mr. Ramadan’saddress appears in a register of Al Taqwa Bank, an organization theState Department accuses of supporting Islamist terrorism.

Then there is the intriguing possibility, reported by Olivier Guitta, that Osama bin Laden studied with Tariq’s father in Geneva, suggesting that the future terrorist and the future scholar might have known each other.

Ramadan denies all ties to terrorism, but the pattern is clear. As Lee Smith writes in The American Prospect, he is a cold-blooded Islamist whose "cry of death to the West is a quieter and gentler jihad, but it’s still jihad."

These reasons explain why Americans should thank DHS for keeping Tariq Ramadan out of America.

But the story is not over: the State Department has in effect encouraged Ramadan to reapply for a different type of visa, making the recent developments probably just round one of a drawn-out match.

________

For more on Ramadan’s visa revocation, see the excellent articles on him by Fouad Ajami, Stephen Schwartz, and Daniel Johnson.

For more about Tariq Ramadan’s problem with the truth and the law, see my subsequent writings on him:

  • "Tariq Ramadan, the Chicago Tribune, and Me." Provides a running account of my disputes with Ramadan, many of them concerning the Chicago Tribune, but some not, in the period August-December 2004.
  • "Tariq Ramadan Gives Up – Then Tries Again."Picks up the issue of Ramadan’s U.S. visa in December 2004 and followshim as he alternately stops trying to get into the United States, thenlegally challenges his exclusion.
  • "Tariq Ramadan Exposed." Looks at Ramadan’s little problem at with the truth involving the Italian magazine Panorama.
  • "Is Tariq Ramadan Lying [about Magdi Allam]?"dissects Ramadan’s strange accusation against me and finds that, "as sooften is the case with Islamists and other totalitarians, the accuserhimself stands accused."

Bron

================

Iran: tijd voor islamitische revolutie

DeIraanse president Mahmoud Ahmadinejad meent dat de Verenigde Statenwereldwijd worden gehaat en op het punt van instorten staan. Dat heefthet Iraanse staatspersbureau Borna bekend gemaakt, meldt Fox News.

<!– if (!document.phpAds_used) document.phpAds_used = ','; phpAds_random = new String (Math.random()); phpAds_random = phpAds_random.substring(2,11); document.write ("”);//–>&lt;ahref=’http://schoorsteen.geenstijl.nl/adclick.php?n=a730365e’target=’_blank’&gt;&lt;imgsrc=’http://schoorsteen.geenstijl.nl/adview.php?what=zone:10&amp;amp;n=a730365e’border=’0′ alt=”&gt;&lt;/a&gt;

De terroristmeent dat veel landen een nieuw pad willen bewandelen, omdat regeringenhun hoop in grootmachten verloren hebben. ”En de huidige situatiegeeft een goede kans om pure islamitische gedachten, idealen en eenIraanse islamitische revolutie te introduceren”, gelooft Ahmadinejad.

"Heel links Nederland verloochent zichzelf"

Eentweede Ayaan Hirsi Ali wil ze niet zijn. "Er zijn al genoeg allochtonenin de politiek," zegt Nahed Selim. De vrijdenkende moslima voert haarstrijd liever vanuit haar arbeidershuisje in Oost-Groningen. Dan hoeftze minder op haar woorden te letten.

Zwijgen is verraad,schreef tolk-vertaalster Nahed Selim twee jaar geleden in een boek overvrouwen en islam. Begin 2007 heeft er veel van weg dat een van debelangrijkste criticasters van de orthodoxe islam in Nederland wordtverraden en doodgezwegen. De strijdbare feministe van het Groningseplatteland ondervindt dat ze bitter weinig steun krijgt in haar strijdvoor de rechten van islamitische vrouwen en tegen wantoestanden alseerwraak, besnijdenis, uithuwelijking, vrouwenmishandeling en-onderdrukking.
De uitreiking van de Harriet Freezerring door het feministische tijdschrift Opzij verliepeind vorig jaar in betrekkelijke stilte. Tegenover dit moreleopkikkertje staat het gebrek aan steun van prominente feministen vanhet eerste uur. Dezelfde vrouwen die dezer dagen luidkeels waarschuwendat de orthodoxe ChristenUnie de ‘feministische verworvenheden’ zalterugdraaien, maken zich zelden of nooit zorgen over de opmars van deorthodoxe islam.
"De boegbeelden van de vrouwenstrijd laten hetafweten," constateert Selim met lichte bitterheid. "Hedy d’Ancona heeftzich uitgesproken vóór de hoofddoek. Volgens Anja Meulenbelt isiedereen die kritiek heeft op de islam afvallig. Dat slaat nergens op.Iedereen, gelovig of niet, mag de islam bekritiseren."
Eensoortgelijke weerstand als van de ‘vooruitstrevende’ feministen voeltSelim van de zijde van de progressieve politici. "De linkse partijen inNederland verloochenen alles waarvoor ze horen te staan. Ze hebben eentraditie om op te komen voor verdrukten. Maar op het punt van de strijdtegen religieuze onderdrukking van vrouwen door de politieke islamlaten ook zij het afweten."

Waardoor komt dat?
"Allereerst leeft, zeker ookin linkse kring, het idee dat westerlingen geen kritiek mogen leverenop andere culturen en zeker niet op de cultuur van een minderheid. Ikbegrijp niet waarom dat niet zou mogen. Als je ergens voor staat, moetje je mond in alle gevallen open doen. Bij links speelt nog wat anderseen rol: opportunisme. De achterban van links is van oudsher deonderklasse. Vroeger waren dat de arbeiders en de minder geschoolden.Die hebben zich geëmancipeerd. In plaats daarvan vormen nu deallochtonen de onderklasse. Tachtig procent van de allochtonen stemtlinks. Deze partijen hebben er dus alle belang bij om hun electoraattevreden te houden. Dat doe je door nooit ergens kritiek op te leverenen alle wantoestanden te accepteren en te vergoelijken."

Gebeurt dat alleen bij de PvdA?
"Helaas niet.GroenLinks is in mijn ogen de partij die zich de emancipatie van deislamitische vrouwen ter harte zou kunnen nemen. Maar ze spelen die rolniet. Ook de SP staat niet meer zo uitgesproken voor de integratie vanallochtonen. Het zegt al voldoende dat Meulenbelt een prominente rol indie partij heeft gekregen. Ze hebben de integratie opgegeven.Marijnissen hoor je weinig meer over dit onderwerp. Ongetwijfeld uitelectoraal belang."

Wilt u in de politiek om dit te doorbreken?
"Datvroeg Cisca Dresselhuys mij ook bij de uitreiking van de Freezerring.Maar ik heb geen politieke ambities. Er zijn al genoeg allochtonen inde politiek. De ervaring is dat ze inleveren bij het uiten van hunstandpunten. Ahmed Aboutaleb was voor hij politicus werd veelkritischer over de integratie. Nu conformeert hij zich aan de PvdA. Deervaring van Ayaan was ook dat ze als Kamerlid voorzichtiger moestworden in haar uitlatingen en rekening moest houden met partijbelangen."

Steekt in u geen tweede Ayaan Hirsi Ali?
"Nee,ik hoef geen tweede Ayaan te worden. Iedereen heeft z’n eigen zelf. Zijwas uniek op haar manier en vond in de politiek een groot podium. Ikheb niet de behoefte om een openbare persoonlijkheid te zijn. Je kunthelaas niet als politicus kritisch zijn over de islam zonder daarbij inje privé-leven bemmerd te zijn. Dat is het me allemaal niet waard. Iklever mijn bijdrage op mijn manier met columns, interviews en boeken."

Hoe verklaart u de grote weerstand tegen Ayaan?
"Haarcarrière was spectaculair voor een buitenlandse vrouw. Ze heeft onderautochtonen en moslims angsten en aanstoot gewekt. Ik vraag me af ofhet alleen jaloezie is. De Nederlandse cultuur is niet gewend aandirecte confrontatie. In Nederland sluit je compromissen – iedereenlevert in. Zo kom je uit in het midden. Maar dat kan alleen in eensamenleving die door ideeën en idealen homogeen is. In de politiekeislam zijn de verschillen vaak te groot.
"Men zei dat Ayaanprovocerend is. Maar je moet soms provoceren om bepaalde processen teversnellen. De islam heeft dogma’s die sinds de 14de eeuw nooit meerzijn uitgedaagd. Het denken zit vast, er zit geen beweging in. Als elkekritiek daarop provocatie is dan eindigen we in een kritieklozemaatschappij waarin godsdienst buiten elke vorm van discussie valt. Watis dan nog het verschil tussen de islamitische wereld en de westersesamenleving, die religie buiten kritiek zet. Voor je het weet zit je indezelfde situatie als in de islamitische landen waar niks mag wordengezegd over het geloof."

Nahed Selim is opgegroeid in een relatief liberaal milieu in Egypte.Ze ziet haar geloof als een privé-zaak zonder de strakke voorschriften,waardoor de vrouw in dat deel van de wereld tot een tweederangsburgerwordt gemaakt. Haar visie over de islam heeft ze neergelegd in de Scheurkalender van de islam van 2007. Zegeeft haar eigen uitleg van koranverzen, vergelijkt de moreleopvattingen de islam met de Tien Geboden en zet kanttekeningen bijteksten, waarmee geweld tegen andersdenkenden en onderdrukking vanvrouwen wordt gerechtvaardigd.
"Ik beleef mijn geloof op mijn eigenmanier," zegt ze. "In de moskee kom ik nooit. De islam hier kent geenliberale moskeeën, vergelijkbaar met de vrijzinnigen kerken in hetchristendom. De liberale moslims leggen weinig gewicht in de schaal.Het loont hier meer om achter de letterlijke islam aan te hollen."

Draagt de moskee bij aan de integratie van moslims?
"Datis een totale misvatting. De religie weerhoudt de mensen juist om teintegreren. Ze worden traditioneler en conservatiever. Daardoorverwijderen ze zich juist van het Westen. De islamitische samenlevingis alles wat het Westen niet is. De Amsterdamse burgemeester Cohen komtmet de beste bedoelingen tot een onjuiste visie. Men gaat uit van deervaringen met de integratie van protestanten, katholieken en joden. Inhet verleden heeft dat model gewerkt omdat mensen dezelfde taal sprakenen een gedeelde geschiedenis hadden. Daardoor verliep ook de integratievan Indische Nederlanders en Surinamers redelijk goed.
"De moslimsverschillen door hun etnische afkomst, taal, religie, geschiedenis envisie op de samenleving. Je moet door ze niet apart te zetten met eigenorganisaties en scholen duidelijk maken wat in Nederland van ze wordtverwacht."

Je hoort vaak argumenten als ‘wij hebben ook ons Staphorst’ of ‘nonnen lopen ook in sluiers’.
"Nonnenstaan niet achter de balie van de gemeente en eisen niet bij deCommissie Gelijke Behandeling dat ze worden aangenomen alsonderwijzeres. Ik noem dat altijd de Commissie voor Behoud van OrthodoxIslamitisch Gedrag."

Nonnen stonden vroeger wel voor de klas.
"Datwordt nu niet meer geaccepteerd. Het is vreemd dat kritiek op de islamnooit wordt weerlegd en altijd wordt goedgepraat door te zeggen dat hetergens anders ook niet deugt."

Eerwraak is niet islamitisch, maar een kwestie van cultuur.
"Dat kan misschien zo zijn, maar de islam heeft al die eeuwen kennelijk niet geholpen om er een einde aan te maken."

Waarom zijn de liberale moslims eigenlijk zo stil?
"Veelmoslims hebben moeite met een kritische zelfstandige blik op hun eigengeloof. Daarom hoorde je ze weinig na de aanslagen van 11 september ende moord op Theo van Gogh, uitingen van de politieke en orthodoxeislam. Men schaamt zich om te erkennen dat de gewelddadige componenteen onderdeel is van de islam. De woordvoerders van de islam in hetWesten zijn ook niet de meest gematigde. De radicale orthodoxie heefthier sinds de jaren ’80 een machtspositie veroverd. Mensen, die inEgypte werden vervolgd als terroristen, zijn in de Verenigde Staten enWest-Europa als poiltieke vluchtingen toegelaten. Uit onwetendheid ennaïviteit heeft Europa onfrisse figuren binnengehaald. Dan is het nietzo vreemd dat ze de jeugd beïnvloeden."

Het begon dus al voor  september en Pim Fortuyn.
"Zeker.Ik geloof niets in een verharding door Fortuyn. In Saoedi-Arabië zijntientallen terreuraanslagen gepleegd door radicale moslims en daarhadden ze echt geen last van Fortuyn of Van Gogh."
Nahed Selimzucht. "Iedereen is een beetje islammoe. Het mag best eens wat minderover de islam gaan, en dat zal ook gebeuren als de islamiseringterugloopt. Voor de lange termijn ben ik optimistisch. Succes vindtnavolging."

Carel Brendel in het AD, 27 jan. 2007

Bron

31 October 2008
By on 20:59
More Than 100 Reasons to Vote Against Barack Obama

Below is a good list of reasons not to vote for Barack Obama. They arenot listed in order of importance. I list the life issues, which Ithink are primary, toward the end. Some of the reasons are obviouslymore important than others. There are probably some things that shouldbe on the list that I haven’t thought of. Some of the items reflect myopinions, but I have tried to document the facts on the list with linksto credible news organizations and independent fact checkorganizations. To make a comment contact me at FrPeter16@cs.com

Barack Obama is NOT a New Kind of Politician

Barack Obama is a product of the corrupt Chicago political machine. He did nothing to reform it: http://chicagoagainstobama.wordpress.com/
http://www.washingtonpost.com/wp-dyn/content/article/2007/02/26/AR2007022600720_2.html

Barack Obama has the most liberal voting record of any other United States Senator: http://nj.nationaljournal.com/voteratings/

Obamahad his first political mentor Alice Palmer, thrown off the ballot inIllinois in order to take her place in the Illinois State Senate. Itwas Alice Palmer who introduced Obama to the domestic terroristsWilliam Ayers and Bernardine Dohrn:
http://www.talkleft.com/story/2008/5/29/23433/5727
http://www.politico.com/news/stories/0208/8630.html

MichelleObama was appointed vice president at the University Of Chicagohospitals in 2005. In 2006, Obama requested that the University ofChicago receive $1 Million to support its construction of the newhospital pavilion: http://obamaearmarks.com/2008/09/09/university-of-chicago-medical-center/

100 reasons Not to vote for Obama

30 October 2008
By on 20:16
Lichtgetinte overvallers slaan Haagse oma

laffer477.jpg

DENHAAG – Een 76-jarige oma is bij een overval in Den Haag bont en blauwgeslagen. Twee jongens belden gisterochtend bij Riet van der Puttenaan. Voordat ze het wist werd ze door een van de belagers genadeloostegen de grond geslagen.

"Ik doe anders nooit zomaar open",verzucht oma Riet in haar appartement in de Staverdenstraat. "Maar mijnburen zijn aan het verhuizen en ik dacht dat ze misschien wel mijn hulpnodig hadden." Volgens oma Riet hingen de twee lichtgetinte jongens dieop haar stoep stonden een kletspraatje op over een kennis van hen, naarwie ze op zoek waren. "Ze vroegen me of hij misschien bij mij zat."

Toenze ontkende, drong de grootste van de twee haar appartement binnen engaf haar in de woonkamer zo’n harde oplawaai dat het bloed uit haarneus spoot. "Ik denk dat hij me bewusteloos wilde slaan", zegt zestellig. "Met mij buiten westen konden ze in alle rust mijn huisdoorzoeken."

Gillen

Waar de overvallers echter niet ophadden gerekend, is dat oma Riet nog voordat de pijn doordrong het opeen gillen zette. Geschrokken zetten de jongens het vervolgens op eenhollen.

Het geschreeuw van de belaagde vrouw bracht haarstraatgenoten op de been. Haar onderbuurmeisje en haar Turkse buurvrouwschoten te hulp. In het ziekenhuis werd duidelijk dat haar neus isgebroken. Ook zitten er twee scheurtjes in haar jukbeen.

Dedochter van oma Riet hoopt dat de daders worden gepakt. "In de hal iseen muts gevonden. Misschien zit er wel bruikbaar dna op."

"Helaas was ik er niet", briest buurman Perry Chardonnens. "Anders had ik die gasten tot moes geslagen."

http://www.telegraaf.nl/binnenland/2329138/__Kan_het_nog_laffer___.html

Marokkaanse darters gepakt

    

      
Depolitie Gouda heeft vier Marokkaanse jongens van rond de 12 aangehoudendie een vrouw bijna blind maakten door een dartpijl in haar gezicht tegooien.

    

 

<arel="nofollow" target="_blank"href=’http://schoorsteen.geenstijl.nl/adclick.php?n=a730365e’><imgsrc=’http://schoorsteen.geenstijl.nl/adview.php?what=zone:10&amp;n=a730365e’border=’0′ alt=”></a>

      

De34-jarige folderbezorgster Coriena kreeg de pijl vorige week woensdagzonder enige aanleiding aan de Gedenklaan naar zich toegeworpen. Depunt kwam een centimeter onder haar oog. De Goudse deed aangifte, enherkende later vanuit een surveillance-auto in de wijk Oosterwei dedaders.

 

Aangifte

Die aangifteverliep niet zonder problemen. Coriena was eerst bij het politie-bureauweggestuurd met de mededeling dat ze ‘een week later’ moest terugkomen.Dat verdient ‘geen schoonheidsprijs’, zegt de politie nu dieonderbezetting van het bureau aanvoert.
De geschokte Coriena bezorgt inmiddels weer folders. ,,Het gaatredelijk goed. Je loopt toch nog wel wat angstig rond,x92x92 zegt ze tegenhet AD.

Bus stenigen mocht van politie

    

      
Twee stadsbussen zijn in Den Bosch-Noord bekogeld met stenen terwijl aanwezige politie niet ingreep.

    

 

<arel="nofollow" target="_blank"href=’http://schoorsteen.geenstijl.nl/adclick.php?n=a730365e’><imgsrc=’http://schoorsteen.geenstijl.nl/adview.php?what=zone:10&amp;n=a730365e’border=’0′ alt=”></a>

      

Deagenten stonden erbij en keken ernaar toen zondag 19 oktober in hetWielsem in Den Bosch de stenen richting de bus werden gegooid door eengroep jongeren.

 

De politie heeft het incident pas erkendnadat het Brabants Dagblad was getipt door een lezer. "De agentenkonden er niet goed bij komen", verklaart de woordvoerder de passieveopstelling.

 

Eenvan de stenen vloog door de ruit. "De buschauffeur begon hard tetoeteren en toen we uitstapten, zag ik meteen twee agenten op de stoepstaan. Het waren een man en een vrouw met de handen in de zakken.

 

Uitgescholden

 

Evenlater kwam een bus om ons weg te brengen en werd opnieuw gegooid zonderdat de agenten iets deden. Ik heb ze uitgescholden. Ik werd woedend.Vooral toen ze dreigden een boete te geven aan een jongetje dat zonderlicht op de stoep fietste."

 

Beelden

De politie wilde de camerabeelden uit de bus ook niet hebben en zou pasin actie komen als er getuigen naar voren zouden treden. "Hoe kun jenou nog om getuigen vragen terwijl je er zelf met je neus bovenop hebtgestaan?"

   Volgens Arriva staan de stenengooiers haarscherp op beeld. Pas na vragen van de krant kwam er actie en vroeg de politie de beelden op.


By on 20:10
40 miljoen kinderbijslag naar Turkije/Marocco


Door MARK VAN DER WERF
DENHAAG – Nederland verstrekt jaarlijks voor 40 miljoen euro aankinderbijslag aan jongens en meisjes die in het buitenland wonen.
afbeelding vergroten FOTO WWW.PIXELIO.DE
Het gaat om 41.500 kinderen binnen, maar ook buiten de Europese Unie.

Inveel gevallen woont de vader wel in Nederland, maar de kinderen (en demoeder) in het buitenland niet. Dat blijkt uit het antwoord op vragenvan de VVD.

Tot ergernis van Tweede Kamerlid Stef Blok gaat hetmeeste geld naar Turkije en Marokko. Hij vindt dat de ‘export’ vankinderbijslag moet stoppen. ,,De kans op fraude is groot en de controleis peperduur.”

Wat de VVD ook steekt is dat er mogelijk ookNederlandse kinderbijslag gaat naar kinderen die geboren zijn uitpolygame huwelijken.

Onder meer in Marokko is polygamietoegestaan. Als een in Nederland wonende en werkende man daar met meervrouwen is getrouwd, kan hij hier onder voorwaarden kinderbijslagkrijgen voor zijn kinderen die in het buitenland zitten.

Om hoeveel kinderen het daarbij gaat, weet staatssecretaris Albayrak van Justitie niet.

VVD’erBlok: ,,Het kan natuurlijk niet zo zijn dat polygamie in Nederlandverboden is, maar wel recht geeft op geld aan kinderen uit diehuwelijken.”

http://www.ad.nl/binnenland/2730768/…uitenland.html

=============

‘Albayrak verleent honderden asielzoekers extra pardon’

woensdag 29 oktober 2008 07:34

Naastde ruim 27.000 uitgeprocedeerde asielzoekers die zij de afgelopen tweejaar verblijfspapieren gaf, heeft staatssecretaris Nebahat Albayrak(Vreemdelingenzaken, PvdA) nog eens 340 vluchtelingen eenverblijfsvergunning gegeven.

Het gaat volgens woordvoerder Albayrak om ‘schrijnende gevallen’

Dat blijkt uit cijfers van het ministerie van justitie waarover De Telegraaf beschikt.

Albayrakheeft de illegalen gratie verleend door gebruik te maken van haar’discretionaire bevoegdheid’. Daarmee kan ze vluchtelingen die dooralle instanties zijn afgewezen, alsnog aan een verblijfsvergunninghelpen.

Tegen de regels
Volgens de krant maakt dePvdA-staatssecretaris ‘enkele keren per week’ gebruik van dezemogelijkheid. Sinds haar aantreden heeft Albayrak 340 vluchtelingenverblijfspapieren gegeven die hier volgens de regels geen recht ophebben.

Haar woordvoerder laat weten dat Albayrak hetzelfde doetals haar voorgangers, en dat de mogelijkheid wordt gebruikt voor’schrijnende gevallen’.

‘Cadeautjes’
PVV-Kamerlid SietseFritsma spreekt van ‘cadeautjes’ en wijst er op dat die door hetgeneraal pardon niet meer nodig zijn. Onder Albayrak kregen deafgelopen twee jaar ruim 27.000 uitgeprocedeerde asielzoekers eenverblijfsvergunning.

Door Robbert de Witt

http://www.elsevier.nl/web/10209404/Nieuws/Politiek/Albayrak-verleent-honderden-asielzoekers-extra-pardon.htm

==================

Albayrak is gul met gratie

DenHaag – Los van het generaal pardon heeft staatssecretaris Albayrak(Justitie) enkele honderden verblijfsvergunningen verstrekt aan andereafgewezen asielzoekers.

Albayrak kan niet rekenen op steun van haar partijgenoten.

Sindshaar aantreden gaat het om ruim 340 gratiegevallen, dwars tegen alleambtelijke adviezen in. Justitie heeft de cijfers in kaart gebracht navragen hierover van De Telegraaf. De PvdA-bewindsvrouw maakt gemiddeldenkele malen per week gebruik van de zogeheten ‘discretionairebevoegdheid’. Dat is het speciale recht van een bewindspersoon om zelfalsnog asiel te verlenen aan schrijnende gevallen, die volgens deregels niet voor een verblijfsvergunning in aanmerking komen.

Verzoekenvoor gratie worden regelmatig gedaan door advocaten, burgemeesters ofactiecomités, nadat de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) enzelfs de rechtbank verblijfsverzoeken herhaaldelijk hebben afgewezen.Albayrak kan vervolgens zowel de IND als de rechter passeren.

Detoewijzingen komen boven op het generaal pardon, waardoor ruim 27.500afgewezen asielzoekers nog geen twee jaar geleden alsnog eenverblijfsvergunning kregen. Zij mogen bovendien hun partners enkinderen naar ons land halen.

Volgens het ministerie vanJustitie doet Albayrak niets ongewoons en staan de gratiegevallen losvan het generaal pardon. "Deze bevoegdheid kan de staatssecretaristoepassen bij individuele schrijnende omstandigheden", aldus eenwoordvoerster van Albayrak. "De staatssecretaris wijkt daarbij niet afvan haar voorgangers."

De PVV wil in een spoeddebat zo snelmogelijk opheldering over de cijfers. "Dit zijn honderden cadeautjesbuiten het vreemdelingenbeleid om", aldus PVV-Kamerlid Sietse Fritsma.Voormalig minister van Vreemdelingenzaken Rita Verdonk maakte ookveelvuldig gebruik van de discretionaire bevoegdheid. Zij hielp ruim1100 afgewezen asielzoekers aan een verblijfsvergunning. VolgensFritsma is de noodzaak om op zo’n grote schaal gratie toe te passenvoor opvolgster Albayrak echter verdwenen door het generaal pardon.

www.detelegraaf.nl

======================

IND: Sinterklaas Albayrak komt ook uit Turkije

StaatssecretarisAlbayrak is het generaal pardon dunnetjes aan het overdoen. GeenStijlheeft de hand weten te leggen op een brandbrief van de Immigratie enNaturalisatie Dienst. Hierin (Pagina 1 & Pagina 2) uiten enkeleIND’ers hun bezorgdheid over het beleid van mevrouw. Volgens anomiemeIND-ers deelt Albayrak "als een soort Sinterklaas (ook uit Turkijeafkomstig!)" verblijfsvergunningen uit aan asielzoekers die niet meervoor het pardon in aanmerking komen. Albayrak heeft zogenaamde"discretionaire bevoegdheid" en mag dit bij hoge uitzondering doen.Justitie zei vanochtend tegen De Telegraaf de Televaag dat ze tot nutoe iets meer dan 340 keer gebruik heeft gemaakt van die bevoegdheid.Tijdens een Kameroverleg vanmiddag reageerde de staatssecretarisverbaasd: "Zijn het er zo weinig? Toen ik het cijfer zag, dacht ik: ikmoet beter m’n best gaan doen." Maar volgens de IND’ers zit Albayrakkeihard te liegen. Volgens hen ligt het aantal discretionairegevalletjes op Dat"meer dan 3500".zijn bijna 6 vergunningen per dag. Gevolg van deze vrijgevigheid kanzijn dat andere uitgeprocedeerden op grond van het gelijkheidsbeginselzullen proberen om alsnog een vergunning te krijgen. En dan is het hekhelemaal van de dam. De PVV is de Kamervragen aan het opstellen as wespeak. Drie keer raden wie de Zwarte Piet krijgt.

http://www.geenstijl.nl/mt/archieven/2008/10/sinterklaas_komt_ook_uit_turki.html

=======================

IND klokkenluiders openen aanval op Albayrak

woensdag 29 oktober 2008

PVV-Kamerlid Sietse Fritsma is benaderd door een groep IND- medewerkers,die zware kritiek leveren op het functioneren van staatssecretarisAlbayrak.
De staatssecretaris strooit volgens de klokkenluidersveelvuldig en volkomen willekeurig met verblijfsvergunningen. Zegebruikt hierbij haar discretionaire bevoegdheid om afgewezenvreemdelingen alsnog een verblijfsvergunning te bezorgen. Deklokkenluiders illustreren dit met een interne IND- notitie over eenpraktijkzaak, waaruit blijkt dat de staatssecretaris –tegen het adviesvan IND medewerkers in- inderdaad een verblijfsvergunning heeftverstrekt aan iemand die daar normaal gesproken nooit voor inaanmerking zou komen. Daarom wordt gesproken over Sinterklaasgedrag vaneen staatssecretaris die bezig is heel veel mini generaal pardons teverstrekken. Volgende week zal Fritsma de staatssecretaris (tijdens deJustitie begroting) confronteren met de kritiek, en van haar eisen dathet geven van dit soort cadeautjes ophoudt!

Klik hier voor de documenten op de website van BNR.nl.
http://www.bnr.nl/artikel/10397981/albayrak-pleegt-willekeur-misbruik

http://www.geenstijl.nl/archives/images/indbrief1001.jpg

http://www.geenstijl.nl/archives/images/indbrief1002.jpg

==================

Wet Falend Ouderschap

DENHAAG – Het PvdA-Tweede Kamerlid Marjo van Dijken werkt aan een wet diefalende moeders verplicht een prikpil voorschrijft. Hiermee zoudenvolgende zwangerschappen moeten worden voorkomen.

Als deslecht functionerende ouders de pil weigeren en weer zwanger worden,zou het nieuwe kind meteen moeten worden weggehaald bij de ouders.
VanDijken kondigde drie jaar geleden al aan dat de wet zou komen. Devoorbereiding heeft volgens haar veel langer geduurd dan gepland.Deskundigen moeten de wet nog op juridische haalbaarheid toetsen.Volgens de PvdA-politica komt het onderwerp van falend ouderschap enmishandeling/verwaarlozing steeds hoger op de politieke agenda te staan.
Hetis Van Dijken te doen om ouders die bewezen hebben slechte opvoeders tezijn. De twee verstandelijk gehandicapte ouders van baby Hendricus uitGeldermalsen die nu in het nieuws is, zouden buiten de reikwijdte vande PvdA-wet vallen. In dat geval gaat het om een eerste kind van eenechtpaar. De ouders hebben niet de kans gehad om zich op de opvoedingen verzorging te richten. De baby is een pleeggezin geplaatst.

Bron: http://www.ad.nl/binnenland/2729372/…uderschap.html


By on 19:38
ikkanstoppen.nl

Over roken bestaat veel informatie. Hieronder staan de belangrijkste feiten en cijfers op een rij:

Aantal rokers

  • Volgens cijfers van de WHO (Wereldgezondheidsorganisatie) roken wereldwijd ongeveer 1,3 miljard mensen sigaretten.
  • InNederland zijn ongeveer 4 miljoen rokers volgens cijfers van Stivoro(nationale organisatie voor voorlichting over de gezondheidsrisico’svan roken).
  • Meermannen dan vrouwen roken. In 2005 ging het om 31,1% van de mannen en24,5% van de vrouwen. In 1997 was dit 37,6% versus 30,3%.

Meeroken 

  • Als iemand rookt, ontstaan twee verschillende soorten rookstromen:
    • hoofdstroomrook: door de roker geïnhaleerd en uitgeademd
    • zijdelingse rook (tweedehands rook): komt van het brandende uiteinde van een sigaret
  • Beidesoorten rook zorgen ervoor dat de degenen die zich in de buurt van deroker bevinden meeroken. De tabaksindustrie stopt verbazingwekkendgenoeg substanties in sigaretten die giftig zijn voor passieve rokers.In feite zitten er in zijdelingse rook hogere concentraties giftigestoffen dan in de rook die door de roker wordt uitgeblazen.
  • Bijna 85% van de rook in een kamer komt van zijdelings roken.

Roken, het milieu en de Derde Wereld 

  • Tabakis een belangrijke bron van luchtvervuiling binnenshuis. Het duurt meerdan 2,5 uur voordat de giffen en kankerverwekkende stoffen van eenenkele sigaret (gerookt in een kamer met de ramen open) dalen naar eenacceptabel risiconiveau (bepaald door de Milieubeveiligingsdienst in deVS).
  • Tabakwordt in meer dan 100 landen geteeld. Daarvan zijn er 80derdewereldlanden. In veel daarvan vormt de teelt van tabak een ernstigmilieuprobleem. In veel landen waar tabak wordt geteeld, vindt op groteschaal ontbossing plaats. Bomen worden omgehakt om plaats te maken voortabaksvelden. Bijna 5% van alle wouden gaat in rook op dankzij detabaksteelt in ontwikkelingslanden.
  • 40% van het straatvuil bestaat uit sigarettenpeuken.

Stoppen met roken

De Fletchercurve hieronder laat zien dat het wel degelijk zin heeft om zelf na je 65ste nog te stoppen

 

Binnen 5 jaar dat je bent gestopt, is het risico op overlijden door longkanker al met de helft afgenomen.

  • Als je 10 jaar niet rookt, neemt het risico om aan longkanker te sterven nog verder af.
  • Mensen die stoppen voor hun 35ste vermijden 90% van de gezondheidsrisico’s die te wijden zijn aan tabak.
  • Gemiddeldhalveren rokers die stoppen voor hun 50e hun risico om de volgende 15jaar te sterven, vergeleken met rokers die doorgaan.
  • Hetis nooit te laat om te stoppen. Vrouwen die 65 jaar zijn als zestoppen, verlengen hun levensverwachting met ongeveer 4 jaar vergelekenmet rokers die doorgaan.
  • Rokers die de hoeveelheid sigaretten per dag met 10 sigaretten terugbrengen, hebben vaak 50% minder hoofdpijn.
  • Gezonde personen hebben na het vijfentwintigste levensjaar een geleidelijke vermindering van de longfunctie.


Hoe denkt Nederland over roken?

Inmei 2007 voerde TNS NIPO een onderzoek uit onder rokers, ex-rokers enniet-rokers over de mening van Nederland over roken. Uit dit onderzoekblijkt dat 95% van de Nederlanders van mening is dat roken eenverslaving is. Opvallend is dat vooral jongeren het als een serieuzeverslaving zien.

Daarnaastblijkt dat meer dan de helft van de mensen die roken (54%) meerderepogingen heeft ondernomen om te stoppen met roken. Helaas is het eengroot deel van deze groep tot op heden niet gelukt om op eigen krachtvan de sigaret af te blijven. Het merendeel van de Nederlandsebevolking weet of begrijpt dat het moeilijk is om te stoppen en datrokers hierbij alle hulp kunnen gebruiken. Dit blijkt uit het feit dat65% van de Nederlanders van mening is dat de huisarts een actieve rolmoet spelen in het tabaksbeleid en mensen actief moet bijstaan om vanhet roken af te komen. Ex-rokers vinden de rol van de huisarts zelfsnog iets belangrijker (68%). Tenminste 69% van de rokers geeft aan datzij graag zouden zien dat hulpmiddelen om te stoppen met roken volledigworden vergoed.

Uithet onderzoek komt verder dat een rookvrije horeca voor 70% van deNederlanders een verademing zou zijn. Vooral de niet-rokers (90%) enex-rokers (81%) kijken uit naar een fris avondje uit. Wie weet behoorjij straks ook tot deze groep!


By on 19:36
‘Aan het Volk van Nederland’

Dit is de volledig tekst van het pamflet ‘Aan het Volk van Nederland’dat in 1781 anoniem verscheen in de Nederlandse Republiek. Later bleek datde patriotse leider Johan Derk van der Capellen tot den Pol er de schrijvervan was. Het pamflet gaf de aanzet tot het op gang komen van de patriotserevolutie, die in 1787 weer werd teruggedraaid door Pruisisch ingrijpen.

Waarde medeburgers!

Indien gij mij, schrijver dezes, in mijn persoon, denkwijze enparticuliere omstandigheden kende, zou ik U niet behoeven teverzekeren, dat ik geen fortuinzoeker ben; dat ik niet alleennooit enig ambt heb bekleed, maar dat ik er zelfs nooit eenbekleden noch begeren kan; dat ik derhalve volkomen belangeloosen daarom geloofwaardig ben, wanneer ik U betuig, gelijk ik voorden Alwetenden God doe, dat niets dan verontwaardiging over degoddeloze wijze, waarop ge verkocht en verraden wordt, mij dringtom mij tot U te wenden; en daarnaast met een vurige begeerte om,eer het voor altijd te laat is, nog een poging tot Uw, tot onsaller redding te doen.
Het is, mijn waarde medeburgers!niet sinds gisteren of eergisteren dat men U bedriegt enmishandelt; neen, ge zijt, om niet van vroeger tijden te spreken,nu sedert bijna twee eeuwen de speelbal geweest vanallerlei heerszuchtige lieden, die, onder de schijn van voor Uwbelangen en vrijheid te zorgen, niets – ja, zowaar als er een Godis, aan wie ik wegens dit geschrift rekenschap zal moeten geven -volstrekt niets anders beoogd hebben dan een erfelijk juk op Uwvrije halzen te drukken.
Vergun mij derhalve, dat ik U uit degeschiedenis van ons vaderland – niet zoals die U door gehuurdeschrijvers of onkundige of met vooroordelen behepte mensen maaral te dikwijls wordt voorgesteld, maar zoals de zaken waarachtiggebeurd zijn – met weinig woorden en in een eenvoudige enverstaanbare taal mag uiteenzetten, hoe het er eigenlijk meegelegen is, en wat men met U, met ons allen, met hetNederlandse Volk steeds heeft voorgehad.
Van devroegste tijden af zijn deze landen bewoond geweest door dappereen vrije volken. De Batavieren zijn de oudsten, waarover meninlichtingen heeft. Zij voelden de waarde van de vrijheid enkenden het juiste en enige middel om die vrijheid tebewaren.
Zij lieten zich daarom niet regeren door lieden diezich zelf verkozen of door een ander – naar zijn goedvinden -gekozen werden; die bij gevolg niet van hen afhingen, die hungeen rekenschap schuldig waren en waar zij, als ze niet goedregeerden, geen macht over hadden; neen, zij hielden het heftzelf in handen. De voornaamste zaken van hun land deden ze zelfaf in hun algemene vergaderingen, waar het gehele volk gewapendbijeenkwam en elke Batavier evenveel te zeggen had. Om hen in deoorlog (waar ze bazen in waren) voor te gaan en aan te voeren,kozen ze de dapperste, de wijste, de deugdzaamste uit het middenvan hun landgenoten. Zij riepen daartoe geen vreemde prinsen ofhertogen, die toch alleen maar om fortuin, dat is om den brode,dienen en doorgaans te machtig zijn om, als zij zich misdragen,naar verdienste gestraft te kunnen worden. Voldeed hun hetverkozen opperhoofd, dan lieten ze hem die post houden, zo niet,dan dankten ze hem af. En had hij zijn vaderland verraden, ofdoor zijn aanhangers en creaturen van binnen of door vreemde hulpvan buiten getracht zijn Huis machtiger te maken en zich alseen Soeverein te gedragen, dan behoef ik U niet te zeggen,hoe die Batavieren zo een zouden hebben getrakteerd!
Behalvede Batavieren woonden er ook nog andere moedige volken, onder wiede Friezen zeer beroemd waren.
Omstreeks het jaar 277 naChristus veroverden de Franken (een volk uit Duitsland afkomstig,dat zich later neergezet heeft in dat grote, vruchtbare land, datnog heden naar hen Frankrijk wordt genoemd) die Franken, zeg ik,veroverden deze en de naburige landen, en lieten deze regerendoor een soort gouverneurs, toen hertogen en gravengenaamd. Het ambt van deze hertogen en graven, die eerst maarvoor hun leven – mogelijk voor kortere tijd – werden aangesteld,werd langzamerhand erfelijk, gelijk dat doorgaans zo gaat als meneen belangrijk ambt lang in hetzelfde huis van vader op zoon laatblijven; en, in plaats van langer gewoon maar gouverneurs tezijn, werden die graven en hertogen zelf de heren van dezelanden, en trouwden zo lang onder en met elkaar tot bijna al dezeprovincien door erfenis onder de heerschappij kwamen van KeizerKarel de Vijfde. Deze nam Gelderland en Utrecht, welke provincieshij nog niet had, er met geweld bij en zag zich dus heer van allede zeventien Nederlandse provincien, die hij, omdat het regerenhem ging verdrieten, of om andere redenen, in het jaar 1555 aanzijn zoon Filips (daarna Koning van Spanje) afstond enoverdroeg.
Denk evenwel niet, mijne landgenoten!, dat diegraven, hertogen en heren – hoezeer hun macht, gelijk ditdoorgaans gebeurt, van tijd tot tijd ook was toegenomen envergroot, denk niet, dat zij hier te lande maar alles konden doenwat zij wilden, neen waarachtig! Zij konden het minder naar hunzin krijgen dan onze Prinsen van Oranje, ofschoon die slechts denaam van Stadhouder voeren. Ze hadden net als alle vorsten engroten, die er ooit geweest zijn, die er tegenwoordig zijn en dieer nog zullen komen, best zin om de grenzen van hun gezag uit tebreiden, om de baas te spelen, om alles alleen voor het zeggen tehebben. Met andere woorden: om zich Soeverein te maken,maar onze brave voorouders beletten hun dit. Het volk, dat wilzeggen, de hele natie, de ingezetenen des lands, burgers enboeren, groten en kleinen, rijken en armen, die allen tezamen denatie of het volk uitmaken, vergaderden wel niet meer als vroegerde Batavieren deden (en nog tegenwoordig op sommige plaatsen inZwitserland gebeurt) om zelf te regeren. Dit was ook nietpraktisch, omdat er onder zo’n grote vergadering van allerleimensen altijd te veel verwarring heerst om rustig over delandsbelangen te kunnen beraadslagen, en omdat een heel volk ookgeen tijd heeft om – met verzuim van zijn affaires – steeds maarbijeen te komen. Maar overal had onze natie zekere lieden, dieervoor zorgden en opletten dat de zaken des lands goed gingen,die moesten zeggen, hoeveel geld er ten dienste van de vorst ofhet gemenebest zou worden opgebracht, en toezagen of dat geld welgoed besteed werd. In de steden waren bijna overal of gilden ofschutterijen of gezworen gemeenten of andere goed bekendstaandemannen die een oog in het zeil hielden en op verscheiden plaatsenzelfs de regenten kozen. Op andere plaatsen hadden – zoals nog inDrente, Groningen en Friesland gebruikelijk is – zelfs de boerenook wat te zeggen, en dat was ook heel juist, want zij zijn ookingezetenen des lands die even goed als de overigen hun belastingopbrengen ten dienste van het land.
De ingezetenen warenallemaal gewapend en strijdbaarder dan wij thans zijn. En devorsten des lands hadden eerst helemaal geen en daarna maar heelweinig soldaten in dienst, waarmee ze het land konden dwingen,gelijk onze Prinsen van Oranje dat tegenwoordig kunnen, wanneerze maar willen, en ook meer dan eens gedaan hebben. Die vroegerevorsten hadden ook niet zoveel aanzienlijke vette en tevensonnodige ambten te vergeven als onze prinsen en konden dus ookniet zo’n groot aantal hongerige, trotse, kale edelen en andereverachtelijke groten zo makkelijk aan zich verbinden en in dehoge vergaderingen – waar liefst over het geluk en ongeluk vanonze hele natie wordt gedelibereerd en beslist -, zo latenstemmen als het hun behaagt, en zoals met hun bedoelingenovereenkomt, – al zijn die nog zozeer in strijd met het heil ende voorspoed van het land.
Onze landaard was er altijd opbedacht om bij alle mogelijke gelegenheden allerlei voorrechtente bedingen en om de eerbiediging daarvan door de vorsten bij hunkomst tot de regering, te laten bezweren. Onze landgenotenwaakten er bijvoorbeeld altijd voor dat door de vorst geenvreemdelingen in het bestuur werden gedrongen. Zij zorgden ersteeds voor, dat de vorst hun geen schattingen of lasten oplegde,dan die waartoe zij zelf of hun gecommitteerden hun toestemmingvrijwillig hadden gegeven. Zij lieten de vorst niet toe op eigengezag over vrede of oorlog te beslissen, of overal, waar hij maarwilde, garnizoenen te leggen, dat betekent de meester te komenspelen. Ja, zo’n diep doorzicht had men toen in gezondestaatkunde en zo goed begreep men toen, welke invloed huwelijkenmet vreemde huizen kunnen hebben, dat men in 1477 van de GravinMaria van Bourgondie eiste, dat zij niet zou trouwen dan mettoestemming van de Staten van het land. Die Staten – dat moet gesteeds goed beseffen – waren toentertijd op de een of anderemanier van het volk, van de ingezetenen afhankelijk, in elk gevalniet van de vorst, zoals onze tegenwoordige regenten van dePrinsen van Oranje, onze Stadhouders afhankelijk zijn.
Nudan – die Filips, Koning van Spanje en onze landsheer, was eenheerszuchtig vorst die, net als zijn vader en verdere vooroudershun onderdanen in Spanje en elders reeds van alle voorrechten envrijheden beroofd hadden, ook van plan was in onze Nederlanden deslavernij in te voeren. Hij kon niet verkroppen, dat hij die inzijn andere erflanden reeds als een God regeerde, hier ook nietalles naar zijn boze zin kon krijgen.
Het eerste wat hij deedwas krijgsvolk op de been brengen, waarmee zijn vader ook al wasbegonnen. Maar dat was nog niet genoeg. Hij zond onder allerleivoorwendsels vreemd krijgsvolk naar ons toe, want daar kon hijnog beter staat op maken dan op inlands krijgsvolk, ofschoon ditwaarachtig reeds gevaarlijk genoeg is voor de vrijheid. Hijvertrouwde het roer der regering aan vreemdelingen toe, die -zoals de brave Heren van Amsterdam zeer juist zeggen – beschouwdworden als mensen die onze regeringsvorm onvoldoende kennen,noch ons land een goed hart toedragen.
Om zijn gezag uitte breiden en een van de gewichtigste rechten van het volk:dat ieder door zijn eigen wettige rechter moet wordenberecht de bodem in te slaan, maakte hij allerijselijksteplakkaten tegen allen die de roomse godsdienst verlieten, envoerde een rechtbank in, de inquisitie genaamd, die zonderaanzien van personen, rechten of voorrechten, die plakkaten moestuitvoeren met pijnigen, moorden, hangen en branden.
Gij moetweten, mijn landgenoten! dat voor die tijd in ons land – gelijkbijna overal in Europa – geen andere godsdienst was dan deroomse. In Zwitserland, Duitsland, Frankrijk en elders waren alenige tijd tevoren een groot aantal mensen begonnen diegodsdienst te verlaten. Dat begon hier onder de regering vanKeizer Karel en deze Koning Filips ook. Die slimme vos begreepdirect, dat hij nu een gunstige gelegenheid had om onder dedekmantel van heilige ijver voor het oude geloof al devoorrechten van onze natie de bodem in te slaan. Maar onze natiebegreep zijn toeleg, en de roomsen zowel als de onroomsen, dieeerst maar een klein en machteloos kuddeke waren, doch allengstoeloop kregen, verenigden zich allen als broeders, om hetgemeenschappelijk gevaar af te wenden. Men beloofde elkaar overen weer in al zijn rechten en ook in de vrije uitoefening vanelkanders godsdienst, te zullen beschermen en men nam dewapenen op tegen de gemeenschappelijke dwingeland en zijnaanhang.
In deze tijd bevonden zich, onder veel andere edelen,drie grote en machtige mannen in het land, Prins Willem deeerste van Oranje, een Duitser, doch die hier vele goederenen dus vrij wat te verliezen had; de Graaf van Egmond en de Graafvan Hoorne, beide Nederlanders. Deze drie heren werden vanwegehun pogingen om de vreemdelingen (in het bijzonder de Kardinaalvan Granvelle, die het oor des Konings en een onbeperkteinvloed op diens geest had) uit het staatsbestuur te verwijderen,het allermeest door de vorst gehaat.
Evenals de brave herenvan Amsterdam in deze bittere dagen onze Oranjevorst trouwhartigen welgemeend gewaarschuwd hebben, dat het met ons lievevaderland gedaan is, en hijzelf bij de natie wel eens eenvoorwerp van minachting en wantrouwen zou kunnen worden als hijnog langer gehoor geeft aan de raad en influisteringen van deHertog, een vreemdeling, die door groten en kleinen gehaatwordt en door iedereen als de oorzaak van al onze tegenwoordigerampen wordt beschouwd – precies op dezelfde manier schreven dezedrie heren in een brief aan Koning Filips:
‘Dat zij wellang gezwegen hadden, maar nu, zonder Zijne Majesteit eenondienst te bewijzen en deze landen aan een onvermijdelijkeondergang bloot te stellen, niet langer konden verbergen hetgeenhun kwelde. Dat er een algemeen gevoelen heerste onder delandzaten, dat de hele spil van de regering in handen van deKardinaal Granvelle was,- welk gevoelen de Koning niet zou kunnenweg nemen, zolang hij de Kardinaal aan het bewind liet,- dat hethele volk ontevreden was over die bewindsman, wat als oorzaakgerekend moest worden, dat ‘s Konings zaken hier nietvoorspoediger gingen,- dat zij hierom de vrijheid namen ZijneMajesteit voor te houden dat hij er goed aan zou doen liever zijnvoornaamste Leenmannen en het ganse Volk dan een enkele Granvellete gerieven.’
Hierop antwoordde de Koning:
‘Dat hijzich verzekerd hield van de ijver der Heren tot zijn dienst, dathij van plan was eerlang hierheen te komen om de toestand teonderzoeken, doch dat hij intussen graag zou zien, dat een vanhen naar Spanje zou komen om hem van alles meer in het bijzonderte onderrichten, aangezien de brief slechts algemenebeschuldigingen inhield, en het ‘s Konings gewoonte niet wasiemand van zijn dienaren te ontslaan, zonder behoorlijke kennisvan hetgeen hun ten laste werd gelegd.’
De heren, zegt dehistorieschrijver Wagenaar, uit wiens werk ik dit stuk woordelijkoverneem, toonden zich over die brief zeer misnoegd. Zij vondenhet zeer vreemd, dat van hen een reis naar Spanje gevergd werd omeen enkele man te beschuldigen, en beantwoordden ‘s Konings briefop de volgende wijze:
‘Terwijl ze Zijne Majesteit prezen,dat hij geen van zijn dienaren zonder reden ontslaan wilde,merkten ze op, dat hetgeen zij tegen de Kardinaal inbrachten,niet ertoe strekte om hem te beschuldigen, maar veeleer om hem tedoen ontheffen van een last die hem weinig lag en die hij nietlanger zou kunnen dragen zonder veel ongemak en beroering teveroorzaken. Dat zij zich in bijzonderheden over hem haddenuitgelaten, omdat de verwarring en de ontevredenheid in de staatgenoeg toonden, van hoe weinig dienst zijn tegenwoordigheid,reputatie en bewind hier te lande waren. Dat zij zich echter nietals zijn beschuldigers beschouwen, noch tegen hem willen pleiten,maar als trouwe vazallen (onderdanen) de Koning alleen in kenniswillen stellen van hoe de toestand is, in de veronderstelling,dat hun aanzien nog groot genoeg zou zijn, om hierin geloof teverdienen.’
De Koning, wel verre van deze edelen dankbaarte zijn voor dit blijk van trouw en ijver voor zijn waarachtigebelangen, was woedend. Hij wilde zijn raadsman, zijn Achitophel,die hem zo meesterlijk diende in het onder de duim houden vandeze vrije landen, niet missen. Hij wilde hem de natie ten spijthandhaven, zoals onze Prins nu ook de Hertog doet. Doch de partijtegen Granvelle werd te sterk. Een menigte andere edelen vielbovengenoemde heren bij. Zij verbonden zich onderling. De Staten-Generaal, niet zoals tegenwoordig door de geest van eenEngelsgezinde Stadhouder, maar door de geest der vrijheidgedreven, ondersteunden deze patriottische pogingen. Zijweigerden te vergaderen of enig voorstel aan te horen waar degehate vreemdeling bij tegenwoordig was. Eindelijk liep het zohoog, dat de Koning zich gedwongen zag de Kardinaal, die zijnleven niet langer zeker was, van hier te doen vertrekken. Dochintussen zon hij op wraak. Vier jaar later zond hij de Hertog vanAlva met een leger Spaanse soldaten. Egmond en Hoorne lieten zichnaar Brussel lokken, waar Alva hen met nog een menigte anderepatriotten de kop voor de voeten liet leggen.
Willem de Eerstewas te slim. Hij hield zich buiten schot en toen hij zag dat ergeen vergiffenis of verzoening voor hem te krijgen was, maaktehij met onze onderdrukte natie gemene zaak en heeft aan onzenatie grote en gewichtige diensten bewezen. Hij was een heelverstandige, brave, vriendelijke, goedhartige en goedaardigePrins, die walgde van alle vervolgingen om de godsdienst en graaggezien zou hebben, dat men tegenover de roomsgezinden toen beterwoord had gehouden.
Denk echter niet, mijne landgenoten, datdeze Prins al die grote diensten aan ons land, waar hij eigenlijkmaar een vreemdeling was, enkel uit edelaardigheid of voor nietsbewees. Neen voorwaar! In 1584 had hij het al zover gebracht, datmen hem Graaf van Holland zou hebben gemaakt, welke titel hij ende zijnen ook erfelijk zouden hebben gedragen, als hij niet dooreen omgekochte Spanjaard verraderlijk was vermoord. Want ermankeerde alleen nog maar de inhuldiging aan, die voornamelijkdoor het vrijheidminnend Amsterdam werd tegengehouden, omdat deregering van die stad zei zo’n grote stap niet te durven doenzonder raadpleging van tevoren van haar burgers en schutterijen.Dat nam Prins Willem de stad zeer kwalijk, en hij wilde nietlanger dat de burgers of gilden of schutterijen over ‘s landszaken zouden worden geraadpleegd. De Staten van Holland haddennamelijk op zijn aandringen in 1581 besloten, dat in ‘t vervolgdit raadplegen niet meer zou geschieden zonder hun permissie. Enachteraf is genoeg gebleken en het blijkt nog steeds, dat deStaten niet van plan waren die permissie ooit te geven.
Opzo’n manier begonnen de groten aan onze voorvaders de vrijheid teontnemen, reeds terzelfder tijd dat zij ter verdediging van dievrijheid tegen de Koning van Spanje goed en bloed gaven! Ditdeden de Staten van Holland die overigens brave regenten waren.Dit deed een Prins die het inderdaad goed met ons land meende!Wij kunnen hieruit leren, dat de volken, willen zij hun vrijheidbehouden, steeds waakzaam moeten zijn en in geen sterveling – wiehet ook is – een onbeperkt vertrouwen moeten stellen.Integendeel, zij moeten ieder die enig gezag en macht in handenheeft, maar vooral de vorsten en lieden van hoge geboorte, weldegelijk wantrouwen, en hen steeds in het oog houden, omdat deondervinding van alle tijden, van het begin der wereld tot oponze dagen toe, geleerd heeft, dat zelfs de beste mensendoorgaans zwak genoeg zijn om de hun toevertrouwde macht tewillen vergroten. Het heersen is zoet! Waakt dan landgenoten, engij zult vrij blijven!
Toen Willem de Eerste dood was en zijnzoon Prins Maurits nog maar een jongeling, die te Leiden op deacademie was en nog niet de minste ondervinding had, trof hetzeer gelukkig dat de voorzienigheid vader Barneveld onshad gegeven. Deze grote en goede man, wiens bekwaamheden, wiensdeugd en trouw en wiens rampzalig uiteinde de bewondering vanalle eeuwen zal behouden, was de enige hoop en de enige steun vanonze opkomende Republiek. De Engelsen, dat trouweloze volk,hadden toen reeds in de zin om zich met list van ons meester temaken. Voor dat doel hadden zij ons Graaf van Leicester met enigehulptroepen toegezonden, een schijnheilige booswicht, die dooreen voorgewende ijver voor het protestantisme de vromen en depredikanten in ons land had weten te begoochelen. Hij moest -zoals ook geschiedde – aan het hoofd van onze regering wordengesteld onder de titel van Gouverneur Generaal der VerenigdeNederlanden. Doch, eer hij nog hier was, had vader Barneveld,wiens eerlijke en wijze raad doorgaans blindelings gevolgd werd,de jongeling Maurits groot gezag laten opdragen. Hij overreeddede Staten om hem tot Stadhouder en kapitein-generaal van Hollanden Zeeland te verkiezen. Dus viste Leicester achter het net, dieer dan ook zo verbolgen over was, dat hij sindsdien een plansmeedde om Barneveld en Maurits beiden gevankelijk naar Engelandte zenden. Maurits geleid door deze brave man, die inderdaad enin waarheid zijn tweede vader was, gelijk ook de Prinses-weduwevan Prins Willem I hem tot het laatst toe als zodanig heeftgeeerd, deed grote daden. Hij werd de grootste generaal van zijntijd, en bewees ons land als zodanig vele diensten. Het zou voorons gelukkig geweest zijn, indien Maurits net zoveel deugd envaderlandsliefde had bezeten als heerszucht. Maar in dat opzichtleek hij op de meesten die met groot gezag speciaal over hetleger bekleed zijn; daarbij wist hij hoe weinig het maargescheeld had of hij was een geboren Graaf van Holland en duswaarschijnlijk heer van de overige Verenigde Nederlanden geweest,en zo werd de begeerte om zich Soeverein te maken geprikkeld. Deschrandere Barneveld merkte dat en het deed hem verdriet.Eindelijk kwam de gelegenheid die Maurits gunstig scheen en ookwas.
De twist over de opvattingen van Gomarus en Arminiusbracht verdeeldheid in onze burgerstaat zowel als in onze kerk.Barneveld, een vijand van scheuringen, had de Staten van Hollandmaatregelen aangeraden om scheuring in kerk en burgerstaat tevoorkomen. Maurits daarentegen, die in troebel water moest vissenom wat te vangen, zocht juist scheuring. Hij bereikte zijn doel.Hij liet door allerlei vuile lasterschriften en door zijnafgezanten, de brave Barneveld eerst zwart maken, en toen hij hemgehaat genoeg gemaakt had, liet hij hem gevangennemen. De Statenvan Holland, wier dienaar de oude man was, namen hem wel inbescherming. Maar wat deed de Prins? Hij trok met zijn gardes ensoldaten langs de Hollandse en andere steden en veranderde overalmet geweld de regeringen. Hiervan was natuurlijk het gevolg – nude oude en beste regenten afgezet waren waarvoor in de plaatsslechts afhangelingen van Maurits gesteld waren, – dat de Statenvan Holland uit slaven van Maurits bestonden en al zulkebesluiten namen als hij hun voorschreef. Hij liet toen deremonstranten (wier denkbeelden, als hij enige religie heeftgehad, hijzelf zonder het te weten was toegedaan) niet alleen uitde kerk zetten, maar ook – waar het hem eigenlijk om te doen wasgeweest, omdat zij de ijverigste voorstanders der vrijheidwaren – overal uit de regering zetten. En hij liet 24 rechtersaanstellen, die, althans de meerderheid, godvergeten boos genoegwaren, (om Maurits en hun eigen fortuin te gerieven) de oudezeventigjarige patriot ter beloning van zijn langdurige en trouwedienst, het eerwaardige grijze hoofd te laten afslaan, enanderen, onder wie de vermaarde Hugo de Groot tot levenslangegevangenisstraf te laten veroordelen.
0, mijne waardelandgenoten! Welke Uw godsdienstige begrippen ook mogen zijn,gelooft u toch nooit dat Barneveld een landverrader was of ooitook maar iets gedaan heeft dat straf verdiende! Hij en hij alleenis in Gods hand het werktuig geweest om het benauwde vaderland nade dood van Prins Willem I door die zo bijzonder moeilijkeLeicesterse tijden heen te helpen. Wij hadden toen met deSpanjaarden van buiten en met de nog veel geduchter Engelsefactie van binnen te strijden. Deze partij had evenals nu haaraanhangers overal verspreid in alle provincies, in allevergaderingen. Barneveld moest op zijn eentje de spits afbijten.Aan hem alleen is Maurits zijn verheffing en het Huis van Oranjebijgevolg al zijn grootheid verschuldigd. Zij die U een anderevoorstelling hiervan geven of willen aanpraten, zijn ofhuurlingen van het Huis van Oranje, (dat altijd naar desoevereiniteit heeft gestreefd en degenen, die zich daartoe niethebben willen lenen gehaat en vervolgd heeft) of het zijn dommeweetnieten die over zaken praten waar ze geen verstand vanhebben.
Gelooft iedereen wanneer hij van dingen spreekt dietot zijn beroep horen. Gelooft de geestelijken als zij U degodsdienst leren; die dienen ze te kennen, maar de staatkunde ishun vreemd; geloof dus de staatsman of nog liever geloof deeerlijke vergeten burger, die de lotgevallen van zijn vaderlandzonder vooroordelen en zonder andere bedoeling dan alleen om zijnkennis te vermeerderen en U van nut te zijn, in het stille hoekjevan zijn haard bestudeerd heeft. Geloof dezulken, wanneer zij Uzeggen hoe het is toegegaan.
Maurits leefde niet lang meer nahet plegen van deze gruwelen en bereikte er zijn doel ook nietgeheel mee. Vol wanhoop, angst en wroeging gaf hij in 1625 degeest. Hij was een man van zeer slechte zeden, een wreedaard, eenvals mens en een overmatig geile boef, die jacht maakte op elkeschone vrouw – of ze nu maagd, getrouwd of weduwe was – om haartot zijn boze lusten te verlokken. Op deze wijze liet hij dan ookverscheidene onechte kinderen na. Volgens de verzekering van zijnvleiers is deze vrome vorst rechtstreeks ter eeuwige heerlijkheidingegaan.
Zijn broer Frederik Hendrik volgde hem nietalleen op in dezelfde macht, maar wist ook nog bij destadhouderschappen die hij reeds bezat door list en kuiperijenzijn neef Willem Frederik het stadhouderschap vanGroningen en Drente afhandig te maken, en die vorst zo lang teplagen en te treiteren dat hij hem uit verdriet ook nog allerecht op het erfstadhouderschap van Friesland afstond. Hiernabewerkte hij in 1640 een huwelijk tussen zijn zoon Willem II enMaria, dochter van Karel I, Koning van Engeland. Niets anders dande begeerte de macht van zijn Huis te vergroten en zich door deverbintenis met het Koninklijk Huis van Engeland te sterken,school achter deze toeleg. De Koningin-Moeder, Henriette vanFrankrijk, had er het initiatief toe genomen in Engeland, waarmen eerst meende dat het beneden de waardigheid van eenkoningsdochter, die drie rijken zou kunnen erven, was om zich teverbinden met een klein prinsje, dat slechts in dienst was vaneen republiek, die bovendien bij velen nog de naam van rebellendroeg. Maar men bracht Vorst Karel aan ‘t verstand, dat die naamer niets toe deed, en dat de Stadhouder inderdaad de Soevereinvan de Republiek was, o,fschoon hij er de titel niet vanvoerde.
Let wel, mijn landgenoten, dat ofschoon deStadhouders zoals uit hun instructies blijkt – toentertijdonvergelijkelijk minder te zeggen hadden dan onze Prinsen sederthet jaar 1672, men hen evenwel in ‘t buitenland reeds toen alsSoevereinen beschouwde.
Vorst Karel dan gaf zijn dochter aanWillem II, en deze heilloze echt is de naaste oorzaak gewordenvan alle rampen, die ons vaderland hebben getroffen. Maarhierover straks nader.
Willem II volgde zijn vader op in hetjaar 1647, en wel nadat de vrede met de Koning van Spanje, onzeoude landheer, reeds zo goed als gesloten was.
Wat dezeStadhouder, hoewel pas drieentwintig jaar oud, heeft durvenondernemen, kunt gij uit de volgende staaltjes opmaken.
PrinsMaurits had de stad Nijmegen in het jaar 1591 ingenomen en vanhet Spaanse juk verlost. De gilden plachten daar vanouds – zelfsten tijde der Hertogen van Gelder en Koningen van Spanje – deregering te kiezen. Wat deed Maurits na het innemen der stad?Liet hij de gilden en burgerij hun oude rechten houden? Neen! Hijhield de jaarlijkse aanstelling der regering, zogenaamd slechtsgedurende de oorlog aan zich; doch had geen de minsteintentie om die eens verkregen macht ooit weer af te staan Toende oorlog tegen Spanje in 1648 geeindigd was, zonden de regeringen burgerij van Nijmegen een plechtige deputatie aan VorstWillem; bedankten hem voor de moeite, die hij tot dusver genomenhad om de regering jaarlijks te benoemen, en verklaarden dat zijvoortaan dit werk weer zelf op zich zouden nemen en volgens deoude privileges uitvoeren. Maar wat deed onze jonge Prins?Hij versterkte het garnizoen en kwam bovendien vergezeld van nogeen menigte ander krijgsvolk in de stad en stelde daar in januari1649 – tegen wil en dank der burgerij die dit moest toestaan,schoon ze op haar tanden beet van spijt – een regering aan, dieenkel uit zijn afhangelingen bestond.
Op zulke en dergelijkewijzen, landgenoten, zijn onze Prinsen van Oranje, net als alleandere koningen en vorsten van Europa, aan hun grote machtgekomen, en ik zou wel een heel boek kunnen schrijven als ik U alde geweldenarijen van die erfonderdrukkers der Bataafse vrijheidzou willen beschrijven.
Let intussen weer op hoe gevaarlijkhet is militairen bij zich in garnizoen te hebben. Gave God, dathet krijgsvolk, waar de provincie Holland thans mee volgeproptzit, hier duizend uren vandaan was! Het is daar vast niet met eengoed oogmerk gelegd! Onze Willem V wil er zijn ontevredenonderdanen, burgers en boeren mee dwingen, en hoopt vurig om ookeens een garnizoen in Amsterdam te krijgen. Dan zouden hij en dezijnen het gewonnen hebben, en zouden ze geen tegenstand van diepatriotse stad meer te vrezen hebben. Laat die van Rotterdam ookmaar op hun hoede zijn en alles wat garnizoen is buiten hun murenhouden!
Doch ik ga voort.
De Stadhouders hebben altijdgraag veel troepen onder hun commando en zijn er daarom altijderg op gesteld geweest dat er oorlog in het land is. Dat was dereden dat Maurits zo vuilaardig boos was op vader Barneveld,omdat die had weten te bewerken dat er met de Spanjaarden eenwapenstilstand voor 12 jaren werd gesloten. Om diezelfde reden enniet uit liefde voor zijn vaderland of uit eerbied voor detraktaten met Frankrijk die strekten om de oorlog tegen Spanje,dat ons gunstige voorwaarden aanbood, door te zetten, probeerdeFrederik Hendrik de vredesonderhandelingen te Munster testremmen, totdat de Spanjaarden hem formeel omkochten om ereindelijk zijn toestemming toe te geven.
Om diezelfde redentrachtte ook Willem II de vrede, waarover men het reeds eens was,trouweloos te verbreken. De Staten van Holland met Amsterdam weeraan het hoofd, waren de enigen die moed genoeg hadden om zichtegen deze overmoedige en ondernemende Stadhouder te verzetten.Zij wilden enige troepen afdanken, die, nu men vrede had, nergensanders toe konden dienen dan om de goede ingezetenen met hetonderhoud ervan te bezwaren en de Prins in staat te stellen omhet hele land en allen die niet naar zijn pijpen wilden dansen,naar zijn hand te zetten. De Staten van Holland, die aan hetgeval van Nijmegen en de geweldige ondernemingen van Mauritshadden gezien hoe vermetel de Oranjevorsten de staatstroepen totvergroting van hun macht durfden te gebruiken, wilden meertroepen afdanken – en daaronder vooral de vreemdelingen.De Prins daarentegen wilde er minder afdanken en dan vooral debinnenlandse, omdat hij meer op de vreemdelingenkon vertrouwen. De twist daarover ging zover, dat de Prins op 30juli 1650 in de grootste stilte, op zijn eigen autoriteiteen leger van onze eigen troepen zond om Amsterdam onver-wachts te overvallen, met de bedoeling om daar de regering naarzijn zin om te zetten en er – evenals in de meeste andereplaatsen – garnizoen te leggen, wel wetende, dat als dezemachtige stad eenmaal het onderspit had moeten delven, al deoverige steden en de provincies, die ‘t met hen eens waren, danwel spoedig zouden moeten volgen. Maar de goede voorzienigheidwaakte voor het behoud der stad en deed dat snode plan mislukken.Jammer is het, dat de Amsterdammers het hele leger – om andereWillems die dezelfde weg bewandelen willen af te schrikken – niethebben laten verdrinken. Amsterdam is altijd te toegevendgeweest.
Ongeveer tezelfdertijd dat Amsterdam met de wapenenvan de staat aangevallen werd, had Willem II, insgelijks opeigen gezag, enige heren die toen voor hun steden deStatenvergadering van Holland bijwoonden en zich het moedigstetegen hem hadden durven verzetten, in hechtenis genomen en naarLoevestein gezonden. En ziet, zo ver was de laagheid en zucht totvleien onder onze groten al doorgedrongen, dat de meesteprovincies hem voor dit schenden van eed, plicht en trouw, alsvoor een Romeins staal van moed prezen en bedankten!
Het zijnde groten, o medeburgers, voor wie ge U wachten moet. De Prinsheeft ze bijna allen aan zijn leiband.
Voor ambten encommissies, voor een maaltijd eten aan het hof doen ze alles. Eeden plicht en het welzijn van het vaderland gaat hun doorgaansweinig ter harte. De schade die zij zowel als anderen – door hetverval van de koophandel en de welvaart lijden, wordt hun – zodenken ze – rijkelijk vergoed door de gunst van onze heer, dePrins, die het altijd in zijn macht heeft om de keuken van hen ende hunnen aan het roken te houden, gelijk hij ook trouw doet.Bovendien hebben de meeste groten en andere voorname heren veelvan hun geld aan Engeland geleend en daarom willen ze Engelandniet op ‘t lijf vallen, maar houden het met de prins. Ze zijnbang dat Engeland te arm zal worden en dan zal ophouden tebetalen ja, zo vast zijn velen meer aan Engeland dan aan huneigen vaderland verkleefd, dat zij dit rijk, onze openlijkevijand, ook nu nog met geld ondersteunen! Dit is verraad enbehoorde onderzocht en gestraft te worden. Het is niet voor nietsdat men de Engelse paketboot op Hellevoetsluis nog laat doorvarenalsof er geen oorlog was. Maar ‘t is ook zo: de Prins is niet inoorlog met de Engelsen; ze zijn zijn trouwste vrienden (dochhiervan straks meer).
Intussen moeten wij ons met dankbaarheidverwonderen over het edelmoedig gedrag van de heren vanAmsterdam, Haarlem, Dordrecht en die zich bij hen aansluiten, datzij – ofschoon zij evenals andere vermogende lieden in ons landveel van hun bezit in Engeland hebben – dit volk nochtans nooithebben ontzien, maar altijd kordaat hebben aangedrongen ook in dehoge vergaderingen dat men zich tegen de geweldenarijen onsaangedaan met geweld moest verzetten; en dat men alle volgens detraktaten geoorloofde takken van koophandel – wat er ook vanmocht komen – met de macht van de staat moest beschermen, zonderzich door de Engelsen daarin voortdurend de wet te latenvoorschrijven.
Willem II overleefde zijn schande niet lang.Het behaagde de voorzienigheid ons van deze ondernemendedwingeland te verlossen. De kinderpokjes sleepten hem weg, de 6denovember 1650, in de ouderdom van vierentwintigjaren. Hij lieteen zwangere weduwe na, die onze Republiek weer een Willemschonk, wiens naam aan ieder, die de zaken van ons land van nabijkent, steeds bitter moet zijn.
Het huwelijk van Willem II meteen Engelse Prinses had intussen de rampzaligste gevolgen voorons vaderland. Karel I die niet kon verduwen dat hij in zijn rijkniet even machtig was als de andere koningen van Europa, had eenplan gesmeed om de Engelse natie van haar vrijheid te beroven enonder een absolute heerschappij te brengen. Maar die toelegmislukte. Het land nam de wapenen op met het gunstige gevolg, datde Koning zelf overwonnen en gevangen genomen werd. Maar toen deEngelsen zelf op ‘t punt stonden de vruchten te plukken van destrijd voor de vrijheid, die hun zoveel bloed gekost had, werdenzij op hun beurt door Cromwell onderworpen, die hetcommando over het leger der natie had, en die met dat leger denatie zelf tot zijn slaven maakte.
Wacht U daarom, mijnewaarde landgenoten, voor allen die de troepen commanderen, wanthet is bekend dat zij bijna altijd en overal de baas gespeeldhebben over hun eigen landslieden en medeburgers. Er is geenvrijheid in Europa meer geweest sinds de vorsten begonnen zijnvaste legers in dienst te houden. Voor die tijd toen men nog geensoldaten had, trokken de leenmannen met de burgers en boeren tenoorlog. Maar de listige vorsten, wel wetende dat zulk soort ge-wapende krijgslieden de hand niet zouden lenen om hun eigen landonder het juk te brengen, vonden er dit op, dat zij de in-gezetenen gingen voorstellen om liever geld op te brengen danzelf in persoon – met verzuim van hun zaken en gevaar voor hunleven – ten oorlog te trekken. Voor dat geld zou men dan soldatenin hun plaats huren. De eenvoudige ingezetenen waren wonderwel inhun schik met deze vondst, maar begrepen niet wat er denatuurlijke gevolgen van zouden zijn. Want de vorsten konden vandat ogenblik af dat zij een steeds op de been zijnd, van henalleen afhankelijk, en van het overige deel der natie geheelafgescheiden landmacht in handen hadden, doen wat ze wilden. Geenstad of land kon zijn voorrechten meer tegen hen verdedigen. Degeschiedenis leert ons, dat al die volken om ons heen, die nuonder een willekeurige eenhoofdige regering zitten te zuchten -zelfs de Spanjaarden, de Fransen, geheel Duitsland – nog nieteens zo heel lang geleden vrije lieden waren en alleen door diegehuurde troepen in slavernij zijn geraakt, zonder tot dit uurtoe in staat te zijn geweest om hun vrijheden en voorrechten – alwaren die nog zo fraai op oude perkamenten met zegels eraanbeschreven – te verdedigen.
Spiegelt U aan die van Nijmegen enanderen, en weest meer en meer op Uw hoede, want, nog eens, hijdie het leger in handen heeft, kan doen wat hij wil. Hij kan hetbeste deel van onze koophandel, hij kan onze oorlogsschepen, hijkan onze kolonien in handen van onze vijanden leveren, ja, hijkan zich zelfs Soeverein maken! Het ongewapend weerloos volk kandaar niets tegen doen, maar moet dat lijdzaam aanzien. Een volkderhalve, dat verstandig en voorzichtig wil handelen, moet eraltijd voor zorgen om zelf de sterkste in het land te blijven.Tegenwoordig moet men soldaten in dienst hebben, omdat alleandere mogendheden die hebben en de burgers en boeren geen tijdhebben om ver en lang van huis gezonden te worden; maar om huneigen steden en omstreken te verdedigen – en voornamelijk om doorde opperbevelhebber van hun eigen troepen, om door hun eigenkapitein-generaal niet onderdrukt te worden, moeten onze burgersen boeren elk een goede snaphaan met een bajonet erop en eensabel hebben, en daarmee leren omgaan. Zij moeten zich inregimenten en compagnieen verdelen en officieren kiezen om hen tecommanderen. Die officieren moeten ze zelf kiezen. En ze moetendan – vooral zondags na kerktijd – nu en dan eens exerceren. Zodoen de Zwitsers en zo doen de Amerikanen ook. En landgenoten,het is heus zo vreemd niet wat ik U hier voorstel als sommigenmisschien denken. Het is geen nieuwigheid. Neen, voorwaar! Zietmaar eens wat het achtste artikel van de Unie van Utrecht zegt,een artikel, zoals trouwens de gehele Unie, doorelke regent van ons land – ook door onzeOranjevorsten – bezworen, doch opzettelijk, omdat zij denatie niet gewapend wilden hebben, nooit ten uitvoergebracht.
Dit zijn de eigen woorden:
‘En ten einde menten allen tijde zal mogen geassisteerd wezen door de inwoners vanhet land, zullen de ingezetenen van elk van deze VerenigdeProvincies, Steden en Platteland hoogstens binnen den tijd vaneen maand na dato van dezen gemonsterd en geregistreerd worden,te weten, diegenen die tussen 18 en 60 jaren zijn, zulks teneinde wanneer eenmaal het aantal van dezen bekend is, daarna opde eerste samenkomst van deze Bondgenoten verder te wordengeordonneerd als ten dienste van de grootste bescherming enveiligheid van deze verenigde landen nodig gevonden zalworden.’
Hoe gelukkig, mijn waarde medeburgers, zou hetvoor ons vaderland geweest zijn, indien deze zo heilzame grondwetvan de tijd dat zij is vastgesteld, te weten in den jare 1579,tot onze dagen toe, werkelijk gehandhaafd ware geweest! Hoeveeldingen zouden er niet gebeurd zijn, die gij nu niet hebt kunnenbeletten! En als het nog zou geschieden, als gij dit artikelzoals op elk onzer de verplichting rust, in deze benauwde tijdennog, hoe eer hoe beter ten uitvoer zoudt brengen, o hoe gauwzouden de verraders ontdekt, de eerlijke regenten bekend en hetzinkend vaderland gered zijn! Hoe gauw zouden we een vlootin zee en een alliantie met Frankrijk en Amerika hebben, en onswreken op onze vijanden! Hoe gauw zouden wij onze zieltogendehandel doen herleven en al die duizenden nijvere ingezetenen dieals gevolg van deze ons op goddeloze wijze aangedane en in elkaargezette oorlog hun broodwinning missen en met vrouwen en kinderenbitter gebrek lijden, weer als voor enige maanden, toen er wat teverdienen was, aan de kost helpen!
0, landgenoten! nog eens,wapent U allen tezamen, en draagt zorg voor de zaken van het heleland, dat is voor Uw eigen zaken. Het land behoort aan U allenmet elkaar, en niet aan de Prins met zijn groten alleen, die U,die ons allen, die Neerlands hele volk, de afstammelingen dervrije Batavieren beschouwen en behandelen als hun erfelijkeigendom, als hun ossen en schapen, welke zij naar hun goeddunkenof scheren of slachten kunnen en mogen. Het volk dat in een landwoont, de ingezetenen, de burgers en boeren, armen en rijken,groten en kleinen – allen bijeen – zijn de ware eigenaren,de heren en meesters van het land, en kunnen zeggen hoe zij hethebben willen, hoe en door wie zij geregeerd willen wezen. Eenvolk is een grote maatschappij, een compagnie en niets anders. Deregenten, de overheden en magistraten, de Prins, wie ‘t ook is,die een post in die maatschappij bekleedt, zijn enkel maar dedirecteurs, de bewindhebbers, de rentmeesters van die compagnieof maatschappij en in deze kwaliteit minder dan de ledenvan die maatschappij, dat wil zeggen de gehele natie of hetgehele volk.
Bij voorbeeld. De Oost-Indische Compagnie is eengrote maatschappij of compagnieschap van kooplieden die zichverenigd en aaneengesloten hebben, om handel op Oost-Indie tedrijven. Hun aantal is veel te groot en zij wonen te ver vanelkaar om voortdurend als het nodig is, bijeen te kunnen komen,of om de zaken van hun maatschappij zelf in eigen persoon tekunnen besturen. Ook worden daartoe kundigheden vereist, diejuist niet alle participanten hebben. Om die reden doen departicipanten zeer wijs, dat zij directeuren of bewindhebbers ofrentmeesters aanstellen, die zij voor hun moeite betalen en aanwie ze precies zoveel macht geven, maar niet meer dan nodig is omdatgene te doen waartoe ze geroepen, gehuurd en aangesteld zijn.Die bewindhebbers hebben natuurlijk over de zaken van decompagnie wel meer te zeggen dan deze of gene participantafzonderlijk; ook meer dan zelfs een grote hoop participanten bijelkaar, die de meerderheid niet uitmaken. Maar als alleparticipanten tezamen, of een volstrekte meerderheid eenverandering in het bestuur van de compagnie – dat is van huneigen zaken – gebracht willen hebben, dan is het de plichtvan de directeuren of bewindhebbers, die in dit opzicht dedienaren van de participanten zijn, te gehoorzamen en tedoen wat de participanten wensen. Want niet zijbewindhebbers, maar de participanten zijn dewaarachtige eigenaars, heren en meesters van de compagnieof maatschappij. Evenzo is het met de grotevolksmaatschappij gesteld. De groten, die over Uregeren, de Prins of wie verder enige macht in het landuitoefent, doen dat alleen uit Uw naam. Al hun gezag is aan Uontleend. Gij zijt de participanten, de eigenaars, de heren enmeesters van de volksmaatschappij, die zich in deze landstreek,onder de naam van Verenigde Nederlanden heeft neergezet.De groten, de regenten daarentegen zijn slechts debewindhebbers, de directeuren, de rentmeesters van dievolksmaatschappij. Gij betaalt hun uit Uw eigen, dat is ‘svolks beurs. Zij zijn dus in Uw dienst, zij zijnUw dienaren en aan Uw meerderheid onderworpen enrekenschap en gehoorzaamheid schuldig.
Nog eens. Allemensen zijn vrij geboren. De een heeft van nature over de anderniets te zeggen. De ene mens is wel wat verstandiger van geest ofwat sterker van lichaam of wat rijker dan de ander; doch datgeeft hun, die verstandiger, sterker of rijker zijn, niet hetminste recht om over de minder verstandigen, minder sterken,minder rijken te heersen. God, ons aller Vader, heeft de mensengeschapen om gelukkig te worden en aan alle mensen – niemanduitgezonderd – de verplichting opgelegd, om elkaar zoveelmogelijk gelukkig te maken. Om dit goede doel van de Schepper tebereiken, dat is om hun geluk te bevorderen, hebben de mensengevonden dat zij niet beter kunnen doen dan zich in groten getale- somtijds van enige miljoenen – bijeen te voegen en grotemaatschappijen te vormen, waarvan de leden (wat gij altijd goedin het oog moet houden) van nature allen aan elkaar gelijkzijn, en de een niet onderworpen is aan de ander. In dezemaatschappijen, meestal burgermaatschappijen, volken of natiesgenoemd, verbinden zich de leden of participanten om elkandersgeluk zoveel mogelijk te bevorderen, en elkaar onderling metvereende krachten te beschermen en in het ongestoorde genot vanalle eigendom, bezittingen en alle geerfde en wettig verkregenrechten te handhaven. Gij begrijpt dus, dat als enige leden vandie maatschappij op een gewelddadige wijze in hun rechten enbezit worden aangevallen en te kort gedaan, zoals bijvoorbeeldonze kooplieden en weerloze zeelieden al zoveel jaren van deEngelsen hebben moeten ondervinden, de gehele maatschappij danverplicht is om dit geweld tegen te gaan en al haar krachten teverenigen om er zich tegen te verzetten en aan haar medeleden enmededeelgenoten volkomen vergoeding van schade en zekerheid voorde toekomst te bezorgen. Gij ziet dus hoe trouweloos onzeadmiraal-generaal en zijn afhangelingen met zoveel duizenden dernuttigste leden van onze burgermaatschappij hebben gehandeld doorkonvooi en bescherming te weigeren aan de schepen met hout enscheepsmaterialen beladen, die naar Frankrijk moesten, en volgensde traktaten ook mochten!
Dit zijn de rechten van het volk!Dit zijn Uw rechten, o mensen, o Nederlanders! Die ‘t U andersleren – al was het van de predikstoel – zijn Uw vijanden en doorde Prins en zijn groten omgekocht, of – ze begrijpen er nietsvan. Gelooft ze dus niet, maar overdenkt hetgeen ik U hier zoeenvoudig en duidelijk geleerd heb. En dan zult gij zelf voelen,ja voelen dat het zo is en niet anders zijn kan, wat ze Uook mogen aanpraten en hoe ze ook deze eeuwige waarheden voorgevaarlijke ketterijen uitkrijten. Nog eens, geloof ze niet, zebedriegen U. Wilt ge over dit gewichtig onderwerp wat meer weten,lees dan de geschriften door Baron van der Capellen tot den Polvan tijd tot tijd uitgegeven, voornamelijk de volgende tweestukjes: van de eerwaarde Price Over den aard der burgerlijkevrijheid en van de Baron zelf zijn Vertoog over devrijheid der Overijselse boeren, alles bij Herding te Leidengedrukt.
Toen Cromwell dan het heft in handen gekregen had,regeerde hij veel soevereiner dan de vorige koningen, doch om hetvolk zand in de ogen te strooien, onthield hij zich er wijselijkvan de titel van koning aan te nemen. Zo bedriegen zij, die naarde soevereiniteit staan, de goegemeente! Zo wordt onze Prins ookmaar Stadhouder genoemd, hoewel hij waarachtig wel onzesoevereine heer is!
Cromwell liet de Koning, die heus de dooddubbel en dwars verdiend had – doch niet hij maar de gehele natieof haar vertegenwoordigers hadden dat vonnis moeten uitspreken enten uitvoer leggen – openlijk onthoofden, en Engeland kreeg denaam van een republiek, onder het opperbestuur van een parlement.Dit parlement had reeds zeven jaar een agent in ons land gehad enzou zich met niemand liever dan met ons hebben verbonden. Allevorsten van Europa zochten de vriendschap van die nieuwe enmachtige republiek, uit angst haar te zullen verbitteren. Maarwij, die ‘t meest van allen haar te vrezen hadden, versmaaddendoor het drijven van de Oranjefactie de aangeboden vriendschap,net als we nu weer met de Amerikanen doen. De Engelse ambassade,die gedurende het leven van de Prins nooit audientie bij deStaten-Generaal had kunnen krijgen – wat reeds geen geringeverbittering had gewekt – werd later bij haar officiele vestigingopenlijk mishandeld door opgeschoten jongens en slecht volk, datdoor een page of adellijke livreidienaar van de Prinses-weduwewas omgekocht. En Cromwell, die zag hoeveel invloed deOranjepartij hier te lande had, en door ondervinding wist hoegraag die partij haar invloed tot zijn ondergang en tot herstelvan het Koninklijk Huis zou willen gebruiken; en die bovendieneen buitenlandse oorlog nodig had om de Engelse natie werk tegeven en zo zijn gezag door vloten en legers, die van hem alleenafhankelijk waren, over die natie te verstevigen, besloot ons eenoorlog aan te doen. Deze oorlog is vanwege zijn ongelukkigegevolgen de grond van onze ondergang geweest.
De Oranjefactiehier te lande was, evenals zij nu weer ontaard genoeg is om zichover onze tegenwoordige rampen te verblijden, over die oorlogniet weinig verheugd. Zij had die oorlog zoveel zij maar konaangeblazen, en deed vervolgens haar best om hem ongelukkig tedoen uitvallen, ten einde daardoor gelegenheid te hebben om deoverige regenten die niet van hare partij waren, te kunnenbekladden en de rampen, die zij zelf aan het vaderland berokkendhad, op hun rekening te stellen. Deze oorlog duurde ongeveer tweejaren en eindigde met een spoedige en schandelijke vrede, want destaatse partij durfde die oorlog niet langer voort te zettenvanwege het onophoudelijk gewoel der Oranjefactie om door middelvan deze oorlog verandering in de regering te bewerken.
Na ‘toverlijden van Willem II had onze regering een vorm gekregen, diezij tevoren nimmer gehad had. De Staten der meeste provincieshadden zelf het roer in handen genomen. Doch het was deraadpensionaris De Witt, die in feite in dit tijdperk,namelijk van begin 1653 tot 1672, het meeste te zeggen heeftgehad. Door zijn verstand, deugd en onkreukbare eerlijkheid hadhij, evenals vader Barneveld, het vertrouwen der Staten vanHolland, wier dienaar hij ook maar was, zodanig gewonnen, dat zijniets zonder en bijna alles volgens zijn wijze raad en adviesdeden. Hij had een broeder, die burgemeester van Dordrecht enruwaard van Putten was en die hem in verschillende opzichtenevenaarde.
Onder het bestuur van deze brave mannen floreerdede koophandel meer dan ooit, en het ging derhalve de hele natiegoed, groten en kleinen, de land- zowel als de zeeprovincies. Devreemde mogendheden – wie zij ook waren – moesten zich toen welwachten onze vlag te onteren! Nooit heeft onze Republiek meer eeren aanzien door de gehele wereld gehad dan toen!
De Koning vanDenemarken (om slechts een staaltje te geven) stond op het puntvan door de Koning van Zweden uit zijn rijk gejaagd te worden.Het handelsbelang dat deze brave patriotten meer ter harte gingdan het ooit onze Prins of zijn voorvaderen gedaan heeft (diealtijd afgunstig geweest zijn op de grootheid, macht enonafhankelijkheid welke de koophandel vooral aan Amsterdam geeft,en waardoor zij er tot nu toe niet in geslaagd zijn die grotestad naar hun zin te buigen of daar garnizoen in te leggen), datbelang van de koophandel, herhaal ik, vorderde om dit onderwerpenvan de Koning van Denemarken niet toe te laten. In een ogenblikwaren er een vloot en troepen klaar die naar het Noorden zeildenen de bijna verdreven Koning in zijn rijk herstelden.
Terwijlde ene van die beide broers in de vergadering ijverde voor hetwelzijn van het vaderland, ging de andere als gecommitteerde opde vloot mee en woonde daar zeeslagen bij die dagen achtereenduurden. Dit was recht mannenwerk!
Maar wat kunnen nu onzegroten? Voor de Prins, hun afgod, kruipen om er een baantje ofcommissie uit te slepen!
Doch, waarde landgenoten, hoe eerlijken goed het land toentertijd ook geregeerd werd, hoezeer ookalles bloeide, de burgerij, het gros van de natie was nochtansmisnoegd. En wat zal ik zeggen? Zij had er reden toe. Want inplaats dat men bij het overlijden van de laatste Stadhouder hetvolk in zijn geschonden rechten had hersteld en een behoorlijkaandeel in het bestuur van het gemenebest, althans enige teugelover zijn eigen regeerders had gegeven; in plaats dat men hetvolk zelf of via zijn afgevaardigden zijn eigen regeerders hadlaten kiezen; in plaats dat men het volk geen lasten enschattingen had opgelegd dan die waarin het zelf had toegestemd;in plaats van het volk te laten zien en voelen, dat het door dedood van de Stadhouder inderdaad pas vrij was geworden trokken deheren bijna overal alle macht aan zich. Zij verkozen elkaar in deregering die daardoor zo goed als erfelijk werd. Ze gaven onderelkaar de ambten weg. En het volk was en bleef van alle invloeden bestuur over de publieke zaken, dat wil zeggen zijn eigenzaken, uitgesloten. Ja zelfs werden sommigen die het herstel vandeze nationale misstanden hadden durven eisen, openlijk alsoproerkraaiers gestraft. Zozeer en zo licht wordt, mijnelandgenoten, de macht misbruikt, al is ze zelfs in handen van debeste mensen! Ziet daarom, om Gods wil, toe in wiens handen gijze toevertrouwt, of liever houdt ze zelf in handen en zorg altijddat gij de sterkste partij in het land blijft.
DeOranjefactie, die altijd gewoon is en het nodig heeft in troebelwater te vissen, stookte deze ontevredenheid listig aan en maaktede regenten (die zoals ik gezegd heb het land werkelijk tot bloeibrachten, en ‘t alleen daarin mis hadden, da zij de natie vanalle invloed in eigen zaken uitsloten) zwart, net als onzetegenwoordige Prins met zijn factie de onschuldige heren vanAmsterdam, de pensionaris van Berckel, de beide Capellens, deheer de Neufville en andere eerlijke mannen bij U verdachtprobeerde te maken. De Oranjefactie beschuldigde hen van kwadebedoelingen, ja van verraad. Maar waarom deed zij dit? Niet, mijnvrienden, om U herstel van Uw wettige eisen te bezorgen, niet omU de vrijheid, het recht tot het verkiezen van Uw regenten,althans een voldoende teugel over hen, terug te geven. Neen!Enkel en alleen om de pasgeboren Willem III tot Stadhouder tedoen verheffen, en dan op hun beurt weer over U te heersen! Omdit snood oogmerk te bereiken, berokkende de Oranjepartij ons detweede oorlog met Engeland, die van 1663 tot 1667 duurde. KarelII, oom van de jonge Willem, was de man die ons weer eenstadhouder zou bezorgen. Hij heeft zijn plan niet kunnen ofwillen verbergen. De Oranjefactie deed wederom al wat zij kon omdie oorlog slecht te laten aflopen en oproeren te verwekken. Maarhet mislukte haar nog een keer, en de ontevredenheid van het volkbleef voortduren. Doch enige jaren later stond de kansgunstig.
De Koning van Frankrijk, onze oude bondgenoot, dieons uit de Spaanse slavernij had verlost, die ons tachtig jaar ofheimelijk ondersteund of openlijk aan onze zijde had gestreden,en met wie wij zelfs de Spaanse Nederlanden kort tevoren bijtraktaat hadden verdeeld om ze tezamen met de wapenen teveroveren, met de belofte dat de een zonder de ander geen vredezou maken; Lodewijk XIV zeg ik, was misnoegd, omdat wij tegenonze zo plechtige verbintenissen, hem in 1648 trouweloos haddenverlaten en wel een aparte vrede met de Koning van Spanje, onzegemeenschappelijke vijand, gesloten hadden. Dit misnoegen, hoegegrond ook, begon echter allengs te bedaren en zouwaarschijnlijk nooit verdere gevolgen hebben gehad, als wij maarzo voorzichtig waren geweest om die machtige vorst niet opnieuwte verbitteren.
Omstreeks het jaar 1668 was Lodewijk deSpaanse – nu Oostenrijkse Nederlanden genaamd – binnengevallen ineen gedeelte waarop hij zei recht te hebben. Ofschoon het nu onzezaak niet was in dat geschil te beslissen, zo begreep de brave deWitt, dat toch ons belang en onze veiligheid vorderden om deKoning van Frankrijk te beletten de Nederlanden te overmeesteren.De Witt wilde namelijk dat die Zuidelijke Nederlanden als eenscheidsmuur tussen Frankrijk en onze Republiek in de macht vanSpanje bleven. Overigens schijnt ‘t me toe dat de Witt – met alleverschuldigde eerbied voor zijn onsterfelijke naam – hier een watal te diepzinnige politiek wilde bedrijven. Dit idee leek heelmooi; maar op de keper beschouwd was ‘t meer schijn danwerkelijkheid. Het steunde op twee veronderstellingen, waarvan deene vals was en de andere zeer onwaarschijnlijk, zoals deondervinding ook heeft geleerd. De eerste was, dat Frankrijk alsbuur gevaarlijk voor ons is. De tweede, dat de bezitters derSpaanse – nu Oostenrijkse – Nederlanden steeds vijanden, althansnooit bondgenoten van Frankrijk zouden zijn. Dit laatste wasnodig, wilden we van deze scheidsmuur (waar naderhand diekostbare en nutteloze barriere uit ontstaan is) enig nut hebben.Maar in onze dagen hebben we gezien dat dat heel anders isuitgevallen. Onze Republiek had van Frankrijk niets te vrezen, zolang zij dit rijk maar niet irriteerde. Frankrijk had te veel nutvan ons, en was daarom zoals tegenwoordig nog onze natuurlijkebondgenoot.
Lodewijk XIV had bovendien aan verscheidene anderestreken van Europa stof en gelegenheid genoeg om zijn oorlogslustte voldoen en zich buiten adem te vechten, dat hij die hier niethoefde te gaan zoeken. Al hadden we stilgezeten, het zou Spanjeheus niet aan hulp ontbroken hebben; anderen dan wij zouden zichdan wat meer uitgeput en wij onze krachten behouden hebben.Elkanders landen te nemen en te houden gaat tegenwoordig zogemakkelijk niet, en in alle geval waar Frankrijk toen reeds zobuitengewoon machtig was, hadden de regels van gezonde politieken voorzichtigheid ons, voor wie niets erger is dan een oorlog teland, moeten raden geen enkele stap te doen, waaruit direct eenlandoorlog zou moeten volgen. Althans zo’n stap niet te doen danin geval van de dringendste noodzaak, die hier zeker nietaanwezig was. Doch de schrandere raadpensionaris zag het andersin. Hij bewerkte in 1668 de beruchte Triple Alliantie ofDrievoudig Verbond tussen Engeland, Zweden en onzeRepubliek, waardoor Frankrijk gedwongen werd vrede tesluiten.
Dat Lodewijk XIV – die trotse vorst – daardoor oponze Republiek, die hij en zijn voorvaderen vrij en groot haddengemaakt, ten uiterste verbitterd moest worden, was te voorzien.Maar wie kon verwachten, dat Koning Karel, oom van Willem III,goddeloos genoeg zou zijn om zich met diezelfde Lodewijk, tegenwie hij met ons die Triple Alliantie had aangegaan, te verbinden,om ons, die hem niets misdaan hadden dan dat men hier zijn neefgeen Stadhouder of Soeverein wilde maken, te beoorlogen? Dit isniettemin gebeurd. Gevoegd bij de talloze geweldplegingen,trouweloosheid, onderdrukking, omkopingen en verraad vooral inonze dagen door dit hatelijke volk tegen ons gepleegd, moet ditons, stille vreedzame natie, die voor niemand gevaarlijk is, danvoor degenen die ons te lang tergen, overtuigen, dat hetdwaasheid zou zijn met zo’n volk, welks nationaal karakter sedertmeer dan twee eeuwen blijkt te bestaan uit trouweloosheid, trots,wreedheid en afgunst, ooit meer enige verbintenis aan tegaan.
Het zijn vijanden van hun vaderland die de schone enwaarschijnlijk nooit meer terugkomende gelegenheid om ons teontdoen van het Britse juk, waar wij en onze vaderen zo langonder gezucht hebben, tot nog toe hebben laten voorbijgaan. Ze ismisschien nog niet geheel voorbij, die gelegenheid. De vijfdeaugustus , die glorierijke dag die onze zeelieden metonsterfelijke roem en onze vijanden en hun aanhang hier te landemet schande en verlegenheid heeft bedekt, heeft ons geleerd,welke grote dingen wij nog met een kleine macht kunnenbereiken.
Duldt daarom niet, dat onze helden tevergeefs zoudengestreden hebben! Duldt niet, dat men met de trouweloze Britvrede sluit voordat hij genoeg vernederd is en van alleheerschappij over de vrije zee heeft afgezien! Duldt niet dat hijde van ons geroofde schatten als zijn eigendom behoudt. Gij zijtdit uit hoofde van het burgercontract aan de koopliedenverplicht. Duldt niet dat wij ooit weer tot het strijken van onzevlag als erkenning, een vernederende erkenning van onzeminderwaardigheid verplicht worden! Maar duldt vooral niet meerdie heilloze echtverbintenissen van het Stadhouderlijk Huis methet Huis van Engeland! Deze zijn de oorzaken van al onze rampen,van al onze oorlogen, van alle oude schulden die ons nog drukken.Volgt het voorbeeld van de Britten zelf na, die hun Koning eenklein Duits prinsesje hebben bezorgd, dat geen machtigefamiliebelangen had. Doet ook zo, en duldt in ‘t vervolg diehuwelijken met grote huizen niet meer, maar vooral en vooralbelet die met het Engelse Huis. Ik moet U waarschuwen dat ze hetdaar alweer op toeleggen!
De Witt wist alles wat er zelfs inde allergeheimste raad der vorsten omging. Hij zag het onweer vanverre opkomen. Hij waarschuwde bijtijds en raadde dat men eengrote vloot en leger moest gereed maken: maar vruchteloos! Hoedringend ook het gevaar was, hoe nader het dagelijks aan delippen kwam, de Oranjefactie was onverzettelijk en wildevolstrekt de jonge Willem eerst kapitein-generaal hebben, eer zijhaar toestemming tot enige werving wilde geven, en dezehardnekkige en verraderlijke tegenstand was oorzaak dat wij geenleger en de vijand in het hart van het land kregen. Gelukkig wasde vloot, waarover de Witt door middel van de Staten van Hollandmeer zeggenschap had gehad, in enigszins betere toestand, endaaraan alleen hebben wij te danken dat onze Republiek toen nietgeheel is vernietigd.
De Fransen waren intussen, in ‘t beginvan ‘t jaar 1672, naar ons land komen afzakken en onderbegunstiging der algemene ontsteltenis en ontevredenheid werdWillem III, een nog onkundige jongeling van tweeentwintig jaar,tot kapitein-generaal verheven. De Oranjefactie was nu een eindop weg haar gehele oogmerk te bereiken. De Fransen namen de enestad voor de andere na, tot zij in korte tijd de drie provinciesGelderland, Utrecht en Overijsel in handen hadden en zelfs totver in Holland doorgedrongen waren. Toen had de Oranjefactie daneen prachtgelegenheid om alle rampen en ellende, die zij zelfdoor het beletten der wervingen had veroorzaakt, op rekening vande onschuldige de Witten en hun partij te schuiven.
Denatie zag wel dat het niet goed met het vaderland ging, maar waszo naief om zich te laten wijsmaken dat de broeders de Witt en deLoevesteinse Factie (dit was de schimpnaam, die men toen aan deregenten gaf die tegen de aanstelling van een stadhouder waren)het land aan de Koning van Frankrijk hadden verraden en verkocht;dat men niets anders te doen had dan de jonge Prins Stadhouder temaken en de beide broers de hals te breken, en dat dan allesbeter zou gaan! Helaas! De natie, onze goede voorvaders,geloofden die bedriegers en vielen van de ene slavernij in eenandere, die veel ondraaglijker was.
Willem III werdStadhouder gemaakt en de burgerij van den Haag, opgehitst dooromgekochte fielten, vermoordde in blinde ijver de beide broedersde Witt. Een van hen, te weten de burgemeester vanDordrecht, had nog pas als gecommitteerde op ‘s lands vloot (ietsdat nu, God beter ‘t! ook al uit de mode schijnt) eenallerverschrikkelijkste zeeslag bijgewoond en thuisgekomen werdhij tot beloning gevangen gezet en op de valse beschuldiging vaneen enkele getuige (die reeds berucht was door meer dan eenrechterlijk vonnis, waaronder zelfs een wegens laster, diehij de heer en schout van Piershil had aangedaan)meedogenloos gepijnigd en ofschoon geheel onschuldig bevonden,toch door het Hof van Holland, alleen om de Prins te behagen, uital zijn ambten ontzet en verbannen! Willem III had die valsegetuige omgekocht om de Witt te beschuldigen, dat deze hem hadwillen huren om de Prins te vermoorden. In elk geval is het zekerdat hij die snoodaard met een jaarlijks pensioen heeft beloond,zoals men onlangs ontdekt en onweerlegbaar bewezen heeft. Ookheeft die brave vorst, die beschermer van het protestantisme,openlijk durven aanraden, dat er naar de moordenaars der beidebroeders geen onderzoek moest worden ingesteld, ondervoorwendsel, dat het gevaarlijk zou zijn tegen zovele voornameburgers strenge middelen te gebruiken. Verder zijn – tot ergernisvan alle eerlijke mensen – de voornaamste aanstichters met ambtenen baantjes begunstigd.
Geveinsd, listig, heerszuchtig, wreeden schijnheilig was hij van aard. Van welke soort die eneondeugd was, waaraan bisschop Burnet (hoewel overigens zijnvleier en lofredenaar) hem moest schuldig erkennen, en welkeondeugd hij volgens het getuigenis van die hoofse geestelijke,zorgvuldig bedekt wist te houden, kan ik niet metzekerheid zeggen. Maar het moet zeker iets zeer schandelijks zijngeweest, want een man die zich er niet voor schaamde openlijkmoordenaars te begunstigen en valse getuigen in zijn dienst enbezoldiging te hebben, oordeelde het nochtans de moeite waarddeze ene ondeugd ZORGVULDIG te bedekken. Het moetdus vrij wat meer geweest zijn dan het houden van MAITRESSEN,iets dat vanouds de mode en een gewone verstrooiing der vorstenwas, doch waarvan ik mij niet herinner, dat het aan deze Willemooit is ten laste gelegd.
Alle middelen om zijn doel tebereiken waren bij hem geoorloofd. Toen hij Koning van Engelandwas geworden, schaamde hij zich niet de beruchte valse getuigeOates genaamd, zoals hij Tichelaar had gedaan, eenpensioen toe te kennen. Bij zijn verheffing kreeg hij meer gezagdan ooit enig Stadhouder voor hem gehad had: de vergeving vanalle ambten, politieke zowel als militaire; het aanstellen vanregenten; het bevel over het leger, enz. Nadat de Fransen deprovincies Gelderland, Utrecht en Overijsel verlaten hadden,oordeelden de Staten-Generaal, die toen reeds afhangelingen vanWillem waren, dat de regeringen in die drie provincies dezelfdeverandering dienden te ondergaan als in de overige provincies in1672 was geschied, te weten, dat de oude regenten, die destaatspartij waren toegedaan geweest, voor deze keer, en zonderdat dit consequenties hoefde te hebben voor het vervolg en zonderkrenking der privileges, werden ontslagen en anderen in hunplaats gesteld. Willem werd daartoe, en daartoe alleengemachtigd. Maar ziet, zover ging zijn vermetelheid enonbeschaamdheid, dat hij deze ongelukkige provincies een geheelnieuwe regeringsvorm voorschreef en opdrong, waarbij hem weinigminder dan de soevereiniteit over deze werd toegekend.
InUtrecht bestaan de Staten uit drie leden, waarvan heteerste de oude geestelijkheid laat voortleven, het tweede zijn deedelen en het derde lid maken de steden uit. Volgens het nieuwereglement op de regering kreeg Willem de macht (ik spreek van demacht en niet van het recht, want zulke usurpatien zijn hetonrecht zelf) hij kreeg, zeg ik, of liever nam de macht om heteerste lid elke drie jaar en de regenten der steden elk jaar naargoedvinden af te zetten en aan te stellen; alsmede de leden vande ridderschap te verkiezen en dit college zo dikwijls het hembehaagde – met nieuwe leden aan te vullen. Voeg hierbij debegeving van alle ambten en het commando der troepen, en watmankeert er dan aan de soevereiniteit?
In Gelderland enOverijsel, waar de Staten uit twee leden bestaan, maakte hijde helft der stemmen direct van zich afhankelijk – door deregeringen der steden in Gelderland elke drie jaar en inOverijsel elk jaar naar willekeur te verkiezen. Het is waar, inOverijsel liet hij zogenaamd de jaarlijkse keure van de regentenaan het college der gezworen gemeente blijven, doch hijhield de macht aan zich om die keure te bekrachtigen of niet. Eningeval ze hem niet beviel, om dan zonder enige nieuwe keure dergezworen gemeente (die hij ook al aanstelde, maar voor hun leven)direct anderen in hun plaats te benoemen. Om die reden kozen enkiezen nog heden ten dage (want onze tegenwoordige Stadhoudershebben, sedert 1747, dezelfde macht als Willem III) de gezworengemeenten geen anderen dan van wie ze van te voren weten dat zijde Stadhouder welkom zullen zijn.
Als men nu op deze wijzemeester is van de helft der stemmen der Statenvergadering enbovendien door ambten, commissien en gunsten, door straffen enbeloningen de andere helft – dat zijn de doorgaans laffe en kaleedelen – geheel onder zijn invloed weet te houden, en dan nog, zodikwijls de stemmen staken, beslissen kan hoe het besluit zalvallen (want dit recht had hij ook al bedongen) kan men dan nietalles naar zijn zin krijgen? Is men dan niet zo goed alsSoeverein? Dit was in feite de macht van Willem III en dit is ookde macht van onze hedendaagse Stadhouders die er zelfs in 1747 inandere provincies nog veel meer bij hebben gekregen dan WillemIII ooit heeft gehad.
Doch ik keer nog even tot deze terug. In1677 voelde zich de gezworen gemeente van Deventer – en waarlijkniet zonder reden – bezwaard, om de jaarlijkse regering naar hetvoorschrift van het nieuwe reglement te verkiezen. Zij kozendaarom volgens de oude privileges van de stad en lieten degekozenen beedigen zonder ‘s prinsen goedkeuring af te wachten,want – zo verklaarden ze – ze hadden gemoedsbezwaren om hetreglement van 1675 in strijd met de privileges na te komen. DochZijne Hoogheid deed de zaak spoedig af. Hij beval deburgemeesters om de gemeenslieden die zo teer van conscientiewaren, uit hun ambt te ontslaan, en voegde erbij, dat gelijkhij niet gezind was het recht, hem bij dat reglement opgedragen,af te staan, hij ook niemand wijde dwingen om zich tegen zijngemoed met de regering te bemoeien. Zo werden na hetontvangen van dit bevel zonder vorm van proces tweeentwintig vande achtenveertig gemeenslieden ontslagen en anderen in hunplaatsen aangesteld, wier gewetens wat ruimer waren.
InGelderland liet hij zich door zijn creaturen het hertogdomaanbieden, doch toen die vlieger in de andere provincies nietopging, bedankte hij maar voor de eer.
Overal waar twist was,of waar hij twist maken kon, stak hij zich erin om zo gelegenheidte hebben zijn gezag uit te breiden. Zoals bijv. in 1695 in Goes,waarheen hij om een dispuut over het vergeven van enige ambten,tegen de wil van de meerderheid der magistraat en de geheleburgerij, met geweld troepen zond en de regering omzette.  Doordie nieuw aangestelde van hem afhankelijke regenten liet hij deburgemeesters Westerwijk en Eversdijk, en anderen, allenvoorstanders van vrijheid en privileges en geliefd bij deburgerij, vonnissen en op een om wraak roepende wijze (te lang omhier te verhalen) door zijn militairen mishandelen.
InMiddelburg was twist over het beroepen van een predikant. Zelfsdit (wie zou ‘t hebben kunnen denken!) gaf onze geweldenaargelegenheid tot veranderingen in de regering en vergroting vanzijn gezag – alles uitgebreider te lezen bij Wagenaar,deel 14, bl. 445, en deel 16, bl. 203 e.v.
In 1688 verjoeg hijmet behulp van een Hollandse vloot en leger zijn schoonvader(want hij was ook al met een Engelse Prinses getrouwd) van detroon en zette zichzelf erop.  Hij bleef, hoewel nu Koninggeworden, toch Stadhouder van onze provincies, waar hijdespotischer regeerde dan in Engeland. Hij stortte onze Republiekin een voortdurende oorlog met Frankrijk, waarin wij tot zelfstien jaren na zijn dood, die in 1702 voorviel, onze krachtenverspilden en waarvan alleen het verraderlijke Engeland devruchten plukte, zoals Baron van der Capellen tot den Pol in zijnAdvies over de Schotse Brigade in het jaar 1775, naast anderezaken terecht heeft aangetoond.
Ja, landgenoten! het is zo!door ons gedurig in oorlog met Frankrijk te houden heeft dezeWillem onze koophandel en welvaart onherstelbare slagentoegebracht en ons land met onnoemelijke schulden beladen. Om derenten van die schulden te betalen moet gij nu nog zware lasten,schattingen en cijnzen opbrengen.
En toen wij enigszins opadem gekomen waren, sleepten ons de vrienden van het dierbaarHuis van Oranje, in 1747, opnieuw in een kostbare en volstrektnutteloze oorlog.
Dit zijn de diensten door die van Oranje aanons bewezen!
Na de dood van Willem III in 1702, hadden wij totop het jaar 1747 weer dezelfde regeringsvorm als van 1650 tot1672. De heren, de groten, maakten zich in de meeste provinciesweer van de hele regering meester en sloten het volk weer vanalles, zoveel zij konden, uit. Behalve in enige Gelderse steden,waar de burgerij haar regenten koos. Het volk werd opnieuwmisnoegd en met nog meer reden dan in het vorig tijdperk onder degebroeders de Witt, omdat er toen veel beter en thans veelslechter geregeerd werd, nu de stadhouderlijke regering allesvergiftigd had, de zeden bedorven waren en bijna iedereen geleerdhad alleen zijn eigen voordeel en belang na te jagen.
Dezeschadelijke invloed op het nationale karakter is aan destadhouderlijke regering uit haar aard eigen. In landen waar hetvolk zijn eigen regenten en ambtenaren kiest – zoals nog in enigerepublieken van Zwitserland, maar in volle omvang in de dertienVerenigde Staten van Noord Amerika gebeurt – is ieder die enigfortuin of baantje zoekt, genoodzaakt zich goed en deugdzaam tegedragen, beleefd, vriendelijk en gedienstig te zijn tegenoverzijn medeburgers, en vooral zich een voorstander te tonen van ‘slands vrijheid en welvaart. Met andere woorden om de goedgunstigestem van het volk voor de post, die hij verlangt, te verwervenmoet hij een rechtschapen patriot zijn. Maar in ons land is hetgeheel anders gesteld. Tegenover zijn medeburgers beleefd,vriendelijk en gedienstig, een voorstander van de vrijheid vanhet land, van de oude privileges en van de welvaart, eenrechtschapen patriot te zijn, helpt hier niet alleen niets, maaris integendeel nadelig. Degene die hier enig fortuin zoekt, moetdaartoe een heel andere weg inslaan. Het is alleen de gunst vande Stadhouder, die hij nodig heeft. En wij allen weten en ziendat die niet te winnen is door deugdzaam gedrag, door beleefd,vriendelijk en gedienstig tegenover zijn medeburgers, door eenvoorstander van ‘s lands vrijheid, voorrechten en welvaart, dooreen rechtschapen patriot te zijn. Verre van dien. De Stadhoudersmoeten inschikkelijke, toegevende mensen hebben. Die ouderwetsestijfhoofden van het jaar 1500 dienen hun niet.
Doorvoorrechten en vrijheden worden onze Oranjevorsten in hun machtbeteugeld en beperkt. Daarom trachten ze die maar zoveel zekunnen te vernietigen. En daarom haten en vervolgen ze depatriotten, die de voorrechten en vrijheden des lands durven teverdedigen, terwijl ze juist degenen die karakterloos genoeg zijnom, tegen eed en plicht in, hun de hand te lenen bij deuitvoering van hun plannen, met gunsten en voordelenoverladen.
0, landgenoten! Onze dierbare Oranjevorsten, hoefraai ze zich door hun vleiers en loontrekkers ook latenafschilderen, zijn vorsten, net als alle andere vorsten terwereld. Zij krijgen dezelfde verdorven hoofse opvoeding; zijzuigen van hun jeugd af aan dezelfde sentimenten in, dezelfdehoogmoed, trots, heerszucht, dezelfde begeerte om zich bovenalles te verheffen. Van hun jeugd af aan zijn ze gewend geenenkele tegenstand te ondervinden en dat is de reden dat zijdaarna zelfs de tegenstand van ‘s lands rechten en voorrechtenniet kunnen dulden; dat die hun onverdraaglijk zijn. Zij hebbendezelfde hofhouding, dezelfde manier van leven – met een woord:zij zijn vorsten en handelen als vorsten. Rijke slaven zouden ze,evenals andere monarchen, die de koophandel hunner ingezetenenbegunstigen, wel willen hebben. De koophandel van Amsterdam, diemen nu te gronde wil richten, zouden ze ook wel gaarne zienbloeien, als die stad maar eerst haar poorten voor ‘s Prinsengarnizoen geopend had en de benoeming van haar regering aan henhad overgedragen. Maar machtige ingezetenen die vrij zijn, diehen met ernstige verzoekschriften komen vervelen en hen dwarszitten bij hun plannen, die zijn hun onverdraaglijk.
Het iseen juist gezegde dat de vrijheid van het volk de slavernij vande vorst is.
Omdat nu (want ik merk dat de veelheid van stofme te ver voert) omdat nu door deugd en vaderlandsliefde in ditongelukkig land geen fortuin te maken is, ziet ge, landgenoten,dat ieder die graag wat wil hebben of worden – en dit aantal isbij ons, niet zonder reden, veel groter dan ergens anders – ofniet moet deugen en niet vaderlands- en vrijheidslievend moetzijn, of zijn eigenlijke gevoelens daarover moet weten teverbergen en door veinzen moet leren bedekken; en dan ziet getoch dat ik niet overdrijf als ik de stadhouderlijke regering uithaar aard een schadelijke invloed op de zeden en het nationaalkarakter ten laste leg.
Doch ik ga voort.
De Oranjefactie,altijd met dezelfde oogmerken bezield, leefde intussen nog enroerde zich steeds, zelfs zo, dat de partijen op verscheideneplaatsen de wapenen tegen elkaar opnamen  Maar de staatse partijbehield de overhand en liet het volk haar juk tegen wil en dankdragen. Eindelijk evenwel kwam het jaar 1742. De omstandighedenwaarin Europa zich toen bevond, gaven de Oranjefactie hoopvollekans op oorlog (want in tijden van rust, vrede en matigevoorspoed is het nauwelijks mogelijk een volk in beweging tekrijgen en grote veranderingen in een land tot stand te brengen).Frankrijk zo riepen Uw verleiders – moest in zijn heerszuchtigebedoelingen worden tegengewerkt! We moesten de Koningin vanHongarije steunen! Ieder die daar geen zin in had, was doorFrankrijk omgekocht; die voor neutraliteit durfde pleiten was eenlandverrader en verdiende de haat van het volk! enz. Dusverbonden wij ons weer nauw met het verraderlijk Engeland, datdoor zijn betaalde agenten en afgezanten het vuur hier hadaangestookt en zich niet weinig verheugde dat wij weer net alsvroeger dwaas genoeg waren om ons te hunnen voordele uit teputten en een weg in te slaan die noodzakelijkerwijs op eenverandering in de regering moest uitlopen, die ons land weergeheel onder hun invloed zou brengen.
0, Nederlanders! Hoe is’t mogelijk dat wij niet allang gemerkt en begrepen hebben, datde Engelsen, onze gezworen vijanden, die steeds en bij allegelegenheden onze ondergang gezocht en inderdaad bewerkt hebben,nooit zulke ernstige en rusteloze pogingen zouden hebbenaangewend om in ons land het stadhouderschap hersteld te krijgenen tot een toppunt van macht verheven, als zij deze regeringsvormals voordelig voor onze koophandel, welvaart en vrijheid haddenbeschouwd! Ons geluk, onze voorspoed was steeds een doorn in hunvlees; een steen des aanstoots.  Om die voorspoed te belemmeren,om ons ten val te brengen, om onze handel te ruineren, om onsklein en in een staat van afhankelijkheid te houden, gaven ze onsStadhouders, die hun verheffing alleen aan hen te danken hebben;en omdat die Stadhouders ook alle verdere ondersteuning – zoweltot het behouden als tot het vergroten van hun gezag -voornamelijk van hun helpers, de Engelsen, te verwachten hebben,verbonden zij zich ook altijd ten nauwste met dat volk, ofschoonhet onze natuurlijke vijanden waren en hebben zij hun steeds alstrouwe bondgenoten ten dienste gestaan. En zoals wij – helaas! -nu weer ten duidelijkste ondervinden, zullen zij liever ons landmet alles wat ons dierbaar is, verloren zien gaan dan de Engelsepartij te verlaten. Dit, o landgenoten, is de sleutel van alleswat wij in deze dagen hebben zien gebeuren! Overdenkt dat eensbij Uzelf! Ik zeg U de waarheid. De Stadhouders zijn een presentvan de Engelsen, en iets goeds, iets voordeligs, iets dat voorons heil is, zullen zij ons nooit geven. Laten zij die zogeleerd en kunstig over het Nut der stadhouderlijkeRegering weten te schrijven, dit bewijs nu maar eensontzenuwen, zo zij kunnen.
Wij geraakten dan in oorlog. DeFransen, hoe dichter zij onze bodem naderden, boden ons deneutraliteit aan, terwijl zij ons aanrieden ons toch niet meer ingeschillen te steken die ons niet aangingen, maar veeleer op onzehoede te zijn voor de listige aanslagen der Engelsen, die doorons in de oorlog te wikkelen alleen hun eigen voordeel en eenwijziging in onze regeringsvorm zochten. Maar neen! DeOranjefactie, ondersteund door Engelse guinjes kreeg de overhand.Wij wilden de oorlog. We verloren slag op slag, stad op stad. DeFransen waren aan onze grenzen. Toen verhief de Engelse factiehaar stem: Er is verraad in het land! We moeten weer eenStadhouder hebben! Niemand kan ons redden dan de Prins! netof hij alleen legers zou kunnen verslaan.
Men maakte deregenten gehaat, die ofschoon geen landverraders, toch de liefdevan het volk in ‘t algemeen nu niet bepaald verdienden. Maar wattrouweloos was: men bedroog ‘t grootste gedeelte van U; menbeloofde U gouden bergen: alle misbruiken zouden wordengeweerd, – ge zoudt geen lasten en schattingen meer hoeven op tebrengen, maar daarentegen zouden al Uw oude rechten envoorrechten worden hersteld! De felsten onder U liepen tehoop, de overigen zagen het aan. Niemand had moed of doorzichtgenoeg om U ten beste te raden. Gij riept om een Stadhouder, enmen gaf U Willem IV – gelijk Saul de Israelieten – en wat hebt gedaarmee gewonnen? Heeft hij of zijn zoon, die ons thansongelukkig maakt, U in Uw oude rechten en privileges hersteld?Verkiest gij nu Uw eigen regenten? Betaalt gij minder lasten? enwordt U nu gevraagd hoeveel en welke schattingen ge wiltopbrengen? Wordt U nu rekenschap afgelegd, hoe ‘s lands geld -dat is Uw eigen geld, zweet en arbeid – wordt besteed? Weet gezelfs wel op welke verbazende sommen het onderhoud van deStadhouder met zijn nasleep U jaarlijks komt te staan?  Wat hebtge bij de verandering gewonnen dan dat ze U een andere heer enmeester op de rug hebben gezet, die U veel moeilijker uit hetzadel kunt lichten dan Uw vorige berijders?
Wat deed deaangestelde Stadhouder?, die lieveling des volks, die herstellen(God betert) der vrijheid?  Wel wetende dat hij U door zijnafgezanten en creaturen had laten bedriegen en verleiden, en uitvrees voor Uw wraakneming als ‘t mocht gebeuren dat de schellenvan Uw ogen vielen, stelde hij zijn hoop op het leger, op desoldaten.  Maar omdat hij zich daarop nog niet genoeg verlatenkon, zolang zij door ingezetenen gecommandeerd werden, vulde hijons leger – onder voorwendsel van het moderne oefening endiscipline te verschaffen – met vreemdelingen aan, vooral metDuitsers. Hele zwermen van die hatelijke fortuinzoekers kwamen erafzakken. En voor die vaderlandsgezinde vorst was het feitdat men vreemdeling was al aanbeveling genoeg om met allerleimilitaire commando’s begiftigd en bij onze eigen vaderlandersvoorgetrokken te worden. Ja zelfs, zag men onze staatswapenrokdragen door mannen met een brandmerk op de rug die door anderevolken openlijk te schande gesteld of verbannen waren.
Enopdat het krijgsvolk enkel en alleen van hem afhankelijk zou zijnen met niemand anders dan met hem alleen te doen zou hebben,voerde hij de militaire jurisdictie weer in en dreef diemet geweld door. Hij wilde niet toestaan, dat enig militair, alshij iets misdaan of enige rechtszaken – als processen, testa-menten e.d. – te verrichten had, door enige andere rechtbank zouworden gestraft of voor een andere rechtbank zou mogenverschijnen – al was ‘t maar om te getuigen ~ dan alleen door envoor de krijgsraad, waarvan de Stadhouder heer en meester is, enwaar hij de vonnissen laat maken en vellen, zoals hij wil; of alsze niet naar zijn zin uitvallen, net als de Turkse Keizer in zijnrijk, ze naar goedvinden zelf verandert.
Deze militairejurisdictie is voornamelijk door Prins Maurits bedacht, als eenkrachtig middel om zijn gezag in dit vrije land uit te breiden.En al de volgende Stadhouders, door dezelfde geest gedreven,hebben tegen al de bittere klachten, door Staten van provincies,steden en gerechtshoven sedert het begin der vorige eeuw tot nutoe onophoudelulijk tegen die gevaarlijke nieuwigheid geuit, dithun zo geliefde dwangmiddel als een der dierbaarste voorrechtenvan het stadhouderschap gehandhaafd. Wie er zich tegen verzet,wordt aan het hof met een zwart krijt aangetekend, zoals niemandmeer heeft ondervonden dan de heer van der Capellen tot den Pol.Gij begrijpt intussen, mijne landgenoten! dat het gevolg van diemilitaire jurisdictie is, dat wij tegen een militair geen meerderrecht kunnen verkrijgen dan onze heer de Prins ons gelieft tevergunnen, wat zij U ook misdaan hebben, of hoeveel zij U ookschuldig zijn. Hoe daarenboven de justitie door die krijgslieden(die natuurlijk meer verstand van oorlog dan van rechten hebben)wordt behandeld, en hoe kostbaar en moeilijk het is om voor eenvreemde rechtbank, om in den Haag voor de Hoge Krijgsraad tegeneen militair recht te gaan halen, dat hebben zovelen van Uondervonden, dat ik me daar niet verder over hoef uit te laten. Doch ik keer terug waar ik gebleven was.
Het kwartier vanNijmegen had voor het geld der inwoners de graafschap Culemborggekocht. De laffe regenten – om aan de nieuwe afgod een offerandete doen, bieden hem die graafschap aan en hij neemt ze.  De Oost-Indische Compagnie presenteert hem niets minder dan eendrieendertigste van al haar dividenden; de Amphioen-societeit ikweet niet hoeveel aandelen. Hij sleept het allemaal in zijnnest.
Kan zulk een man, mijne landgenoten, met de oude vaderSamuel zeggen: Ziet, hier ben ik, getuig tegen mij voor denHere, wiens os ik genomen heb en wiens ezel ik genomen heb, enwie ik verongelijkt heb, wie ik onderdrukt heb en van wiens handik een geschenk genomen heb? Kan zo’n Prins, die openlijkuitspreekt, dat hij het zich een onwaardeerbaar voorrecht rekenthet voorwerp der liefde van een VRIJ VOLK te wezen, enniettemin een gezag aanvaardt en erfelijk aan zijn geslachtverbindt, dat met alle denkbeelden over vrijheid strijdt,kan zo’n prins in ernst eisen dat men hem gelooft? Gelooft mij,mijn vrienden!  Wat men U ook moge voorpraten of voorpreken,welke betuigingen onze erfstadhouders U ook mogen doen dat zijaltijd alles voor Uw vrijheid over hebben die zij tot eeneeuwigheid zullen verdedigen! Geloof me! het bedriegen en veinzenis de vorsten evenzo eigen als het onophoudelijk streven naarmeer en hoger macht.  Er is geen vrijheid en er kan ook geenvrijheid zijn in een land waar een enkel persoonerfelijk het commando van een groot leger heeft; deregenten van het land afzet en aanstelt of onder zijn bedwang eninvloed weet te houden; alle ambten vergeeft; door zijn invloedop de benoeming van professoren meester is van hetgeen destuderende jeugd op de hogescholen geleerd zal mogen worden; waarhet volk onkundig gehouden wordt, waar het volk ongewapend is enniets ter wereld, God, niets te zeggen heeft! Dit is Uwtoestand, Nederlanders! Maar ik keer nog een ogenblik terug totWillem IV.
Na het weer invoeren van de militaire jurisdictie(door de bovengenoemde Baron van der Capellen tot den Polzeerjuist een gedrocht of monster genoemd) trok het plakkaat overde jacht zijn zorg.
De stadhouders zijn altijd zeer attent opdit stuk geweest, omdat hoe minder mensen er mogen jagen, hoeminder er ook leren met een geweer om te gaan, en hoe meer denatie de wapenen ontwent. En dat heeft men graag want hoe minderweerbaar de natie is, hoe gemakkelijker men haar naar zijn zinkan dwingen. Om diezelfde reden – doch onder anderevoorwendsels – is ook het schijf- en valk-schieten uit de modegeraakt.
Het beste dat onze Willem IV gedaan heeft (want hijwas lang de ergste vorst niet) is zijn poging om een vrijhaven inons land in te voeren. Dat is, dat er van de koopwaren geen in-en uitgaande rechten meer zouden betaald worden. Jammer, dat hetniet doorgegaan is, want dit is het enige middel om onzekwijnende handel weer wat nieuw leven in te blazen. En wij zoudenverstandig doen, als we in dit opzicht bijtijds de Keizernavolgden.
Na het overlijden van Willem IV vielen we in handenvan mevrouw de Gouvernante. Zij regeerde op een wijze als men vaneen Engelse Prinses kon verwachten en overeenkomstig de bedoelingwaartoe de Engelsen haar gezonden hadden. De koophandel – ‘t isnog vers in ons aller geheugen – gaf zij ten prooi aan haarroofzuchtige landgenoten, en zij wilde niet dulden dat diebehoorlijk beschermd werd. Ja, zover ging haar onbeschaamdheid,dat zij door haar secretaris Larrey, ook al eenvreemdeling, aan de om bescherming, om oorlogsschepen smekendekooplieden ronduit liet antwoorden: Dat het voor haar eenpoint d’honneur was geworden in geen equipage van oorlogsschepente bewilligen, zonder een vermeerdering van de landmacht, dieze overigens alleen maar gebruikte om ze tot hulp van haar vader,de Koning der Engelsen, aan onze erfvijanden toe te zenden, enons zodoende weer in een oorlog te wikkelen met de Koning vanFrankrijk die onsjuist goed deed en alle mogelijke voordelen inde commercie bezorgde.
God verloste ons eindelijk van dezeJezabel en zo kwam þs lands regering gedurende de minderjarigheidvan de tegenwoordige Stadhouder in handen van de Staten, ofliever van de Hertog Louis van Brunswijk, die Willem IV,toen hij zich zwak begon te voelen uit Duitsland had latenoverkomen, om na zijn dood voor de belangen van zijn Huis tezorgen, waar hij zich dan ook meesterlijk, haast bovenverwachting, van gekweten heeft. Ik zeg voor de belangen van hetOranjehuis, want de belangen van de natie waren hem eigenlijkniet aanbevolen.  Daar was hij niet toe gehuurd.
Willem V onzetegenwoordige Stadhouder begon, toen hij meerderjarig gewordenwas, in alles gesterkt door de raad van deze zijn getrouweAchitophel, de weg van zijn vaderen te bewandelen, dat is de wegdie naar de soevereiniteit leidt, of liever, hij gedroeg zich alals Soeverein.
Te Kampen hadden negenentwintig leden dervroedschap, die daar uit zesendertig bestaat, zich verenigd om teprotesteren tegen het reglement op de voogdijschap van de jongePrins, hetwelk de Gouvernante hun wilde opdringen, en waaraan devroedschappen der andere Overijselse steden zich niet dan metweerzin hadden onderworpen, omdat het een allerduidelijksteinbreuk was op het privilege der steden.
Toen de Gouvernanteoverleden was, wilde de vroedschap volgens stadsprivilegien, dievan de oudste tijden af altijd in gebruik waren geweest en nogzijn, de jaarlijkse regering van veertien burgemeesters kiezen.Maar dertien van deze knapen hadden de Hertog en zijn aanhang,dat wil zeggen de Staten der provincie, te vriend en hetgarnizoen gereed om op de eerste wenk onder de wapens te komen.Zij bleven, ofschoon de vroedschap hen voor het volgend jaar nietalleen nog niet had gekozen, maar zeer zeker, als zij haarwettige keuze had kunnen uitbrengen, al de overtreders van eed enplicht zou hebben overgeslagen, zij bleven, zeg ik, door degehele Oranjefactie ondersteund, tegen uitdrukkelijk protest vande vroedschap, het stadhuis bezetten en bleven ook op het kussenzitten zonder enige wettige verkiezing. En de vroedschap, die alhad moeten ondervinden dat men haar met geweld belette haar keuzete publiceren, ja – ongehoord geval! – die gedurende haarberaadslagingen door een militaire wacht bewaakt werd, oordeelderaadzaam, nadat zij in een schriftelijke memorie had verklaarddie zogenaamde burgemeesters voor usurpateurs en geweldenaars tehouden, de vergadering voor die dag op te heffen. Zevenvroedschapsleden echter bleven zitten, fortuinzoekers, van wiedrie kort daarna ook burgemeester zijn geworden. En ziet, zoverging de euvele moed van die dertien burgemeesters, dat zij metdie zeven vroedschappen (die zij bij overlijden van een derzesendertig altijd met een van hun eigen creaturen aanvulden)meteen al de stad begonnen te regeren. En de anderenegenentwintig, ofschoon die de grote meerderheid vormden, hebbenze tot dit uur toe nooit meer ter vergadering toegelaten,uitgezonderd een paar die na verloop van ettelijke jaren laaggenoeg waren gezonken om het hoofd in de schoot te leggen enzeker geschrift te tekenen. Ja zelfs zonden de dertienburgemeesters hun collega de heer Roldanus een resolutiethuis, waarbij zij die heer, omdat hij de partij der onderdruktevroedschap was toegedaan, verboden de vergadering der magistraatbij te wonen, wanneer er over de kwestie der negenentwintigvroedschappen zou worden gedelibereerd. De ontzette of eigenlijkmaar thuisgelaten negenentwintig vroedschappen (want ditkunstje heeft de hofpartij er in Overijsel op uitgevonden, zoalsstraks aan het geval van de heer Van der Capellen nader zalblijken) hebben bij niemand ooit enige bescherming gevonden,zelfs niet bij onze tegenwoordige Stadhouder, die, wel verre vandeze geweldpleging bij zijn meerderjarigheid af te keuren en dieeerlijke lieden in hun posten te herstellen, integendeel, dedrijvers van dit goddeloos werk, tot heden toe de meest openlijkeblijken van zijn goedkeuring, gunst en vertrouwen heeftgegeven.
Prof. van der Marck, een braaf, door en dooreerlijk en kundig man, die de Groningse Academie roem verschafte,leerde zijn studenten begrippen en gevoelens van vrijheid, dievoor het Stadhouderlijk Huis, hetwelk hij een diepe eerbiedtoedroeg niet alleen niet gevaarlijk, maar zelfs zeer gunstigwaren. Dit woordje vrijheid was echter onduldbaar.Mijnheer de Prins kon deze hoogleraar niet vergeven dat hij zijntalent niet wilde gebruiken om – zoals andere professoren gewoonzijn jonge slaven voor hem te dresseren. De man moest weg. Ondervoorwendsel van onrechtzinnigheid liet hij hem, ofschoon met eentalrijk gezin bezwaard, op de infaamste en onrechtmatigste wijzeuit zijn ambt ontzetten.  En hij schaamde zich niet eens – zoalszijn gedrukte brieven en adviezen bewijzen de hoofdrol in ditdrama te spelen.  Dat de zogenaamde onrechtzinnigheid van de heervan der Marck slechts het voorwendsel en niet de ware reden vanzijn ontzetting kan geweest zijn, blijkt niet alleen daaruit, datde professor terstond op een andere gereformeerde academie in hetbuitenland is benoemd en tot ouderling der kerk aldaar isaangesteld, maar ook en vooral daaruit, dat de prins de heerPerennot, die in de plaats van de heer van der Marckberoepen was, doch bedankte omdat hij op het gebied van degodsdienst van dezelfde gevoelens was, door de curatorenter aanmoediging liet voorstellen, dat hij – als hij hetprofessoraat maar wilde aannemen – van het tekenen derformulieren van instemming met de rechtzinnige beginselen werdvrijgesteld.  Het was dus enkel te doen om de goede van der Marckweg te krijgen.
De Baron van der Capellen tot den Pol en lidvan de ridderschap en steden van de provincie Overijsel, een mandie in de regering is gegaan met het voornemen om nooit enig ambtof commissie te willen hebben – hetgeen hij zowel na als voorzijn intrede meermalen op verschillende plaatsen openlijkverklaard en door zijn gedrag op politiek gebied tot spijt vanzijn vervolgers volkomen bevestigd heeft – de heer van der Polzeg ik, begreep, dat – zou de geringe vrijheid die ons onder hetstadhouderschap nog is overgebleven, niet geheel verloren gaan -het hoog tijd was om zich openlijker en rondborstiger dantotnutoe gebeurd was tegen de dagelijks toenemende macht enonophoudelijke kuiperijen van het Huis van Oranje te verzetten.Omdat de kracht van dat Huis hoofdzakelijk op de landmachtberust, verzette de Baron zich steeds zoveel mogelijk tegen allevermeerdering van die landmacht, drong aan op het weren vanvreemdelingen en op het recht dat alle volken hebben om – zoalshij zich in tegenwoordigheid van onze Prins in 1773 uitdrukte -in hun eigen land, welks lasten zij alleen dragen, ook alleente worden aangesteld.
Ter gelegenheid van de vergeving vande Overijselse commissies, bracht hij onze Willem V met eenbeleefde brief (waarop deze zich echter niet verwaardigde teantwoorden), onder het oog, dat het reglement op de regeringvorderde, dat er nominatie van enige personen tot het vervullenvan die commissies zou worden opgesteld, zoals ook nog onlangstijdens het leven van de Prinses-Gouvernante was geschied. Hijherinnerde er onze Willem aan, dat hij zowel als alle regentendat reglement had bezworen, wees hem op bescheiden wijze op degevolgen die het hebben moest als zo’n grondwet steeds werdovertreden. De Baron bracht als lid van de Staten eenschriftelijk voorstel dienaangaande ter vergadering van Overijselter tafel, maar de heren dier provincie, zoals ze in delandprovincies bijna allemaal zijn, nl. afhangelingen van dePrins, weigerden dat voorstel in overweging te nemen, totdat dePrins zo brutaal mogelijk, met schending van hetgeen hij onderede bezworen had, de commissies zonder nominaties vergeven had ende Staten al die aanstellingen hadden goedgekeurd, dwars tegenhet protest van de Baron in.
De Koning van Engeland en onzePrins overlegden, hoe zij de Republiek het best in de haken enogen zouden kunnen halen waarin Engeland op þt punt stond tegeraken door het onderdrukken van de Amerikanen; en zij sprakenmet elkaar af om te voorkomen dat wij in die omstandigheden onsvoordeel deden en onze koophandel zich zou uitbreiden – dat dePrins zelf in eigen persoon (zoals hij evenals een Engelsecommissaris in een zeer dringende brief gedaan heeft) aan deStaten van elke provincie zou verzoeken om de Schotseregimenten, die in onze dienst zijn, aan zijn lieve neef enbondgenoot uit te lenen.
In alle provincies ging dit voorsteler vlot door, doch het was onze Overijselse Baron, die het gevaarvan zo’n stap doorzag en duidelijk toonde, en dit listig verzoekdat alleen bedoeld was om als deze schaapjes eenmaal over de brugwaren, ons evenals in 1742 en vervolgens steeds dieper in denesten te wikkelen, ronduit afsloeg.  Zoals Amsterdam het enigeweken later – doch wat diplomatieker – ook deed.
De Barondoorzag behalve de gevolgen die het lenen van deze troepen voorde rust en welvaart van zijn vaderland noodzakelijk moest hebbenen de onbillijkheid om mensen die ons nooit wat misdaan en eenrechtvaardige zaak hadden, te helpen onderdrukken, ook nog deverborgen toeleg van onze Prins, om hierdoor nog enige regimentenmeer in zijn dienst te krijgen. Want in plaats van die Schottenzouden anderen worden aangeworven (precies zoals was geschied metde troepen die naar de West gezonden waren) om ze vervolgensallemaal in dienst te houden. De Baron bracht deze toelegopenlijk aan het licht en verklaarde op zijn oud-Hollandsdagelijks groter tegenzin in al die vermeerderingen van onzelandmacht te krijgen, zolang het monster van de militairejurisdictie op de troon bleef.
0, hoe gaarne zou onze Willemdie Baron toen reeds hebben weggewerkt! Hoe weinig scheelde het,of hij en zijn getrouwe bondgenoot de Koning van Engeland haddenhet door openlijk genoegdoening te eisen de door niemandondersteunde edelman het land te benauwd gemaakt! Maar de tijdscheen nog niet gekomen, om zich van hem teontdoen.
Wolffenbuttel (Hertog v. Brunswijk), zijngezworen vijand, voorzag in het onverzettelijk karakter van dezevaderlander, dat hij zich vroeg of laat – zoals men het toenuitdrukte – wel eens erger zou vergalopperen. En de Prinsvergenoegde er zich ditmaal mee dat men in weerwil van al deprotesten van de Baron, zijn advies weer uit de registers van deStaten wierp en op de loer bleef liggen op een geschiktegelegenheid om zijn persoon zelf uit de vergadering tewerpen.
Deze gelegenheid verschijnt. De Baron, indachtig dathij als regent door eed en plicht gehouden was om onrecht teweren en de rechten en vrijheden der ingezetenen te beschermen,gaat in de bres staan voor de met slaafse en onverplichtediensten belaste boeren in zijn provincie. Hij toont aan dat diedrostendiensten nooit geoorloofd zijn geweest. Dat zij 300jaar geleden reeds verboden waren; dat zelfs onze tiran Filips ertegen gewaakt heeft.
Hij toont dat de Staten in 1631 detraktementen van de drosten verhoogd hebben met uitdrukkelijkbevel, dat zij generlei diensten of voordelen meer zoudengenieten. Hij stelt voor dat men die diensten eens en voor al zoumoeten vernietigen, en de tegenwoordige drosten uit deprovinciale kas een douceurtje daarvoor moet toekennen. Enmijnheer de Prins, die het niet kan verkroppen dat men, zoals deBaron, door het doen drukken en uitgeven van zijn memorie over dedrostendiensten gedaan had, aan de ingezetenen de ware grondenvan vrijheid en de rechten en belangen der burgermaatschappij hadleren kennen, de Prins laat hem, een geboren regent, door zijncreaturen, die allen zeer bekend zijn en door Zijne Hoogheidopenlijk met gunst en zoveel mogelijk met ambten en commissiesbeloond zijn, zonder enige rechtspleging uit de vergaderingzetten en tot heden – nu bijna drie jaren – uit de vergaderinghouden! Men heeft de Baron evenals de negenentwintigvroedschappen en burgemeester Roldanus te Kampen zogezegd welniet finaal ontslagen! Neen, hij blijft in naam lid van deStaten; heeft – zoals ik uit goede bron weet – toegang tot depapieren van de provincie; trekt nog zijn (geloof ik) honderdguldens als ingeschreven edelman, wordt in alle opzichten alsingeschreven (in de ridderschap) aangemerkt; maar de vergaderingbijwonen, dat wordt hem bij voortduring belet, daar men genoeghad van zijn stem en zijn tegenstand. Men weigert niet alleen eenregent, die men bij openbaar plakkaat van 27 oktober 1778 door dehele provincie met naam en toenaam valselijk als eenleugenaar en een volksverleider had tentoongesteld,eerherstel, maar zelfs is de onbeschaamdheid van de Overijselseridderschap op de laatste landdag zover gegaan, dat ze op deherhaalde aanbieding van de Baron, ja, op diens dringend verzoekom toch de geschillen in der minne te schikken geantwoord hebben,dat dat hun eer en aanzien te na zou gaan, dat zij het voor denazaten niet zouden kunnen verantwoorden; dat de waardigheid vande Staten vorderde, dat men zich wegens de hoon en smaad, hundoor de heer van den Pol aangedaan, genoegdoening zou verschaffenin rechte en soortgelijke snorkerijen meer, die nog zotter zijnals men bedenkt, dat de rechtbank niet alleen voor de ridderschapnooit gesloten is geweest, maar dat de heer van den Pol reeds innovember 1779 getracht heeft zijn partij door rechtsmiddelenjuist tot het beginnen van de procedure waarmee gedreigd wordt,of tot een eeuwig zwijgen te noodzaken.
0 Willem de Vijfde!Zijn niet Uw antwoorden op ‘s mans smeekschriften, waarin gij hemzonder hem te horen schuldig verklaart, en al de stukken diebetrekking hebben op deze schandelijke zaak, gedrukt? Is Uw snodetoeleg ons niet wel bekend? Gij en Uw voorzaten hebt de heleridderschap van Zeeland reeds weten te vernietigen en haar plaatsen stem in de statenvergadering dier provincie onder de naamslechts van Eerste Edele, alleen weten in te nemen en tebehouden. Gij en Uw voorzaten hebt reeds de steden onder Uw machtdoen bukken en gij kunt de magistraten van de steden in zoveelprovincies volgens Uw soevereine wil afzetten en aanstellen. Ishet niet Uw toeleg om evenzo nu ook nog de nog niet rechtstreeksvan U afhankelijke ridderschappen (iets waar Maurits nogmaar een enkele keer aan heeft durven tornen) ja, alle regentenin ons vaderland van U geheel afhankelijk te maken, en U vandegenen die ongenaakbaar voor Uw verlokkingen zijn en zich tegenUw overheersing durven verzetten, door een omgekochtemeerderheid, die ‘t nooit aan voorwendsels zal ontbreken, tekunnen ontdoen!
Wie is er veilig in ons land? Wie kan zijnplicht doen, als een aan U verslaafde meerderheid de leden derhoge regering die U mishagen omdat zij hun eed getrouw zijn, opUw wenk van het kussen kan en straffeloos mag schoppen? Als gijdoor Uw schepsels de onschuldigste regenten buiten de beschermingder wet kunt stellen? Als gij, wanneer ‘t U maar behaagt, iemandvan zijn dierbaarste, van zijn aangeboren rechten kunt latenberoven? 0, Willem de Vijfde! Ik daag U uit voor God en onzenatie, U op deze beschuldigingen te verdedigen! Niet Uwwerktuigen in Overijsel, die zonder U heus geen moed genoeg voorzoiets ongehoords gehad zouden hebben, maar gij, gij alleen, diehen hebt gebruikt en ondersteund, gij hebt de heer van derCapellen en in hem alle regenten beledigd, vervolgd,mishandeld, in gevaar gebracht! Ik weet wel, o Vorst! dat dezezaak evenals de oorlog met Engeland die door de natie heel anderswordt opgevat dan U verwacht had, U een weinig verlegen begint temaken en dat gij de baron – indien hij er U opnieuw om zouvragen, misschien in schijn wel een rechtspleging zou toestaan;doch ik hoop dat hij Uw vijandigheid tegenover hem en Uw invloedin ons land te goed zal kennen, dan dat hij zich voor een tweedekeer aan U zal wagen. Het voorbeeld van Barneveld, de Witt,Amsterdam, etc. moet hem geleerd hebben, wat een Stadhouder kandoen, en wat men doet om hem te gerieven. Hij kan dus geen redenhebben om naar een proces te verlangen en het is onbegrijpelijkdat hij er zo menigmaal op heeft durven aandringen en zelfs destap heeft gedaan om er de Staten van Overijsel door een citatieex lege diffamari toe te dwingen!
Is er onder Uwvoorzaten een geweest, die tegen zoveel en zo bittere klachtenvan zoveel leden van de staten, van zoveel gerechtshoven, zovermetel, zo onbeschaamd de militaire jurisdictie heeft durvendoorzetten als gij? Gij hebt zelfs Willem III daarin overtroffenen durven klagen, dat die in dit opzicht de voorrechten van hetstadhouderschap had beknot!
Is niet Uw verachting voor devrijheid en veiligheid van een natie, die U en Uw Huis grootgemaakt en steeds met een blind vertrouwen geeerd heeft, zo vergegaan, dat ge in 1768 zelfs een burger, een ordentelijk koopmandoor het garnizoen en de krijgsraad van Zutphen hebt latenstraffen? Dat hij onschuldig is mishandeld is nog ‘t minste vanUw misdaad; maar dat ge in Uw brief van 3 mei 1768 aan de Statenvan Gelderland, wier dienaar gij behoorde te zijn, nadat zij Uverschillende gerechtelijke bewijzen betreffende deze zaak haddentoegezonden, het volgende durfde schrijven: Dat gij dierapporten door Uw officieren, in hun kwaliteit aan U gedaan vooreen voldoend bewijs houdt en de in de provoost gevangen zittendeburger, zonder Uw speciale order zekerlijk niet had mogen wordenontslagen, net alsof de Staten geen orders meer zouden mogengeven aan de troepen die in hun provincie gelegerd zijn!
Datgij – ik beef voor de gevolgen! – alleen op zulke rapporten eenmilitair vonnis, dat gij toch altijd naar Uw goedvinden of laatvellen of zelf velt (zoals gij in dit geval hebt gedaan) overeen burger hebt laten ten uitvoerleggen – hierdoor hebt gijde heiligste rechten van onze natie vertrapt en getoond datniemand van ons tegen Uw gewapende arm enige schuilplaats in dezewoning der oude Batavieren meer is overgebleven!  Verdedig U,Prins, zo gij kunt!
Hoeveel voorbeelden hebben wij onder Uwregering niet moeten aanzien van burgers, die door militaireofficieren mishandeld, niet de minste genoegdoening bij U hebbenkunnen krijgen; en dit ofschoon de magistraten van hun steden erU op de dringendste wijze om verzochten en U aantoonden welkgevaar de vrijheid en veiligheid der ingezetenen liep als tegendergelijke daden van willekeur van militairen tegen burgers nietwerd opgetreden. Maar gij wilt een militaire regering over onsuitoefenen en bij ons invoeren en daarom ziet gij graag dat demilitairen, die immers Uw slaven en werktuigen zijn, de baas overons spelen.  Daarom houdt ge de militairen altijd de hand bovenhet hoofd, zodat men in plaats van als broeders en leden vanhetzelfde lichaam met hen te kunnen samenleven en hun die achtingte kunnen toedragen die de adel van hun beroep – zo er geenmisbruik van wordt gemaakt – verdient, men thans moet schrikkenals men een blauwe rok ziet.
Is er ook maar een artikel vanenige grondwet dat gij ongeschonden hebt gelaten, als ge maar zagdat men toch niet genoeg moed had om het te verdedigen! Is er bijwijze van spreken nog een ambt, waarvan het benoemingsrecht nogaan de Staten of colleges is gelaten, dat gij van tijd tot tijdniet aan Uzelf trekt ter vervulling of met Uw eigen creaturen,waaronder dikwijls vreemdelingen, bezet? Zijn zij, die nog ietste vergeven hebben, niet genoodzaakt dit in aller haast en stiltete doen, uit vrees voor Uw onbescheiden aanbevelingen, die menniet durft weigeren?
Eerbiedigt gij de stemmen der Statenledenin belangrijke zaken waarin eenstemmigheid vereist wordt? Hoeveel burgemeesters hebt ge sedert Uw regering niet, tegen destads- en landprivileges in, in de stadsbesturen van Gelderlanden elders gewerkt, die of geen burgers waren of de vereiste jarenniet hadden •f die te jong waren om de eed af te leggen •f dieambten hadden die hen van de regering uitsloten? Gij spot metalle voorrechten. Die privileges haat ge, omdat ge als zebehoorlijk gehandhaafd werden, dan minder willekeurig zoudtkunnen handelen, omdat ze Uw gezag beperken.
Waarom laat ge inde steden van Gelderland de colleges van de gezworengemeente, de enige steun van de burgervrijheid en ons allervrijheid, vervallen, uitsterven, veronachtzamen en van hun gezagberoven?  Waarom anders dan omdat gij van niemand enigetegenstand wilt dulden, maar alleen over ons wilt heersen? Wieheeft U de bevoegdheid gegeven om ongekwalificeerden, die niettot de jacht gerechtigd zijn door Uw aktes ten nadele vananderen, verlof te geven om te jagen, terwijl ge weer anderen dieer wel toe bevoegd zijn, het jachtrecht ontneemt? Waarom voert gedoor Uw tirannieke en willekeurige jachtreglementen (eenwetgevende macht, die ge U ook al hebt aangematigd) de inquisitieweer bij ons in? Zo zijt ge de oorzaak van duizenden valse edenen zo laat ge de ingezetenen van het platteland op de meestonverdraaglijke wijze plagen.
Wordt niet op de VeluweUw naam door de arme landman gevloekt, omdat hij overdag moe enafgewerkt, ‘s nachts in plaats van rust te genieten en door deslaap zijn uitgeputte krachten te kunnen herstellen, zijn korennet als in oorlogstijd moet bewaken tegen de herten? De hertendie Uw vader ook al uit het buitenland liet komen en die hieronder Uw bescherming en enkel tot Uw vermaak (want gij zijt ‘talleen die een hert mag doden) doch ten koste van het zweet derarme boeren hier leven en zich vermenigvuldigen. Indien U maarhet belang der boeren, die allernuttigste leden derburgermaatschappij ter harte zou gaan. Indien ge wist watmensenliefde is, dan zoudt ge allang die arme boeren vanOverijsel – en zeker nadat zij er U op de deemoedigste wijze inopenlijke verzoekschriften om smeekten – van die slaafse enalleszins onwettige diensten, die de drosten – Uw creaturen – hunafpersen, hebben verlost. Ook zoudt ge allang de heer van derCapellen de gelegenheid ontnomen hebben om in zijn vertoog overde onwettigheid dier diensten te klagen, dat er wel jacht-opzieners doch geen vroedvrouwen uit de provinciale kas wordenbetaald! Gij zoudt dan niet verantwoordelijk geweest zijn voor delevens van zoveel mishandelde kraamvrouwen en kinderen, die nu opUw hoofd neerkomen! Zeg niet, o Prins, dat U dat niet aanging!Gij kunt, gij hebt tot alles de macht; alles wat er geschiedt enniet geschiedt, het komt hier op aarde en in het hiernamaals opUwe rekening.
Wie wordt er met Uw vertrouwen vereerd danalleen dezulken die gij of Uw Achitophel al kennen als schurkenof waarvan gijlieden hoopt en verwacht dat zij het zullen worden? Zijn niet verreweg de meesten van Uw lievelingen de slechtste,zedelooste schepsels, hoerenlopers, echtbrekers, dobbelaars enzwelgers?
Welk soort mensen kiest gij uit de provincies om inde Staten-Generaal, Raad van State, admiraliteiten en anderecolleges zitting te nemen? Kiest ge daartoe niet alleen degenendie doortrapt genoeg zijn om hun stemmen aan U te verkopen, of tedom of te bang om zich tegen U te verzetten? De eerlijke, dekundige, de moedige patriot, de man die spreken durft en kan,beschouwt ge als Uw vijand, met afkeer, met schrik, met vrees.Want zulke mensen dienen U niet.  Dat zijn gevaarlijke’karels’!
Waarom wordt – wat burgers en boeren betreurenen allen die hem als regent kennen – Baron Van der Capellen,heer van de Marsch door U gepasseerd? Waarom draagt gij dezepatriot ook al een kwaad hart toe, dan alleen omdat hij kan endurft spreken en omdat hij de boezemvriend is van de heer Van derCapellen tot den Pol; omdat hij voor het onbeperkt konvooi was;omdat hij Uw plan om een veldleger bijeen te brengen (teneindeons nog gemakkelijker te overheersen en Uw soldaten nog beter bijde hand te hebben) heeft laten mislukken! Omdat hij steedsaandringt op het versterken der vloot, en als een eerlijk regentop een alliantie met Frankrijk en Amerika; omdat hij wilde datmen terstond op het eerste aanbod de gewapende neutraliteit zouaannemen; omdat hij adviseerde dat men ons ongelukkigvaderland tegen de aanvallen der Britten en hun verraderlijkeinvloed (hoor je wel, vorst: verraderlijke invloed)moest verdedigen; omdat hij het hatelijk en onverdraaglijk vindtom de Schotten, die tegenwoordig nog onder de eed van Engelandstaan, niet alleen in dienst te houden, maar zoals Uwvaderlandsgezind voorstel was, nu nog hun aantal – de nazaat zalhet waarachtig niet kunnen geloven – midden in een verraderlijkeoorlog met Engeland, te willen vermeerderen; omdat hij het rechtvan onze brave vaderlanders om gebruikt te worden in de militairecommando’s van hun eigen land, heeft durven voorstaan en zijnbillijke verontwaardiging heeft durven tonen, dat gij de beste,gewichtigste posten aan vreemde prinsen, hertogen, graven enandere groten heeft gegeven en de ingezetenen voorbijgaat. Datzijn de misdaden van deze edelman. Hij is een gevaarlijkekarel, niet waar Vorst? Wat zou ‘t gelukkig voor U zijn alsde Zutphense ridderschap net zo laaghartig dacht als deOverijselse. Dan zoudt gij U ook van deze lastige tegenstanderkunnen ontdoen!
Is niet de wijze waarop het U eindelijk geluktis, de brave belangeloze van Berckel, die ijverige voorstandervan onze handel en welvaart, uit de statenvergadering van Hollandte werken, een bewijs dat gij alles durft en alles kunt? Omdat gein Amsterdam geen ‘afhangelingen’ genoeg hebt om die man eronderte krijgen, laat gij hem (ofschoon ge slechts een dienaar zijtdie de bevelen van zijn meesters ten uitvoer moet brengen, voorwelke bevelen niet de dienaar maar enkel zijn meestersverantwoordelijk zijn), door Uw vriend York uit naam vanUw neef, de Koning van Engeland, ofschoon men hem niets misdaanhad, een strafproces aandoen en in moeilijkheden brengen. En nietalleen dit. De broeder van onze patriotse en bij ieder geliefdepensionaris zou ook Uw haat voelen en werd door U van hetburgemeesterschap van Rotterdam, hoewel hij er het meest voor inaanmerking kwam, uitgesloten.
Hoe springt gij met hetgratierecht om? Is er ooit onbeschaamder en willekeurigermisbruik van gemaakt?  In plaats van een hulpmiddel tegen destrengheid der wet voor de ongelukkige misdadiger te zijn, is hetin Uw hand een toevlucht voor de slechtaard, voor de bedrijvervan halsdelicten geworden. 0, Willem!  Waar zal men zich in onsvaderland voor U verschullen, waar gij de macht hebt ommoordenaars straffeloosheid te bezorgen!
Wat hebt ge met hetleger gedaan?  Hebt ge het lot van 36000 mensen, die voor eengering loon (een miserabele 28) hun leven en hun vrijheid veilhebben en eigenlijk slaven zijn in de ware zin des woords, hebtgij het lot van die duizenden, toen de Overijselse Capellen het Uin 1773 voorstelde en de stad Amsterdam er U daarna meer danzeven ton gouds voor beschikbaar stelde, door een allerkleinsteverhoging van soldij wel eens willen verzachten? Zijt gij door Uwonverzettelijke hardnekkigheid om steeds meer troepen te willenhebben, niet de oorzaak dat het leger (welks soldij nu maartijdelijk verhoogd is) verstoken is gebleven van het blijvendgenot van zo’n aanmerkelijke som? Hebt gij het leger door hetwegzenden der oude officieren, die meestal de beschikking hebbenover de traktementen en compagnieen, en hun vervanging door jongelieden zonder traktementen, dat leger niet ongeschikt gemaaktvoor de dienst van het land?
Aan wie hebben onze troepen aldie plagerijen, kwellingen, dat onophoudelijk exerceren, datgedurig veranderen van garnizoen, dat manoeuvres houden ensoldaatje spelen te danken dan aan U alleen? Wat bedoelt gedaarmee? De krijgsmacht van de staat discipline bij te brengen?0, neen, vorst! De krijgsmacht van de staat te doen vergeten, datzij mensen, dat zij burgers zijn; haar geheel af te scheiden vanhet overige der natie, haar alle gevoel te ontnemen en tot blindewerktuigen van Uw wil te maken.
Met welk goed doel kan men demilitaire discipline zo ver drijven, dat de krijgslieden,officieren en gewone soldaten zelfs in hun particuliere zaken zoaan hun hoofden onderworpen zijn, dat in het leger ieder dieslechts een rang hoger is dan de ander, tegenover deze zijnmeerderheid (door U ondersteund) kan en mag doen gelden in zakendie met de krijgsdienst niets te maken hebben?  Ziet men zelfsniet vrouwen naar de hoofdwacht brengen?
Wat bedoelt gedaarmee, Vorst?
Ik zal ‘t U zeggen. Gij zijt de bron van allemacht, die in ‘t leger uitgeoefend wordt. Alleen uit U vloeit zijvoort. Hoe meer het leger slaaf is, hoe vrijer en onafhankelijkerzijt gij; hoe meer gij er U op kunt verlaten, als gij ‘t eensnodig vindt dingen te bevelen, die het leger U zeker zouweigeren, als zij nog uit vrije mensen en burgersbestond.
Misschien nadert de tijd dat gij de proef ermee zultnemen. Nog eens, Vorst! Onze troepen waren steeds dapper toen zijuit ingezetenen bestonden en gelukkig en vergenoegd waren. Devrijheid is met de strengste krijgstucht best verenigbaar. Maarde vrije krijgslieden van een vrij land als ossen met stokkenvoor zich heen te drijven en hen tot zelfs in hun huishoudelijkezaken en dagelijks leven aan U te onderwerpen, is het toppunt vandwingelandij.
Hoe willekeurig behandelt gij de bevorderingenin het leger! Hoe menig braaf man is door U en wordt er dagelijksdoor U verongelijkt om plaats te maken voor Uw gunstelingen, voorUw vreemdelingen!
Schreeuwt het niet ten hemel, een vreemdeBaron, die wegens vrouwenroof veroordeeld en uit de keizerlijkelanden gebannen is, tot kolonel bij onze cavalerie te plaatsenmet toezegging van het bevel over een compagnie?  En dan op debezwaarschriften van de notabelste regenten daartegen, in deheerszuchtigste trant te antwoorden: Dat zulks nu zo blijvenmoest, en dat gij er niet aan dacht daar verandering in tebrengen!
Hebt gij niet in het regiment van Baden tweevreemdelingen – de een een Pool en de ander een bastaard van demarkgraaf – als kapiteins geplaatst, insgelijks met toezeggingder eerste compagnie, tot verdriet van waardige officieren,waarvan er reeds een om dit geval ontslag heeftgenomen?
Waarom hebt ge de provincie Holland met zoveelkrijgsvolk – en wel bijna allemaal vreemde regimenten of doorvreemdelingen gecommandeerd – volgepropt? Waartoe dient dit? Omde Engelsen een landing te beletten? Zotteklap! Ik zal het Uzeggen, Vorst! Gij en Uw vrienden probeerden door middel van dezeoorlog een opstand in ons land te verwekken. Als deze opstandtegen de patriotse partij daarop was uitgelopen waar meneigenlijk op had aangestuurd – en waarvan men zoveelverwachtingen had, dat de Engelse nieuwsbladen er al van sprakenals van iets dat niet missen kon, ja dat zelfs in Amsterdam alwerkelijk was geschied – dan zoudt gij die troepen gebruikthebben om die opstand te ondersteunen, de patriotse partij geheelte vermorzelen en U in de verwarring weer groter gezag te latenopdragen. Maar nu dit anders is uitgevallen en het volk meer lusttoont zich tegen U te verzetten en tegemoetkoming aan zijngrieven en bezwaren te eisen, nu is Uw toeleg, de misnoegdeingezetenen desnoods door middel van die troepen en van Uwafhangelingen in de regering, te dwingen en in toom te houden.Zie daar, o Vorst, Uw geheime oogmerken, en de eenvoudige redenwaarom gij een veldleger wilde hebben, en waarom gij al dietroepen nog in Holland, de machtigste provincie, laatblijven.
Hebt gij, o Willem, niet door ons hele land Uwspionnen, aanbrengers en verklikkers, die zich in allegezelschappen weten in te dringen en ons van de genoegens van eengulle openhartige samenleving beroven? Zijt gij ‘t niet, die onzehele natie daardoor vreesachtig, achterhoudend en geveinsdgemaakt hebt en haar rondborstig, eenvoudig en oud-Hollandskarakter en bestaan hebt bedorven? Door wiens toedoen, o vorst,zijn zelfs de briefwisselingen niet meer heilig?
Hoe hebt gijU sedert het uitbarsten van de Amerikaanse oorlog tegenover onzekooplieden, onze zeelieden, ons hele vaderland en zijndierbaarste belangen gedragen? Steeds verknocht, verslaafd,gehecht aan het Huis van Engeland – dat, ik herzeg het, om onsvaderland en zijn koophandel te zekerder te gronde te richten,aan Uw Huis reeds tweemaal het stadhouderschap heeft bezorgd en Utenslotte omdat wij hun toch nog te veel in de weg stonden, nogte veel voorspoed hadden, nog niet genoeg hun zijde kozen, geheelSoeverein wil maken – hebt gij nooit toegestaan dat men zichtegen de geweldenarijen en roverijen van deze Uw vrienden enbondgenoten verzette. Gij wilde niet, dat de zee beschermd werd,waar duizenden weerloze zeelieden in goed vertrouwen op detractaten rondzwalken met meer schatten dan mogelijk de drielandprovincies Gelderland, Utrecht en Overijsel, voor ‘t gemenebondgenootschap waard zijn, en dagelijks bloot staan aan deroofzucht en wreedheid van Uw Engelsen.
De klaagstem derkooplieden, die voor zovele duizenden, die voor het behoud vanhet gehele vaderland spraken, baden, smeekten, werd door Uveracht. Het bloed van Uw landgenoten, door Uw Engelsen op zeemishandeld, gepijnigd, gefolterd, vermoord, riep tevergeefs om Uwwraak en Uw bijstand. Uw Engelsen eisen, dat wij te hunnenbehoeve van een der voordeligste vaarten zouden afzien, die onsalleen in tijd van oorlog worden aangeboden, ons, wier handel invredestijd gering is en die juist alleen bij neutraliteit moetenen kunnen leven. En gij laat door Uw landprovincies en anderecreaturen alle schepen, met scheepshout en materialen beladenbuiten bescherming stellen tegen het protest van Amsterdam enanderen in, die niet machtig genoeg waren om U te weerstaan.Onder voorwendsel dat de Republiek nog niet voldoende bewapendwas om haar rechten tegen Engeland te kunnen verdedigen! MaarVorst, zo stonden de zaken.  Onder voorwendsel dat wij nietvoldoende bewapend waren, hield gij de onbeperkte konvooien tegenen opdat wij nooit in de gelegenheid zouden raken om onzehoutschepen te beschermen, liet gij onder de hand op allerleimanieren de aanbouw en uitrusting van oorlogsschepentegengaan.
Voor de schijn en om U niet al te zeer bloot tegeven en zo nodig U voor de natie te kunnen verontschuldigen,laat gij zogenaamd besluiten dat men eerst tweeendertig envervolgens tweeenvijftig oorlogsschepen gereed zal maken.Ofschoon het even onredelijk, ja eigenlijk nog onredelijker is dekooplieden hun eigen bescherming te laten betalen dan delandprovincies het onredelijk zouden kunnen vinden als men haaraan haar eigen krachten overliet, brengen toch de koopluiblijmoedig de verzwaarde en de handel drukkende lasten daarvoorop. Zij betalen dus te goeder trouw hun bescherming, maar tot dituur hebben ze nog geen bescherming genoten!
Is dit trouweloosof niet Prins? Zijt gij de werkelijke, de enige oorzaak niet vanalle geleden verliezen, en van het feit dat zoveel bravekooplieden geruineerd zijn? Zijt Gij, o Vorst! bijgevolg nietrechtens verplicht tot schadeloosstelling? Hoe zoudt ge U kunnenverdedigen, als men U wegens dit plichtsverzuim in rechten mochtaanspreken? Antwoord daarop, o Neerlands admiraal generaal enbeveiligen der zee!
De Keizerin van Rusland biedt ons eenverbond van onderlinge bescherming aan, zendt haar schepen omzich bij de onze te voegen. Wie anders dan gij alleen zijt deoorzaak dat wij niet terstond – zoals had behoren te geschieden -in dat verbond zijn getreden? Wie anders dan gij alleen hebt doordit dralen de Engelsen tijd gegeven om dat wel uitgedacht verbonddoor hun kuiperijen in rook te doen vervliegen? Iets dat nietgebeurd zou zijn als wij van stonde af aan onze schepen bij dieder Keizerin hadden gevoegd, toen deze voor dat doel voor Texellagen?
Verontschuldig U niet Prins, want de brieven zijnbekend, zeer bekend, waarin gij de regenten het toetreden tot diealliantie tot het alleruiterste toe hebt afgeraden.  Doch ditmaalvreesden zij het volk meer dan U. Uw eis was duidelijk al tegevaarlijk. Groot is intussen de dienst die gij door hetverijdelen van dit bondgenootschap ener gewapende neutraliteit,aan Uw Engelsen bewezen hebt, want het was met hun heerschappijover de zee gedaan geweest, als het was tot stand gekomen.Vertrouw ook maar op hun dankbaarheid. Waarschijnlijk houden zijhun woord en wordt Uw dochter – zoals York u beloofd heeft -mettertijd Koningin van Engeland en een van hun Prinsessen weerals vanouds aan Uw zoon, onze Erfprins gegeven.
Maar verder.Kunt gij, o Neerlands Stadhouder voor God getuigen, dat gij niethebt getracht ons eerst in een oorlog met Frankrijk en Amerika teslepen? En dat gij, toen dat niet lukte, van deze oorlog die deEngelsen ons nu hebben aangedaan, niet lang vooraf hebt geweten?Dat gij die oorlog niet tezamen hebt overlegd? Dat gij nietgeprobeerd hebt ons land ter zee ongewapend te houden omgelegenheid te hebben de rampen die gij voorzag dat ons doorUw zorg ongewapend gehouden Vaderland moesten treffen, op deschouders van de onschuldige, volstrekt onschuldige Amsterdamseregenten te schuiven, op de pensionaris van Berckel, op de beideCapellens, op de rekwestrerende kooplieden en op andere eerlijkemannen? In de hoop dat de gemene man dit net als vroeger in zijneenvoud zou geloven en terstond een opstand zou maken om U totredding van het vaderland nog meer gezag, dat is desoevereiniteit zelf te doen opdragen, waarbij gij deze opstanddesnoods door Uw soldaten zoudt doen ondersteunen? Ontken hetniet, o Willem! Dit plan (gelijk aan het gedrag Uwer voorvaderen)verraadt U; Uw eigenhandige brief aan de Staten van Friesland,d.d. 24 januari 1779, waarin gij U over de alleszins billijkemaatregelen van de Koning van Frankrijk, onze natuurlijkebondgenoot, tegenover die leden onzer Republiek, die door Uwtoedoen zich openlijk als de begunstigers der Engelsen,Frankrijks vijanden, toonden, op zulk een wijze hebt durvenuitlaten dat het nog een wonder is, dat gij en Uw Engelse aanhangniet allang de wraak van die vorst hebt ondervonden, verraadt U;Uw hardnekkige verkleefdheid aan Engeland; Uw intieme omgang encorrespondentie met York, die gij nog tot het allerlaatsteogenblik hebt onderhouden en mogelijk nog niet geheel hebtafgesneden, Uw onverzoenlijke haat tegen iedereen die niet samenmet U Engelsgezind wil zijn, verraden U! De bereidvaardigheid,ijver, ja, het genoegen waarmee ge U hebt laten gebruiken, om deop de Amerikaanse gezant Laurens gevonden papieren (ofschoon dietot gevolg zouden kunnen hebben dat Amsterdam en enige anderedaarbij betrokken patiiotten erdoor in moeflijkheden zoudenworden gebracht) aan Hunne Hoog Mogenden in persoon over te gevenonder toevoeging van bittere opmerkingen, verraden U! Ook deverheugde gezichten van Uw hovelingen bij het vernemen van derampen die ons vaderland troffen; het onnatuurlijke genoegen, datgij durfde tonen bij het bericht van het gevecht met Parker op 5augustus dat de Engselsen de vlag toch maar niet gestrekenhadden (men verzekert dat het Uw eigen woorden zijn). En devreugde door Uw Gelderse freule (die door haar nauwe betrekkingtot Uw persoon met Uw geheime gedachten wel niet geheel onkundigzal zijn) de vreugde, zeg ik, door deze dame die ge laag genoegzijt – ook al op de manier zoals vorsten dat doen – boven Uwjonge frisse echtgenote voor te trekken, openlijk enonvoorzichtig getoond over het verlies van St. Eustatius, waaraanzij nog toevoegde, dat het zo moest gaan om dat trotseAMSTERDAM tot rede te brengen. En dan het genoegen waarmeemen aan Uw hof de faillissementen der kooplieden vernam. Departijdigheid die onze republiek steeds tegenover de Amerikanen -op Uw drijven – heeft moeten tonen, zelfs zo dat het vervoer vanbuskruit naar onze eigen kolonien verboden moest worden en dataan onze West-Indische koopvaarders voorgeschreven werd, hoeveelze er voor eigen gebruik van mochten meenemen; terwijldaarentegen de Duitse slaven, die Engeland gekocht had om tegende Amerikanen te vechten vrij door ons land mochten trekken enopenlijk gemonsterd werden zelfs met hulp van het garnizoen vanNijmegen. Dan Uw koppigheid om liever het vaderland verloren telaten gaan dan de Hertog uit Uw omgeving te verwijderen, ofschoonhij het voorwerp van haat en afgrijzen dezer natie geworden is,en alleen al daardoor – al was hij de eerlijkste man van dewereld – ongeschikt is om aan onze natie als Uw raadsman vanenige dienst te zijn. Uw infame beleid in onze zeezaken; het stukvoor stuk uitzenden van meer dan twintig oorlogsschepen vlak voorde U stellig toen al bekende oorlogsverklaring, opdat ze maarstuk voor stuk, de een na de ander, genomen zouden worden. Daarnahet weigeren om bevel te geven om uit te varen, juist toen enigevan onze oorlogsschepen de kans hadden om het konvooi met Duitserekruten, die naar Amerika moesten, in te pikken, en zo Engelandeen allergevoeligste klap te geven.  Het uitzenden van Zoutman enzijn helden met zo’n geringe vloot; het geven van geheime enmondelinge orders, waarover zelfs een van Lynden klagen moet enhonderd andere dingen van deze aard, te veel om op te noemen,verraden U en Uw bedoelingen, o Prins!
Maar waarom hebben webewijzen nodig? De zaken spreken voor zich zelf. Gij kunt, gijvermoogt alles in onze Republiek. Gij kunt in verreweg de meesteprovincies, in de vergadering van de Staten-Generaal, in deadmiraliteiten, in de Raad van State (die allemaal voornamelijkuit Uw creaturen bestaan) alle besluiten laten nemen die ge maarwilt.  Gij kunt ieder – zoals het U behaagt – aan zijn plichthouden.  Wat gij kunt – we hebben het gezien en ondervonden. Gijhadt Uw afhangelingen, Uw landprovincies, Uw admiraliteitenallang een vloot kunnen doen, ik zeg Vorst, doen, ja doenuitvaren.  Er zit toch immers bijna niemand in die hoge colleges,dan die gij erin brengt en die van U alleen afhankelijk zijn. Gijalleen zijt Staten-Generaal, Raad van State, admiraliteiten,provinciale Staten. Gij zijt alles tezamen en wij eisendaarom ook alles alleen van Uw hand. Als men U nietdurft en kan tegenspreken als gij iets besloten wilt hebben, datnadelig voor het vaderland is, wie zou U dan hebben durven enkunnen tegenspreken of tegenwerken als gij in ernst gewildhad, dat men zich bijtijds wapende met een vloot, om de Engelsegeweldenarijen paal en perk te stellen en de handel te beschermenen het land tot bloei te brengen? Of – nu we in oorlog geraaktzijn – dat wij ons sterker zouden maken door voordelige en zonatuurlijke bondgenootschappen met de vijanden van onzeerfvijand, met het Huis van Bourbon en Amerika? Wie zou U inzulke patriottische pogingen kunnen, willen of durvenweerstreven?
Dat niets van dit alles is geschied; dat wijthans in oorlog zijn en niet van de voordelen der neutraliteiten vrije zeevaart mogen genieten zoals Rusland, Zweden enDenemarken (welke landen gewapend en niet door hun eigen vorstenverraden zijn en daarom door Uw Engelsen ontzien worden); dat wijin ons eigen land geblokkeerd en opgesloten liggen; dat onzedappere landgenoten op zee als maar weinig leeuwen tussen veeljagers ter slachtbank worden gebracht; dat zoveel goedevanzelfsprekende voorstellen om schepen te bewapenen van de handzijn gewezen; dat wij in deze hoogst gevaarlijke toestand nogsteeds zonder bondgenoten zijn; ja Vorst Willem, het is alles Uwschuld!  Ik herhaal: zowel het feit dat wij ons met het machtigeFrankrijk en Amerika niet mogen verbinden – ofschoon dit de enigeweg is om tot een spoedige en eerlijke vrede te eraken en onzekoophandel te doen herleven – als het feit dat de Amerikaansegezant, net als destijds de afgevaardigde van het Engelseparlement hier geen gehoor kan vinden en ons Vaderland daardoorgevaar loopt geheel door Engeland geruineerd te worden en zich zoal niet de haat dan toch de onverschilligheid van Amerika op dehals te halen en met gelijke munt betaald te worden – het isalles Uw schuld!
Gij wilt niet dat wij met Frankrijk enAmerika een verbond aangaan! Gij zijt het die dat belet, enniemand anders. Dit alleen al is voor een verstandig mens eenduidelijk bewijs dat gij het niet goed met ons voor hebt.
Nude oorlog niet naar Uw wens is uitgevallen, nu Uw Engelsen enandere vrienden en afgezanten niet in staat zijn geweest doorlistige geschriften, Aanspraken, aangeplakte briefjes,enz. enz. de regering van Amsterdam verdacht te maken en metgeweld omver te doen werpen, nu, o Vorst! zoudt gij U wel gaarnewillen verontschuldigen en een schandelijke vrede met Engelandbewerken. Ja mogelijk zoudt gij het wel weer eens over een andereboeg ~ een oorlog met Frankrijk – willen gooien. Maar God zalhoop ik onze natie genoeg doorzicht geven, om zich niet langerdoor U of de Uwen in de luren te laten leggen. Ik hoop enverwacht ook dat onze zeehelden nu te goed zullen beseffen doorwie zij op de slachtbank gebracht zijn (en zo mogelijkzeker opnieuw zullen gebracht worden) dan dat zij zich met goudendegens, sabels met ceinturen of een miserabele vrolijke dagzouden laten bedotten. Gij alleen, o Prins! en niemand anderszijt de oorzaak, dat de dappere en kundige Zoutman met zo’ngeringe macht in zee heeft moeten steken, dat zijn eskader naaralle menselijke berekening in handen der Engelsen moest vallen.Dat dat niet is gebeurd; dat wij hebben opgehouden een voorwerpvan spot voor alle volken te zijn, ja zelfs dat onze oude gloriebegint te herleven; dat onze vijanden ons zullen vrezen en deneutralen ons niet langer verachten; dat een Koning vanDenemarken en een Koningin van Portugal zullen begrijpen, dat hetgevaarlijk zou zijn ons nog te tergen of gemene streken uit tehalen; dat men weer als vroeger prijs zal stellen op eenbondgenootschap met onze republiek – niets van dat alles hebbenwij, o Willem! aan U of aan Uw wijs beleid, maar naast devoorzienigheid alleen aan de helden van de vijfde augustuste danken. Zij zouden de Engelse gevangenschap, waartoe gij ze(evenals Volbergen, Satink, van Prooyen en anderen) bestemd had,niet hebben kunnen ontgaan, noch hadden ze aan hun vaderland enhun medeburgers al de bovengenoemde voordelen kunnen bezorgen danalleen door het betonen van een bovennatuurlijke moed enkoelbloedigheid gepaard aan een buitengewone kundigheid inzeezaken.
0, Willem, geef de schuld niet aan deVoorzienigheid, zij was ons gedurende deze hele oorloggunstiger dan gij ons zijt geweest!
Hadt gij, indien het Uernst geweest was, niet een paar oorlogsschepen meer met de heerZoutman kunnen uitzenden? Hadt ge niet aan de Zeeuwse schepen(aangenomen dan dat de Maasschepen toevallig niet kondenuitvaren, hetgeen overigens nader onderzoek verdient) hadt ge aande Zeeuwse schepen – zowel toen als nu – niet stelligeorders kunnen geven? En lagen er in elk geval in Texel nietgenoeg bijna volledig uitgeruste schepen om er door overplaatsingvan het zeevolk terstond enige voltallige van te maken? Slechtseen paar schepen meer hadden het eskader en konvooi van Parker inonze havens gebracht! Nu, nadat ge gezien hebt dat het geduld vanons volk ten einde loopt – en het fortuin Uw Engelsen in de steekbegint te laten, en dus Uw plan bij deze troebele gelegenheidSoeverein te worden, in rook begint te vervliegen, nu kunt gij, oWillem, nu kunt ge opeens die stellige orders wel zelf geven aande Rotterdamse, Friese, Noord-Hollandse en Zeeuwse schepen (dieZeeuwse schepen die de Staten van Zeeland liefst niet van hunrede zouden hebben zien uitvaren!). Diezelfde orders spreken Uwvonnis! Zij geven U een ongeneeslijke snede door het aangezicht!Diezelfde bevelen hadt gij eerder kunnen en eerder moeten geven.Dit niet gedaan te hebben, zou al onvergeeflijk zijn van eenvorst, die men verder niets te verwijten had! Wat betekent hetdan wel voor U, Willem, die U al in zoveel opzichten tegenoverhet vaderland onverantwoordelijk gedraagt, en wiens nauwe, ja,God beterþt, maar al te nauwe betrekkingen met Engeland wij allenkennen?
Waarom moet juist een Engelsman van afkomst, ja, bijnavan geboorte, te Amsterdam equipagemeester zijn? Verwekt het nietterecht achterdocht, dat gij juist een Engelsman kiest voor zo’ngewichtige post en zo de Amsterdamse regering ten spijt detoegang tot de stad (want een equipagemeester heeft de sleutelvan de afsluitboom onder zich) aan een vreemdelingtoevertrouwt?
Dat gij de gewezen koetsier van York (wiens naamhier steeds gehaat moet en zal zijn) in Uw dienst hebt genomen,wordt terecht ook bedenkelijk genoemd. Althans toont gij, oVorst, met zulke daden, dat het U nogal onverschillig laat deschijn van het kwade te vermijden. Ligt gij niet voortdurendals ‘t ware te loeren op de gelegenheden om de magistraten ofburgerijen zelfs de sleutels van hun eigen steden afhandig temaken? Welke stad, waarin garnizoen ligt, zit niet te zuchtenonder de trots en heerszucht van Uw commandanten?
Is het geenopenlijk geweld de toch al zo zeer mishandelde soevereinelandschap van Drenthe – onze medezuster en achtste provincie -tegen de wens van alle ingezetenen, een Overijselse edelman, deBaron van Heiden, Uw gunsteling, tot drost op te dringen,ofschoon het ontegenzeglijk – zoals gijzelf trouwens niet ontkent- ditmaal een Drents ridder had moeten wezen?
Is het voor deingezetenen der kleine Gelderse steden te dulden, dat gij daaroveral een of andere jonker, die tevens lid van de ridderschap is(en daar zijn portie in de commissies dikwijls al rijkelijkkrijgt) als burgemeester heen zendt? En zoþn man die niet eens inde stad woont of zich met de stedelijke zaken bemoeit, devoordelen van de regering laat genieten, terwijl zijn andereambtgenoten er alleen de last van moeten dragen?
Is diedespotische regering van Uw premiers in de Friese stedenniet van hetzelfde allooi? Denkt gij, o Vorst! dat devrijheidminnende Friezen aan Uw voorvaders ooit zo’n macht overhet kwartier der steden zouden gegeven hebben, als ze haddenkunnen voorzien, dat die macht zo grof zou zijn misbruikt? DeFriese steden z’ n inderdaad Uw domeinen, Uw eigendom geworden,die gij door Uw premiers, als door gouverneurs of onderkoningenlaat regeren!
Als men al Uw gedragingen met elkaar vergelijkt,als men ziet hoe gij op het voetspoor van Uw voorvaderen allesaan U trekt, zelfs zo, dat gij de gewone militaire eerbewijzenaan de provinciale Staten laat beknibbelen door Uw creaturen eninstrumenten, zoals bij Uw zittingnemen in Overijsel is gebeurd,terwijl gij Uzelf op uitdrukkelijke order zelfs in destemhebbende steden het Koninklijk saluut laat geven endagelijks soortgelijke nieuwigheden invoert – is men dan weloneerbiedig als men U verdenkt van streven naar hoger gezag? dathet oude burgerlijke gezag U niet langer kan voldoen? dat gijniet zult rusten voordat gij ook een kroon draagt en gij en Uwnakomelingen dus niet langer aan Uw Koninklijke gemalinnen -zoals thans nog moet geschieden – de hogere rang zult behoeventoe te kennen?
Maar wat zal ik, o Willem, van Uw particuliergedrag en levenswijze zeggen?  Mijn voornemen was om U tenminstein dit opzicht te sparen.  Maar daar ge goed vindt datlaaghartige geestelijken U als een heilige, als een man, ‘diein zo’n nauw verbond met zijn God staat’ aan de eenvoudigegemeente voorstellen, als een patriot, die met zijn raadsman, deHertog, zich nacht en dag tot heil van Uw medeburgers afslooft enom alles nog weer in orde te brengen – nu kan ik nietzwijgen.
Is Uw levenswijze, tot verdriet van Uw verstandigedeftige Prinses, niet echt beestachtig? Ziet men U niet dagelijksdronken in het publiek verschijnen, zodat gij voor iedereen eenvoorwerp van spot en minachting wordt? Hoe zijn Uw zomervermakenop het Loo? Zot, kinderachtig, soms erger! Hoe gij dehuwelijksband eerbiedigt, is bekend. En dit, o Nederlanders is deman, die in zo’n nauw verbond met zijn God staat. En ditdurft men van de predikstoel in een onzer volkrijkste steden, degrote en alwetende God voorhouden en als ‘t ware in herinneringbrengen! 0, landgenoten, bedenkt toch dat de geestelijken ookmaar mensen zijn met dezelfde gevoelens, van hetzelfde vlees enbloed als het overige mensdom. Hun ambt is in aanzien en als hungedrag in overeenstemming is met het gewicht ervan, zijn zij alleeer en aller achting waardig. Maar nog eens, mensen zijn ze allenen men vindt onder hen als overal ook fortuinzoekers. DePrins kan aan hun kinderen en nabestaanden ook gunsten bewijzenen kwijt raken. Zijt dus op Uw hoede als zij zich over deoorzaken van de ellende van het land op de preekstoel uitlaten.Gelooft niemand blindelings, maar onderzoekt of zij die U dit ofdat voorpraten of voorpreken, wel belangeloos zijn; of zij nietbeloond worden en gehuurd zijn om U te misleiden en de zaken vanons land in een vals licht voor te stellen. Doch denkt niet, datik de geestelijkheid in het algemeen bij U in minachting wilbrengen. Neen! Ik dank God, dat er in onze dagen zoveel ware enverlichte vaderlandslievende figuren onder hen zijn. Maar ikwilde U alleen waarschuwen, dat zij net zo zwak zijn als anderemensen, en dat gij ze nergens minder in moet geloven dan instaatkundige zaken. Voor de staatkunde is een heel aparte studienodig, waarvoor zij zelden tijd en gelegenheid gehad hebben om erzich op toe te leggen. Ook zouden zij de politiek nooit vanaf depreekstoel moeten verkondigen, want die is alleen voor degodsdienst geschikt. Doch ik hervat de draad.
Uw voorstel, oWillem! van de 10de maart 1779, om namelijk vijftig a zestigoorlogsschepen uit te rusten, werd een openlijke bespotting,zodra gij dat verbondt aan een volstrekt nodeloze en voor devrijheid vernietigende vermeerdering van het landleger tot nietminder dan 60000 man. Ook werd Amsterdam daardoor gedwongen omhet een zowel als het ander te weigeren, en te adviseren, dat menzich bij voorraad maar moest houden aan de in het laatst van hetjaar 1778 besloten en vastgestelde uitrusting van tweeendertigschepen. Dit aantal schepen was indien het op tijd klaar eneerlijk door U als admiraal-generaal ter beteugeling van deovermoed der Engelsen was besteed geweest, meer dan toereikendgeweest om ons buiten de oorlog te houden. Hebben de Noordsemogendheden elk wel zoveel schepen? En worden zij niet door deEngelsen ontzien? De grootste vloot evenwel, die ooit de zeeheeft bevaren, al zou die geheel met helden zijn bemand, kan onsniet tegen de Engelsen beveiligen, zolang zij onze opperadmiraalte vriend hebben. Wat wij ook mogen doen, ‘t kan ons op den duurniets baten. Het is alles vruchteloos!
Uw voorstellen tervermeerdering der zeemacht, waar gij U nu met zoveel nadruk opberoept en in de couranten mee pronkt, zijn, o Willem! nooit tegoeder trouw gedaan. Al had men het leger om U te gerieven nog zovergroot, we zouden evenmin als nu een vloot gehad hebben, omdateen vloot tegen Engeland gebruikt zou kunnen worden, en dit zouniet in Uw kraam, in Uw plannen, te pas komen.
Indien het inzee brengen van een vloot U ernst was geweest, waarom zijn dandie tweeendertig schepen, waartoe in april 1779 al was besloten;waarom zijn die tweeenvijftig schepen waarvan de bondgenoten inhet vorig jaar 1780 reeds besloten hadden dat ze op deze eerstemei 1781 klaar moesten zijn, (en dat zelfs boven degene die menreeds in dienst had) waarom zijn die niet in zee gekomen? Wiensschuld is dit, o Willem! dan de Uwe alleen? Wat! Is het nietbekend dat moedige zeelieden, die graag dienst wilden nemen ommaar tegen onze gemeenschappelijke vijand aangevoerd te worden,zo menigmaal werden afgewezen?  Weet het – men wilde geen vlootin zee hebben – men maakte expres geen voortgang.
Voor hetlaatst, o Willem! en hiermee neem ik afscheid van U. Laat ikaannemen, hetgeen niettemin onwaar is. Ik neem aan, dat Amsterdamen de leden der hoge regering die het met die stad eens zijn, ingeen enkele vermeerdering van het landleger tot dan toehadden willen toestemmen. Mag ik U dan voor God en deze natievragen, of dit U en Uw landprovincies en andere van Uafhankelijken dan bevoegd maakte, om van Uw kant ook de wervingenvoor de zeemacht te beletten, terwijl het toch in ieder gevalduidelijk was dat wij vooreerst geen landoorlog maar wel eenoorlog ter zee te verwachten hadden? Ik ga verder. Ikveronderstel dat we zowel een oorlog te land als ter zee tewachten hadden, en dat Amsterdam en zijn factie (zo gelieft ge zetoch te noemen) zo onredelijk waren om zich alleen ter zee tewillen wapenen en te land volstrekt niets te willen doen. Watzouden dan de regels der voorzichtigheid, wat zou Uw eed, plichten de liefde tot het vaderland in zo’n geval van U eisen? Deversterking der zeemacht van Uw kant ook te beletten?  Neen,Vorst! Indien ge het wel met het land meende, zoudt ge – als hetbuiten Uw vermogen lag voor de beveiliging ter zee en te landbeide naar behoren te zorgen tenminste zoveel moeten doen als welin Uw macht lag, en evenals de brave de Witt in precies zo’nomstandigheid deed, tenminste een vloot in zee moeten brengen ende verwaarlozing van het leger ter verantwoording laten van hen,die er de schuld van waren.
Doch zo staan de zakenniet.
Amsterdam heeft – U ten gerieve – meer dan eenstoegestemd in een matige vermeerdering van de landmacht, die gijook maar beweerde te eisen; doch Amsterdam begeerde tevens datdezelfde zorg en onkosten aan de deerlijk vervallen zeemachtwerden besteed. Was dat onbillijk?
Nog eens: Waarvoor zullenwij onze landmacht gebruiken? Kunnen wij ooit zoveel troepenbetalen – en bovendien nog behoorlijk voor de vloot zorgen – datwij er onze vestingen mee kunnen bezetten en beschermen, en dannog genoeg overhouden voor een veldleger?
Men moet wel gekzijn om dat te veronderstellen. De financien, het vermogen vanonze Republiek laten dit niet toe. Wat dan te doen in onzeomstandigheid? Eenvoudig dit: steeds in goede verstandhouding eneen nauw bondgenootschap leven met Frankrijk, de machtigste en deinschikkelijkste, maar als we het reden geven tot verbittering(zoals we meer dan eens ondervonden hebben) de geduchtste vanonze buren. Verder ons leger van 36 a 40000 man, goed betalen enin goede conditie houden, om op die manier zodra het nodig mochtzijn, door aanwerven van nieuwe manschappen alleen, er een dubbelaantal van te kunnen maken.  Ten slotte ons erop toeleggen datwij steeds een goede vloot hebben, om zo dikwijls anderemogendheden in oorlog zijn (wat zeer vaak gebeurt) onzeneutraliteit en vrije zeevaart tegen iedereen te kunnenhandhaven, de koophandel te kunnen beschermen en door de bloeiervan de hele republiek te doen floreren.
Dit is de ware weg,maar die gij, o Prins en Uw voorzaten, nooit ingeslagen hebt!Verontschuldig U maar niet, Uw daden zijn te bekend en hunbedoeling is te duidelijk. Hij die in een land alles kan,alles mag, alles doet, en laat doen naar zijneigen wil, naar zijn eigen genoegen en goeddunken,is ook voor alles aansprakelijk, moet alles verantwoorden en kande schuld nooit op anderen schuiven.
De Hertog heeftbeantwoord aan het doel waartoe hij door Uw vader geroepen engehuurd was. Hij heeft steeds voor de vermeerdering van hetstadhouderlijk gezag (dat hij of de zijnen toch nooit kondenerven) en dus voor U en Uw Huis alleen gewerkt. Zo moeten U en UwHuis bediend worden. Hij heeft dus verreweg de minste schuld.Hetgeen hij de natie misdaan heeft, heeft zij aan zichzelf tewijten. Nooit had zij zo onvoorzichtig, zo achteloos en slapmoeten zijn om zoveel gezag zo lang in zulke handen te laten.Doch Vorst Willem, dit verontschuldigt U niet en gij zoudt deHertog – Uw trouwe raadsman en geleider op de weg die naar desoevereiniteit leidt zeer trouweloos behandelen als gij hem indeze voor hem gevaarlijke toestand niet met al Uw macht eninvloed, ja met het hele leger van de staat, dat is Uw leger,ondersteunde.
Want wie zou U of Uw huis ooit meer durven ofkunnen dienen, als gij niet in staat zoudt blijken om Uw dienarenen werktuigen tegen de aanvallen der patriotten te beveiligen enhun straffeloosheid te bezorgen?  Wij zijn alleen daardoorongelukkig; onze koophandel staat alleen daardoor stil; onzewerklieden lijden alleen daardoor honger en ellende omdat wijgeen vloot hebben, en een VLOOT had gij ons moeten,en gij, Willem de Vijfde! gij alleen bijtijdskunnen bezorgen.

Ziedaar, waardelandgenoten, een getrouw verslag van de toestand van onsvaderland van de oudste tijden af tot op de dag van heden. Ik hebU de oorzaken van Neerlands kwalen naakt blootgelegd. Ik hebniets voor U verborgen van hetgeen voor U van belang was teweten.  Ik heb – voor zover de beperkte ruimte van deze brief mijtoeliet – getracht tot zelfs de eenvoudigste mens te verlichten;maar juist daardoor zal ik de woede van de Prins en zijn groten,die de gemene man niet al te wijs willen zien maken, tegen ditmijn geschrift, en zo ze mij kenden of in hun macht hadden, tegenmijn persoon niet weinig doen ontbranden.
Dus als ge plakkatenof publikaties ziet verschijnen, waarin deze brief wordtverklaard te zijn een vuilaardig, oproerig, schandelijk,eerrovend, berucht lasterschrift en een premie wordt beloofd aanwie er de schrijver of drukker van weet aan te wijzen, bedenktdan, dat zulke plakkaten en premies de gewone toevlucht zijn vanlieden die de macht in handen, en de waarheid niet gezegd hebbenwillen; van lieden wier gedrag geen onderzoek kan velen.
Hetis veel makkelijker een schrijver die de waarheid aan het lichtbrengt, te mishandelen dan te bewijzen dat hij leugensvertelt.
Herinnert U, hoe de Koning van Spanje onze vooroudersallen voor rebellen verklaarde; een premie zette op het hoofd vanPrins Willem I en zijn verdediging en die der Staten alsschandelijke oproerige lasterschriften door beulshanden lietverbranden! Herinnert U, hoe de Staten van Overijsel in onzedagen, nog geen drie jaar geleden, de Baron van der Capellen alseen leugenaar, bedrieger, verleider des volks aan allekerkdeuren der provincie hebben laten aanplakken; ofschoon dehele wereld ziet en weet dat de Baron gelijk en de Statenongelijk hebben, en al die fraaie benamingen niet op de Baronmaar op Hun Edel Mogenden toepasselijk zijn.
Laat U dus nietaan het wankelen brengen, als ge de Prins of zijn groten deplechtigste betuigingen van hun onschuld en van hun ijver voor Uwwelzijn zult horen doen.  Of als ge een proces zult zien op touwzetten om mij of dit geschrift in een kwaad daglicht bij U testellen. Gelooft geen groten, vooral geen vorsten; het veinzen ishun een gewoonte; dit wordt van hun jeugd af aan geleerd.  Maargij moet doen als die van Berea en onderzoeken ‘of deze dingenalzo waren’ en zo ja, sla dan spoedig de hand aan het werkeer het te laat is. Er is geen tijd te verliezen. Wij staan op derand van de ondergang. De heren van Amsterdam en de anderepatriotten moeten ondersteund worden in hun pogingen. Amsterdamheeft ons de weg gewezen. Er moet naar de oorzaken van ‘s landsongeluk onderzoek gedaan worden. Er moet een algemeen nationaalonderzoek gedaan worden naar ieders gedrag van de afgelopenjaren, naar alle orders en contraorders, zowel geheime alsopenlijke, naar alle maatregelen die er genomen zijn en die menhad moeten en kunnen nemen, en die niettemin verzuimd zijn. Opdatblijkt wie verraders zijn, wie alleen uit vrees en zwakheidhebben gezondigd en wie zich standvastig, eerlijk en kordaathebben gedragen en dus Uw goedkeuring en vertrouwen verdienen. Er moeten spoedig efficiente middelen worden bedacht en in hetwerk gesteld. De Prins moet niet langer aan zichzelf en nogminder aan zijn slechte Engelsgezinde raadslieden wordenovergelaten, maar er moet een adviesraad van enige eerlijkemannen aan Zijn Hoogheid worden toegevoegd. Die voorstellen vanAmsterdam zijn zeer goed en verdienen ons aller dankbaarheid enerkentelijkheid, maar ze zullen alle in rook vervliegen. De Prinszal ze alle naast zich neerleggen, zoals hij reeds gedaan heeft,tenzij de natie zelf, tenzij het volk van Nederland, tenzijgijlieden zelf deze heilzame voorstellen ten uitvoerbrengt.
De Prins – zo hebt ge gezien – is volkomen meester inonze gehele Republiek. De Staten van verreweg de meesteprovincies, de vergaderingvan Hun HoogMogenden in den Haag, deRaad van State en de admiraliteiten hangen volkomen van hem af.Alleen in Friesland (omdat daar het volk ook wat te zeggen heeft)evenals in Amsterdam (omdat hij daar de regering niet kiest) kanhij nog niet alles naar zijn zin krijgen.
Gij begrijpt dus,dat elk onderzoek dat door die groten, die afhangelingen van dePrins zijn, zou gedaan worden, precies zover zou gaan en net zozou uitvallen als het de heer Prins behaagt.
Gij begrijpt ookdat als het al zover kwam (waartoe de Prins echter nooit en tenimmer zal overgaan) dat de Staten van elke provincie enige herenbenoemden die hem tot raadsmannen zouden worden toegevoegd, datin zo’n geval de Prins wel zou weten te zorgen, dat er alleenmaar jabroers werden gekozen. Daartoe zouden heus geenburgemeesters Temmink, Hooft of Rendorp, geen pensionarissen alsvan Berckel of de Gijselaar, geen der beide Barons van derCapellen tot den Pol of Marsch, geen Friese heren als Aylva,Eysinga, Humalda, Beijma, Wielinga, van Haren of soortgelijkepatriotten benoemd worden!
Alles wat er thans ondernomen wordtter redding van ons waarlijk bijna onherstelbaar verlorenvaderland is daarom vergeefs, indien gij, o Volk van Nederlandnog langer werkeloze toeschouwers blijft. Doet dandit!
Verzamelt U elk in Uw steden en ten plattelande in Uwdorpen. Komt vreedzaam bijeen, en kiest uit Uw midden een matigaantal goede, deugdzame, vrome mannen; kiest goede patriotten,waarop gij vertrouwen kunt. Zendt dezen als Uw gecommitteerdennaar die plaatsen, waar de Staten van Uw verschillende provinciesvergaderen en beveelt hun, dat zij zodra mogelijk bij elkanderkomen om uit naam en op het gezag dezer natie, met ennaast de Staten van elke provincie een nauwkeurig onderzoek tedoen naar de redenen van de verregaande traagheid en slapheidwaarmee de bescherming van het land tegen een geduchte en vooralactieve vijand wordt behandeld. Beveelt hun verder, dat zijinsgelijks met en naast de Staten der bijzondere provincien eenraad voor Zijne Hoogheid kiezen, en hoe eerder hoe liever alzulke middelen helpen beramen en in het werk stellen als totredding van het benauwde vaderland dienstig zullen wordengeoordeeld.
Laat Uw gecommitteerden U van tijd tot tijd doormiddel van de drukpers in het publiek en openlijk verslag doenvan hun verrichtingen. Zorg voor de vrijheid van drukpers, wantzij is de enige steun van Uw nationale vrijheid. Als men nietvrij tot zijn medeburgers kan spreken, en hen niet bijtijds kanwaarschuwen, dan valt het de onderdrukkers van het volk al zeergemakkelijk hun rol te spelen. Daarom is het dat zij wier gedraggeen onderzoek kan velen, altijd zo tegen de vrijheid vanschrijven en drukken ageren en wel graag zouden zien dat er nietsgedrukt of verkocht zou worden zonder toestemming.
Wapent Uallen, verkiest zelf degenen die U bevelen moeten, en gaat(evenals het volk van Amerika waar geen druppel bloed gevloeidis, voordat de Engelsen hen eerst hebben aangevallen) in allesmet kalmte en bescheidenheid te werk, en Jehova, de Godder Vrijheid, die de Israelieten uit het diensthuis heeft geleiden hen tot een vrij volk gemaakt, zal onze goede zaakongetwijfeld ook ondersteunen.

Ik ben,
Volk vanNederland!
Waarde medeburgers!

Uw getrouwemedeburger.

Ostende
den 3 september 1781.


By on 19:34
Het Vrije Woord

www.hetvrijewoord.com

Het land van de Rijzende Halve Maan

Wanneer ik Nederland met mijn kippah (keppel) op het hoofd op deShabbat met mijn dochter uit wandelen ging dan weerklonk in het park“K****r Joden!” …in het typische zz-accent van onzeMaghreb-medelanders. Op de Shabbat wordt men niet geacht te vechten,tenzij men werkelijk fysiek bedreigd wordt. Joden hebben niet alleenhet recht, maar ook de plicht zichzelf te verdedigen. Dus dan liet ikhet maar over ons heen gaan en dacht ik aan de uitspraak van een voormij toch goede vriendin Leah: “Als je als Jood in je gezicht gespuugdwordt dan zeg je gewoon dat het regent.” In 2003 tijdens een herdenkingvan 9-11 op het Veurs College te Leidschendam deed mijn dochter tijdenshet klasse-gesprek de uitspraak dat het wel de moslims waren die hetgedaan hadden. Vanaf dat moment is zij 6 maanden lang bij het betredenvan haar klas door 2 moslim klasgenoten uitgemaakt voor “K****r Jodin”;“Joden moeten we doden”; “Hamas, Hamas Joden aan het gas” en nog veelmeer van dat fraais.

Op haar veelvuldige klachten werd geen acht geslagen door deschoolleiding en liet men het maar op zijn beloop. Waarom? Simpelwegdoordat ten tijde dat deze incidenten rond mijn dochter zich afspeeldenHans van Wierden, conrector van het Terra College te Den Haag, in dekantine ten overstaan van alle leerlingen standrechtelijk geëxecuteerdwerd – met een 9 mm kogel door het hoofd. Moerad, een goede moslimpuber waar nooit geen kwaad bij zat ( ! ), had een reprimande eerderdie dag van de con-rector ontvangen en ja dat een ongelovige deze knaapin zijn Islamitische eer had aangetast is als het ware een halsmisdaad.Voor een moslim geen probleem, daar maakt hij meteen korte metten mee,immers volgens zijn overtuiging is zo’n daad gerechtvaardigd.
Even terzijde, tijdens zijn detentie heeft Moerad eenstrafvermeerdering gekregen wegens poging tot doodslag van eenmede-gedetineerde… een mensenmoordenaar van amper 16 jaar.

Uit angst dat zich ook zo’n drama op het Veurs College zou afspelenondernam de schoolleiding niets om mijn dochters veiligheid tegaranderen, hoewel het wel in hun verantwoordelijkheid ligt. Om eenlang verhaal kort te houden heb ik mijn dochter thuisgehouden in deafwachting tot de school hun verantwoordelijkheden zou nakomen. Eenijdele hoop, immers heeft het 13 maanden geduurd totdat er enige actieondernomen werd.
Ik werd aangeklaagd door dezelfde school en kreeg een proces verbaalvan de Leerplichtambtenaresse Mevr. Delsman omdat ik in overtreding zouzijn van art. 69 van de Leerplichtwet. Uit principe hield ik beidebenen stijf en was geenzins van plan om ook maar een eurocent boete tebetalen. Dat heeft mij wel opgebroken na 2 jaar procederen enuiteindelijk werd ik veroordeeld tot 11 dagen detentie, die eruiteindelijk 7 werden, in de Strafgevangenis van Scheveningen.

Hoewel ik het persoonlijk als zeer pijnlijk ervoer en een groveaanslag op mijn integeriteit en burgerrechten vond, vind ik het nogtriester dat ik in deze geen uitzondering vorm in het hedendaagseNederland.
De 2 moslim klasgenootjes van mijn dochter gingen uiteraard geheelvrijuit… Antisemitisme zou recentelijk in Nederland met 140 % gestegenzijn. Bizar eigenlijk als je bedenkt dat Amsterdam bekend staat alsMokum, het Hebreeuwse woord “Makhoem” wat net zoveel betekent als dePlaats. De plaats waar Joden veilig waren.
Als Amsterdammer weet ik nog dat voor het Grote Verdriet de Jiddischebevolking van Mokum zichzelf Mexikanen noemde, afgeleid van hetJiddisch : Mag sie keiner ( niemand mag ze ). Eeuwenlang hebben Jodenzich geïntegreerd in de Nederlandse samenleving en hebben zo hun nodigebijdrage geleverd, Spinoza, Delfts Blauw, literatuur, kunst enwetenschappen. Echter toen de Moffen de Dam in Amsterdam in ganzepasbetraden zeiden de Goyim (niet-Joden): “Nou zullen jullie het welmoeilijk krijgen…” Na jarenlang naast elkander geleefd te hebben werdtoch het onderscheid gemaakt. Nederland was het enige land dat kopgelduitgaf op het hoofd van iedere Jood, vanuit Polen en Nederlandverdwenen percentsgewijs de meeste Joden, een gegeven ter overpeinzingals we op 4 Mei weer kransen gaan leggen.

Opnieuw zie ik dat een meerderheid van de Nederlandse bevolking valtvoor de leugen van een valse ideologie. En dat begon al ten tijde vande Koude Oorlog, toen Nederland zich ook al zo heldhaftig opsteldetegen over het Rode Gevaar. Links kwam geweldig opzetten dankzij OmeJoop den Uyl, een geprezen socialist met het hart van een angsthaas,die de weg vrij maakte voor de hedendaagse doctrine van de Linkse Kerk.
In 1974 zwichtte Joop voor de Arabische repercussie voor de steun dieNederland aan Israël gaf toen deze op laffe wijze door Arabieren werdaangevallen tijdens het Yom Kippur feest het jaar er voor. Sindsdienfinanciert Nederland het Palestijnse terrorisme onder het mom vanhumanitaire hulp. Echter is bewezen dat enige tientallen miljoenendollars afkomstig uit de EU verdwenen in de zakken van terroristen.Volgens dhr. Koenders mogen we die met gerust hart “vrijheidsstrijders”noemen.

Evenzo weerklonk eind jaren ‘70 op het museumplein de leuze :“Liever een Rus in de keuken, dan een kruisraket in de tuin!” Het geeftweer eens aan hoe lafhartig de Linkse mentaliteit in wezen is. Links enRechts heeft voor mij niet direct een politieke betekenis, maar heeftveeleer met mentaliteit te maken.

Pim Fortuyn, een charismatisch no-nonsense politicus, een man dieNederland weer overeind zou zetten, weer zou herstellen in haaroorspronkelijkheid en uit het slop van de Linkse Vervuiling zoutrekken. We hebben het kunnen zien, in hoeverre Links al een pact heeftgesloten met het islamisme en zonder schroom het doel de middelen doetheiligen. De ware toedracht van de moord op Fortuyn wordt ons tot opheden onthouden. Waarom mochten de beelden van de veiligheidscamera’sniet in de rechtzaak tegen Volkert gebruikt worden als bewijsmateriaal?Volkert v/d Graaf een gestoorde gek die in zijn eentje het levenbeëindigde van Fortuyn? Zou het werkelijk zo zijn dat we in zo’n flauweLee Harvey Oswald grap zouden trappen?
Zolang Hirsi Ali lid zou blijven van de 2e Kamer zou geen enkele moslimde behoefte hebben mee te willen regeren. Wat zien we dan gebeuren?Hirsi Ali wordt middels een meest onbenullige reden de deur gewezen,immers de verkiezingen stonden er aan te komen.
Zij is nog niet koud de Kamer uit of moslims bezetten zetels in de Senaat. En dan nog wel moslims met een dubbele nationaliteit!

In Istanbul is er al een straat vernoemd naar Nederland… Net als inde pre-WO2 jaren en Koude Oorlog is er in Nederland een 5e colonne tevinden die actief op allerlei gebied de Nederlandse samenleving aan hetondergraven is en de deur voor vijandige elementen wagenwijd openhoudt.Men zegt zelfs dat de nazi’s extreem Rechts waren, het tegendeel iswaar. Als je het programma van de NSDAP meet aan de huidige stemwijzerkom je bij Groenlinks / SP uit. Zelfs antisemitisme is meer eengeaccepteerd thema bij Links dan bij Rechts.
Een anti-Israël houding staat gelijk aan antisemitisme, immers onthoudtmen zo de Joden het recht op een eigen thuisland. Wat mij altijdverbaast is dat velen lijden aan een collectief geheugenverliesaangaande de historie van de 20ste eeuw. Na 1917 zijn namelijk degrenzen in het Midden-Oosten bepaald door de Volkerenbond.
Een groepje Saoedische bedoeinen werd een koninkrijk toebedeeld met denaam Trans-Jordanië; grenzen van Syrië, Irak en Palestina als thuislandvoor Joden werden duidelijk vastgelegd. Hoe komt het toch dat men welde grenzen van Irak, Jordanië en Syrië respecteert en die van hetIsraël van na 1948 en 1967 niet? Was het niet zo dat de Westbank al in1920 aan Palestina werd toegekend, maar door de Jordaniërs nimmer werdafgedragen?
Wie zijn eigenlijk de Palestijnen? Tot 1948 waren dat de Joden enplotseling duikt er na 1967 een volk op dat zich “Palestijnen” noemtmaar Arabieren blijken te zijn. In de jaren 1930 en ‘40 waren het juistde Arabieren die geen P van Palestijn in hun paspoort van het Britsemandaat wensten, omdat ze dan geassocieerd zouden kunnen worden metJoden. Nogal tegenstrijdig met de ideologie die de aan AIDS gestorvenmoordenaar Arafat de Westerse wereld ruw in de strot heeft gedouwd.Yasser Arafat, het neefje van de groot moefti van Jeruzalem, eennotoire fanatieke nazi die nauwe banden onderhield met Hitler enEichmann als ook met de Bosnische Handschar islamo-facisten.
Links Nederland, waaronder ook linkse zelfhatende-Joden als het AJG(met het motto “Liever een verrader dan een dader”), tracht nu op sluwewijze de staat Israël in een wel zeer kwalijk daglicht te stellen doormiddel van systematisch valse berichtgeving en met islamo-facistischepropaganda de massa te beïnvloeden.
Links Europa had al in de beginjaren 1960 een ‘deal’ afgesloten met deArabieren om zo ook hun aandeel in het Zwarte Goud uit de zandbak vanSaoedie Arabië veilig te stellen. Europa als mede-investeerder in deolieindustrie, zodat men niet geheel afhankelijk zou zijn van hetmonopolie van de Aramco (Arab American Oil) en daar tegenover de steunaan Israël minimaliseren dan wel opzeggen en onze grenzen te openenvoor een groeiend aantal z.g. werkloze moslims.

En dan staat Nederland weer precies op het zelfde niveau als 65 jaargeleden, door de Joden vogelvrij te verklaren in de hoop zo niet alleenhet ontij te keren maar ook in eigen voordeel om te zetten. Tijdens deCubaanse crisis van 1961 en de Yom Kippur oorlog van 1973 waren de VSin alarmfase 1 en scheelde het maar een haar of men had daadwerkelijkgebruikt gemaakt van nucleaire wapens. Indien Iran doorzet met het planIsrael van de landkaart te vegen zullen Israël en de VS niet schromende nodige maatregelen te treffen die wel heel verstrekkende gevolgenzal hebben voor de Islamitische wereld. Het laat naar zich raden wat erdan, ook in Nederland, plaats zal vinden.

De pen machtiger dan het zwaard

De laatste tijd speelt men met de gedachte de koran evenals HitlersMein Kampf te verbieden, en terecht, elk geschrift dat aanzet tot hetdoden van mensen op basis van racisme, geloof of simpelweg een anderemening is toegedaan zou zeker in een democratie verboden moeten worden.Dit is absoluut niet in strijd met de vrijheid van meningsuiting, hetis een kwestie van moraal. Mensen die in een democratie leven wordengeacht een zeker besef te hebben van normen en waarden en met namewederzijds respect.

Een lid op dit forum verklaarde onlangs dat boeken geen mensendoden. Neen, natuurlijk niet uitzichzelf, echter boeken kunnen bepaalde“handleidingen” zijn die mensen kennis verschaft in het doden naargeweten. Immers was de pen niet machtiger dan het zwaard ?

Mao Xedongs Rode Boekje veroorzaakte de dood van 29 miljoen Chinezenen wordt nog gehanteerd door een handjevol Maoïsten ergens diep in deHimalaya.Momenteel druipt het bloed bij bakken uit de koran en is hetrode vocht enigzins geronnen in de nog aanwezige exemplaren van MeinKampf. Men zegt wel de tijd heelt alle wonden, maar laten we even naarhet Nieuwe Testament kijken. Het eerste antisemitische geschrift datdoor de eeuwen heen geleidt heeft tot de dood van letterlijk miljoenenJoden, inclusief de zes en half miljoen die omkwamen in de kampengedurende WO2. Tijdens de kruistocht van Godfried van Bouillon werdentijdens de verovering van Jeruzalem alle moslims en Joden afgeslacht.Tijdens de middeleeuwen wordt Godfried van Bouillon beschouwd alsedelste ridder aller tijden.

Niet alleen Joden, echter ook zwarte mensen uit Afrika afgevoerd inslavernij, marteling, moord en beroofd van hun wortels. In demiddeleeuwen accepteerde de kerk de slavernij en de slavenhandel tussenAfrika en Amerika duurde meer dan 300 jaar – v.a. midden 16e tot eind19de eeuw.Tijdens deze periode werden minstens 24 miljoen Afrikanen metgeweld uit hun geboorteland weggehaald. Cijfers over slachtoffers vande Inquisitie lopen in de miljoenen. En zo zou ik nog wel een tijd doorkunnen gaan met de lijst van het leed dat is aangedaan in de naam vanJezus.

Maar laten we het Nieuwe Testament eens onder de loep nemen, wat ishet voor een geschrift? Volgens Christenen een “boek” dat werdgeschreven in de kracht van de heilige geest, dat zogenaamd moestgetuigen van een nieuw evangelie. In werkelijkheid is het een selectiefgekozen samenraapsel van een aantal brieven die geschreven zouden zijndoor mensen die Jezus wel en niet gekend zouden hebben. Deoorspronkelijk “collectie” bestond uit meerdere brieven, echterbesliste de Algemene Kerk wat wel en wat niet in de nieuwe “blijdeboodschap” verkondigd zou worden. Let wel dat sommige stukken zelfsmeer dan honderd jaar na de dood van Jezus geschreven zijn en dat deAlgemene Kerk het “nodige” heeft aangevuld door de eeuwen heen. HetNieuwe Testament zoals die nu in de boekhandel ligt is dan ook eenderivaat uit 5500 vertalingen die het in bijna 2 millennia heeftondergaan. Hoe betrouwbaar is zo’n getuigenis dan nog ?

In Johannes 1 : 1 lezen wij :”In den beginne was het Woord, en het Woord was bij God, en het Woord was God.”
2000 jaar eerder dan Johannes is in de Rig-Veda van de Vedistischegeschriften te lezen :”In den beginne was het Woord, en het Woord wasbij Brahma, en het Woord was Brahma.” Zou de heilige geest zich danbedienen van plagiaat ? Komen we gelijk bij het fenomeen van de 3eenheid, welk ook al eeuwen eerder dan het evangelie in India tot standkwam. De belangrijkste drie hindoe-goden zijn Brahma (de schepper),Vishnu (de beschermer) en Shiva (de verwoester).

In 1 Joh.5:8 staat : “En drie zijn er, die getuigen op de aarde, deGeest, en het water, en het bloed; en die drie zijn tot een.” Dit iseen vers dat in de Statenbijbel staat aangegeven tussen haakjes, gezienhet geloof in de heilige geest als gelijkwaardige goddelijke derdepersoon van de in essentie éne G-d werd pas in de – in 325 in Niceavastgestelde – geloofsbelijdenis opgenomen. De Heillige Geest komt -volgens de aangevulde tekst – voort uit G-d de Vader en wordt samen metChristus de Zoon als (één van de personen van) God aanbeden en geëerd.Volgens het NT mag echter niets worden afgedaan of toegevoegd aan hetgeschrift, hiermee is het in tegenspraak met zichzelf.

Hoe kan het zijn dat evangelisten in de eerste plaats zich altijdafzetten tegen de RK kerk en toch zo fanatiek steeds met het begrip vande heilige geest op de proppen komen als zijnde de derde unieke persoonvan hun goddelijke drie eenheid, terwijl dit een bedenksel was vanRomeinse bischoppen ?
Er zijn dan Christenen die menen de heilige geest te herkennen in deTorah en op deze wijze trachten het bestaansrecht ervan te bewijzen.Het is je reinste dwaling en wanhopige poging enige legitimiteit tegeven aan de basis van de Christelijke doctrine. Christenen zijn vrijom te geloven wat ze willen, net als ieder ander, maar deopdringerigheid van een-voet-tussen-de-deur evangelisatie doet eengeheime agenda vermoeden. Namelijk de eeuwige jaloezie t.o.v. hetJoodse volk, gezien het niet gelukt is de Joden te bekeren onder dwangen vervolging begint men nu van binnen uit. Zich voordoende als “mijnbroeders hoeder” dringt men zich op aan Joden, maar hun boodschap isduidelijk : Joden hebben zich in de afgelopen eeuwen ernstig vergistdoor de Christenleer niet aan te nemen.

De ontkenning van een van de belangrijkste geloofspunten van hetJodendom, namelijk dat G-d geen vorm heeft en ondeelbaar is, is eenvorm van antisemitisme, immers men tracht op die wijze de Joodse zielte ontkrachten, hun bestaansrecht te ontzeggen.

Het Boeddhisme, Hindoeïsme en Jodendom kennen het begrip vanevangelisatie eenvoudig niet, in dat opzicht wordt de zoektocht naarhet Ik door het Hogere Zelf in het verborgene geleid. Het Christendomen Islam staan in feite niet zover van elkaar verwijderd als men denkt,beiden geloven in een afgod en menen dat de mensheid voor hun leergewonnen moet worden. Want hun god is de enige echte god.

Ik wil niet zover gaan dat dan ook het Nieuwe Testament verbodenmoet worden, echter voor we beginnen aan een werkelijke censuur vanlektuur is het goed om ook de Christenbijbel en haar doctrine eensnader te beschouwen. Hoewel de wedergeboren mens in Christus meent datvoor zijn zonden betaald is met het bloed van 1 mens gelooft elkweldenkend individu niet meer in dat soort sprookjes.

Dhimmitude op Europees niveau

Het zal niemand ontgaan zijn dat afgelopen week de 5 Bulgaarseverpleegsters en de Palestijnse arts Ashraf Elhagoug, die 9 jaar langin Libië vastzaten, zijn vrijgelaten nadat Khadaffi aan Cecilia Sarkozyin een onderonsje zijn wensen te kennen schijnt te hebben gegeven.Hoeveel dit grapje precies heeft gekost is nog steeds niet duidelijk,438 families eisten elk 1 miljoen euro en inruil daarvoor zou dedoodstraf omgezet worden in levenslang. Dit zal ongetwijfeld inmindering zijn gebracht van de openstaande schulden die Libie inEuropese landen heeft staan. Ook zijn er toezeggingen gedaan voormedisch ondersteuning ter waarde van miljoenen en heeft Sarkozytoegezegd te zullen helpen met de bouw 3 van kernreactors!

Libie is geen land met een democratie, maar met een dictator die eenkernprogramma zal exploiteren voor militaire doeleinden. Zo zien wijsteeds keer op keer hoe het moslims lukt losgeld te innen door middelvan het gijzelen van personen.

Maar hoe hadden we het ook anders kunnen verwachten dat de Fransenals grondleggers van Eurabia hun moslim maten op enigerlei wijze zoudenafvallen ?Het Europees-Arabisch vennootschap nam aanvang in November1973 met het Arabische embargo op ruwe olie, nadat sommige Europeselanden, waaronder Nederland, duidelijk steun hadden verleend aanIsrael. De grondleggers en uitvoerders van dit verbond bestond slechtsuit een uitgelezen groepje van top politici, multi nationals, Europesebureaucratie en uitteraard een groeiend netwerk van Linkse NGO’s (NonGovernmental Organisations), gesubsidieerd door deze zelfde Commissie.Natuurlijk vonden deze onderhandelingen plaats in de meest denkbareobscuriteit. De laffe toespraak van de meest hypocriete politicus Joopden Uyl, PvdA premier, aan de vooravond van de autoloze zondag, gaf aandat Nederland voortaan instemde met Arabische eisen. Sindsdiensubsidieert de Nederlandse regering o.a. Palestijnse terroristen dieonschuldige burgers opblazen zonder enige schroom. Maar opnieuw uitmonde van een huidige PvdA minister dhr. Koenders kunnen we ons gewetensussen in de wetenschap dat Hamas, Hizbollah e.a. geen terreurgroepenzijn, maar “vrijheidsstrijders”.

Voor de duidelijkheid : Nooit is enig Europees staatsburger omtrenteen dergelijk vennootschap geraadpleegd, dan wel dat deze dit heeftonderschreven. Door middel van formele als wel informeleonderhandelingen hebben de Europese landen nadien een resolutieaanvaardt welke een wapen-embargo tegen Israel inhield. Ookaccepteerden zij een meer terughoudend standpunt aangaande Israël en deinvloed van de Verenigde Staten. Tenslotte kwam Europa met de moslimsovereen om Westerse technologie te verkopen aan islamitische landen(nucleaire technologie, wapens, etc.) in ruil voor ruwe olie. Eenpermanent regerings orgaan werd opgezet om deze Europees-Arabischecoöperatie te staven en te verbeteren. De Linkse doctrine is zogeraffineerd en heeft grotendeels al de gehele publieke opinie vanNederland beïnvloed. Maar laat u niet bij de neus nemen wanneer weer“opgeschoten” jongelui in zwart en Pala sjaal of Groenlinks/SP dan welPvdA in anti-Amerikaanse hysterie hoog van de toren blazen over deoliebelangen van de VS. Immers gaat het Links Europa om hundollar-aandeel in de oliewereld. Gretta Duisenberg woont toch ook nietin een kraakpand?

In de jaren ‘80 begonnen we het al te merken dat in publiekebewegwijzering plotseling naast het Engels nu plotseling rare Arabischekrabbels op bordjes verschenen. Europeanen accepteerden deimplementatie van de Arabische taal, religie, gebruiken en de erkenningvan de zogenaamde hoogstaande cultuur die de Arabische “beschaving”Europa gebracht zou hebben ! Hoeveel moslim Nobelprijswinnaars kennenwij eigenlijk ? Wat voor bijdrage hebben moslims ooit geleverd inkunst, cultuur en wetenschappen ?

Maar goed, het was duidelijk wat voor doelstellingen de Arabieren voor ogen hadden :
- Om bestaande Europese anti-sentimenten tegen de VS en Israel te verhogen.
- Om de specifieke en godsdienstige gewoonten van de grote en groeiende moslim gemeenschappen
binnen Europa te handhaven en uit te breiden.
- Om een culturele beweging in het leven te roepen die de Europese media, publieke opinie,
educatie, universiteiten, etc. zou moeten beïnvloeden ( lees : besmetten ) met Islamitische ideologie
en zogenaamde Arabische beschaving.
Het is een duidelijke vorm van chantage, maar de Europeanen pikten heten gingen in op alle eisen. Wat dat heeft voortgebracht is een grootgat in Manhattan en zien wij dagelijks op straat in Randstad Holland.

In een poging om consequent onderscheid te blijven maken tussenHizbollah’s politieke en charitatieve activiteiten aan de ene kant, enhun terroristische afdelingen aan de andere, heeft de EU welverschillende leden van de Hizbollah op hun lijst van terroristengeplaatst, maar niet de organisatie zelf.Het is reeds door onderzoekvan de anti-fraude afdeling van de EU gebleken dat enige tientallenmiljoenen dollars humanitaire hulp aan de Palestijnen gebruikt is voorterroristische acties die in de afgelopen jaren aan vele Israeli’s hetleven heeft gekost. Zo zijn er onder andere documenten boven watergekomen, ondertekend door Arafat persoonlijk, met duidelijkeinstructies aan het departement van Financiën van de PA om gelden overte maken aan terreurorganisaties. Ook de EU sprak na Hamas’machtsovername in de Gazastrook steun uit voor de regering van de“badmuts” ( aan 2 kanten te dragen ) Abbas. Er waren echter berichtendat sommige EU-landen twijfelen aan de effectiviteit van deboycotkoers. Ze vrezen dat verscherping van de boycot van Hamas onderandere een eind zouden maken aan Europese ontwikkelingsprojecten in deGazastrook.

De Hizbollah in Libanon zal de beide, meer dan een jaar geledenontvoerde, Israëlische soldaten enkel ruilen tegen in Israël gevangenaanhangers. Zonder “onrechtstreekse onderhandelingen” ter garantie vaneen dergelijke ruil zullen de soldaten niet vrijgelaten worden, zeiHezbollahleider sjeik Hassan Nasrallah nog onlangs. Inveiligheidskringen wordt er evenwel vanuit gegaan dat een van beidesoldaten dood is. Wanneer gaat de EU zulke bedragen neertellen voor devrijlating van Ehud Goldwasser, Eldad Regev en Gilad Shalit?

Waarvan Shalit in het bezit is van een Frans paspoort. Sarkozy heeftlaten weten zeer betrokken te zijn met de zaak van de ontvoerde soldaatmaar ondertussen belooft hij dan wel een monster zoals Khadaffinucleaire technologie voor Libie. Ik was in November 2006 aanwezig bijde demonstratie voor de vrijlating van de Israelische soldaten voor hetEU parlement te Brussel samen met wat vrienden. Nadat we gaandeweg doorde Metro van de Belgische hoofdstad eerst spitsroeden moesten lopen enuitgekafferd werden voor Kankerjoden kwamen we aan op een strengbewaakt afgezet stuk van het Robert Schuman plein. In feite eenjammerlijke vertoning dat Joden en pro-Israel organisaties zichkennelijk niet mogen uitspreken en voor hun veiligheid wordensamengedreven binnen de dranghekken. Geen enkele EU parlementariërdurft in deze trieste zaak een duidelijk standpunt in te nemen, laatstaan uit te spreken. Nogmaals een bewijs hoe antisemitische tendensende bovenhand krijgen in Europa en herhaal ik nogmaals dat Jodenvogelvrij verklaard zijn. De EU en haar bevolking tracht deIslamitische krokodil bovenmate te voeden in de hoop dat het roofdierhen niet zal verslinden.
Een grove vergissing die net als een zestal decennia geleden duur betaald zal worden !

http://www.banim.org info over de ontvoerde soldaten met petitie en huidige ontwikkelingen.
Met dank aan Philip Barr voor het meewerken aan dit stuk.

hetvrijewoord

(Artikel geplaatst in de De Volkskrant 20 augustus 2007)

Koran is niet boven kritiek verheven

In 1574 toen het Spaanse leger Leiden belegerde, liet hetstadsbestuur noodgeld drukken met in het Latijn de tekst: ‘Dit is voorde vrijheid’. Een aantal predikanten protesteerde. Het opschrift diendete zijn ‘Dit is voor de godsdienst’. Vanaf de kansel werd een felledonderpreek gehouden tegen het stadsbestuur, waarop de ambtenaar Janvan Hout zijn pistool trok en aan burgemeester Pieter van der Werff deonvergetelijke vraag stelde: “Wil ik hem van de preekstoel lichten?”Gelukkig wist de burgemeester zijn boze ambtenaar van die onbezonnenactie te weerhouden.

De remonstrantse kroniekschrijver Gerard Brandt gaf als commentaar:“Alsof de vrijheid van de religie niet mede onder het woord vrijheidzou zijn begrepen, en alsof ook niet anderen, niet zijnde van degereformeerde religie, zich trouw voor het vaderland hebben ingezet,uit haat voor de inquisitie en de Spaanse regering”. Het is goed onsdit voorval in gedachten te houden als wij spreken over de vrijheid vanmeningsuiting (art. 7 GW) en de reikwijdte van de grondwettelijkevrijheid van godsdienst (art. 6 GW).

Het is ongerijmd dat de vrijheid van meningsuiting aan banden kanworden gelegd met een beroep op de vrijheid van godsdienst. ZoalsGerard Brandt vierhonderd jaar geleden al constateerde, is het begrip‘vrijheid’ veelomvattender dan het beperkte begrip godsdienstvrijheid.De ene vrijheid kan natuurlijk nooit de andere knechten, dan is er geensprake meer van vrijheid. Naar mijn mening wordt de botsing vangrondrechten onnodig veroorzaakt door een te ruime interpretatie vanhet begrip godsdienstvrijheid. Het alledaagse taalgebruik draagthieraan bij: “godsdienstvrijheid’’ is niet hetzelfde als vrijheid vangodsdienst. In het eerste geval wordt de godsdienst zelf beschermd, inhet tweede geval het recht van de burger. De historische betekenis isde burger toe te staan zijn geweten te volgen en de godsdienst van zijnkeuze ‘vrij te belijden’, zoals art. 6 GW zegt. Dat vrij belijdenbetekende niet dat hij zijn godsdienst aan anderen mocht opdringen, ofzelfs maar in het openbaar mocht verkondigen. Katholieken moestenbijvoorbeeld bijeenkomen in schuilkerken. De vrijheid van godsdienst isdus veel beperkter van aard dan de vrijheid van meningsuiting, die eenburger het recht geeft godsdienstige en politieke gedachten niet alleente hebben, maar ook te verkondigen. Het is derhalve een gevaarlijkmisverstand te denken dat het beperken van de vrijheid vanmeningsuiting het begrip en respect voor godsdiensten zou bevorderen.Alleen de vrijheid van meningsuiting schept ruimte in het publieke enwetenschappelijke debat. Zonder deze vrijheid moeten christenen,moslims en andere gelovigen zich weer terugtrekken in schuilkerken enschuilmoskeeën, omdat de mening van de een kwetsend zou kunnen zijnvoor de ander. Een heilloze ontwikkeling. Zonder de vrijheid vanmeningsuiting is een dialoog met andersdenkenden niet mogelijk.Nadenken over godsdiensten kan leiden tot kritiek, maar het is hetonvervreemdbare grondrecht van de burger zich een eigenlevensovertuiging te vormen. Dat individuele grondrecht moet wordenbeschermd, niet de religieuze of politieke overtuiging. Hetchristendom, de islam, het socialisme of het liberalisme zijn nietboven kritiek verheven.

Dat aan het begrip godsdienstvrijheid een verkeerde betekenis wordttoegekend, komt ook door een recente grondwetswijziging. De huidigetekst van artikel 6 GW is: “Ieder heeft het recht zijn godsdienst oflevensovertuiging, individueel of in gemeenschap met anderen, vrij tebelijden, behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet.” Deburger mag zelf de grenzen van de wet opzoeken. Hier is duidelijksprake van een terugtredende overheid. Bijna twee eeuwen lang, tot degrondwetswijziging van 1983, stond daar namelijk: “De Koning waakt, datalle kerkgenootschappen zich houden binnen de palen van gehoorzaamheidaan de wetten van den Staat.”

De overheid heeft het volste recht te controleren oflevensbeschouwelijke organisaties zich houden aan de wet. Wat ditbetreft, bestaat er teveel koudwatervrees bij het onderzoeken vanreligieuze uitingen. Het gaat nadrukkelijk niet om het onderzoeken vantheologische opvattingen, die inderdaad vallen onder de vrijheid vangodsdienst. Zonde is een theologisch begrip. Het heeft te maken metiemands zielenheil. Als je niet in een hiernamaals gelooft, is hetbegrip niet van toepassing. Het heeft niets te maken met het publiekedomein, niemand – burger noch rechter – hoeft zich te verdiepen inwelke heilsleer dan ook.
Het verschil tussen theologie en strafrecht is een van deuitgangspunten bij de scheiding van Kerk en Staat. Helaas niet in deislam, want in de sjaria vloeien deze twee aspecten in elkaar over,zoals blijkt uit dit praktijkvoorbeeld: “Homosexualiteit is zondig, dusmoet de homo worden gedood door hem vanaf het hoogste gebouw tegooien”. Tot de komma is het een theologische opvatting die valt onderde vrijheid van godsdienst, na de komma is het aanzetten tot moord envalt het onder het strafrecht. Het is dan ook idioot dat de imam diedeze uitspraak deed, niet is veroordeeld. Als hij had zich had beperkttot de theologische uitspraak “Homo’s komen niet in de hemel”, was erniets strafbaars gezegd.

Wilders
Natuurlijk mag de Koran in Nederland worden gedrukt en verkocht. Devrijheid van drukpers (art. 7 GW) staat dat uitdrukkelijk toe. Het isonthutsend hoe vaak de vrijheid van godsdienst is aangeroepen als grondvoor verspreiding van de Koran. Vrijheid van godsdienst is geenvrijbrief om anderen te beledigen of te bedreigen. Het is aan derechter om te beoordelen of het christendom, de islam, de Satanskerk ofwelke sekte dan ook, handelen in strijd met de burgerlijke wet. Waaromwordt de islam anders behandeld dan de antroposofische leer van RudolfSteiner, die wel is aangeklaagd wegens racisme? Bijbellezers zijngezagsgetrouw en kunnen daardoor gerust zijn. Hun boek ondermijnt ingeen enkel opzicht de staat. De bloedige episodes in het Oude Testamenthebben uitsluitend theologische en verhalende waarde. Niemand wordt inonze tijd met dood of mishandeling bedreigd. Centraal staan de TienGeboden. De meeste daarvan noemt de Koran ook, met één kardinaalverschil: ‘Gij zult niet doden’ is vervangen door ‘Gij zult ongelovigendoden’. Terroristen kunnen zich daarentegen niet op het christendomberoepen. We kennen allemaal de passages over de linker- en rechterwangtoekeren. Het “heb uw vijanden lief” is andere koek dan de Koran. Hetgebruik van geweld wordt al eeuwen afgekeurd door kerkleiders, maarwaar blijft de fatwa tegen Al Qaida? Ik ben benieuwd naar de rechtszaaktegen Geert Wilders. Knappe rechter die dit cruciale verschil weet wegte poetsen.

Franse minister geeft wapendeal met Libië toe

   

   

Ja,Frankrijk en Libië hebben een wapendeal gesloten, maar nee, dat heeftniets te maken met de vrijlating van de Bulgaarse verpleegkundigen,zegt de Franse minister van Defensie Hervé Morin.

De minister bevestigdevanochtend dat Libië een ‘intentieverklaring’ heeft getekend over deaankoop van antitankraketten. Dat deed hij nadat Libië gisteren algewag van een overeenkomst van 296 miljoen euro had gemaakt.

Geheime wapendeal
Gisteren beweerde de zoon van de Libische dictator Moe’ammar Khaddafi, Seif el-Ilsam Kaddhafi, in de Franse krant Le Monde aldat er sprake was van een geheime wapendeal. De Libiërs zouden ondermeer antitankraketten van Frankrijk gaan kopen ter waarde van 100miljoen euro. Volgens de zoon van Khaddafi speelde de deal een rol bijde vrijlating van de vijf Bulgaarde verpleegkundigen en de Palestijnsearts.

Sarkozy weigerde die uitspraken gisteren te bevestigen. Opde vraag van journalisten welke deal Frankrijk en Libië hadden geslotenover de vrijlating zei hij: ‘Geen.’

Hiv
Het Franse echtpaar Sarkozy bemiddelde bij de vrijlatingvan vijf Bulgaarse verpleegsters en een Palestijnse arts twee wekengeleden. De zes waren in Libië aanvankelijk ter dood veroordeeld omdatze 460 kinderen expres met hiv zouden hebben besmet. In Bulgarijekregen de zes direct gratie.

Bulgarije heeft gisteren alle schulden van Libië (41 miljoen euro) kwijtgescholden.

elsevier

11 October 2008
By on 14:15